ECLI:NL:HR:2004:AP0425
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtvaardiging verplichte pensionering KLM-vliegers op 56-jarige leeftijd
De zaak betreft een KLM-vlieger die zich verzette tegen de verplichte pensionering op 56-jarige leeftijd zoals vastgelegd in de CAO tussen KLM en de Vereniging van Nederlandse Verkeersvliegers (VNV). Hij stelde dat dit leeftijdsonderscheid geen objectieve rechtvaardiging kende en in strijd was met artikel 1 van Pro de Grondwet en artikel 26 van Pro het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR).
De kantonrechter en rechtbank wezen de vorderingen af, waarbij werd geoordeeld dat het onderscheid naar leeftijd gerechtvaardigd is door het legitieme doel van doorstroming binnen de organisatie. Dit doorstromingsbeleid is onderdeel van een samenhangend arbeidsvoorwaardenpakket dat onder meer een voorspelbare pensioenopbouw en salarisstructuur waarborgt.
De Hoge Raad bevestigde deze oordelen en wees het cassatieberoep af. De Raad benadrukte dat het onderscheid naar leeftijd niet per definitie verboden is en dat het pensioenbeleid en de doorstroming een redelijke en objectieve rechtvaardiging vormen. Ook werd overwogen dat het pensioen op 56-jarige leeftijd geen strijd oplevert met het discriminatieverbod, mede gelet op de bijzondere regelgeving voor luchtvaartbevoegdheden. Het beroep werd verworpen en de eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de KLM-vlieger wordt verworpen; verplichte pensionering op 56-jarige leeftijd is objectief gerechtvaardigd.