ECLI:NL:HR:2005:AT6197
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Uitleveringsverzoek aan België ter tenuitvoerlegging vrijheidsstraf afgewezen wegens Nederlands voorbehoud
De zaak betreft een uitleveringsverzoek van het Koninkrijk België aan Nederland voor de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf opgelegd aan een Nederlandse onderdaan. De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten en het onderzoek waarbij de stukken aan de Procureur-Generaal zijn overgelegd voor beantwoording door de Belgische Minister van Justitie.
Tijdens de zitting op 12 april 2005 is een schriftelijke samenvatting van de Advocaat-Generaal overgelegd, waarin wordt gepleit voor de ontoelaatbaarverklaring van het uitleveringsverzoek. De raadsman van de opgeëiste persoon heeft hier schriftelijk op kunnen reageren.
Vervolgens heeft de Belgische Minister van Justitie bevestigd dat het vonnis definitief is geworden en het verzoek dus strekt tot tenuitvoerlegging van de straf. Gezien het Nederlandse voorbehoud bij artikel 7 van Pro de uitleveringsovereenkomst binnen de EU, dat uitlevering van Nederlandse onderdanen voor strafuitvoering verbiedt, verklaart de Hoge Raad het uitleveringsverzoek ontoelaatbaar.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het uitleveringsverzoek ontoelaatbaar wegens het Nederlandse voorbehoud bij art. 7 van de uitleveringsovereenkomst.