ECLI:NL:HR:2005:AU2341
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde serviceflat met verplichte servicekosten
De zaak betreft de vaststelling van de WOZ-waarde van een serviceflat gelegen aan een adres te Z voor de periode 2001-2004. De gemeente Leiden stelde de waarde aanvankelijk op ƒ 241.000 (€ 109.361) vast, waarna na bezwaar de waarde werd bijgesteld naar € 83.664. Het hof verklaarde het beroep van de belanghebbenden gegrond en stelde de waarde vast op ƒ 82.000 (€ 37.209).
De kern van het geschil was of bij de waardering rekening moest worden gehouden met de waardedrukkende invloed van de verplichte servicekosten die eigenaren van serviceflats moeten betalen, ongeacht het gebruik van de diensten. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onbegrijpelijk had geoordeeld door de gerealiseerde verkoopprijzen als uitgangspunt te nemen zonder correctie voor deze waardedrukkende invloed, terwijl deze verplichting een persoonlijke last betreft die de waarde drukt.
De Hoge Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het hofarrest behoudens het onderdeel over griffierecht en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor herbeoordeling met inachtneming van dit arrest. Proceskostenveroordeling werd uitgesloten, en de verwijzingsrechter zal bepalen of vergoeding van proceskosten aan belanghebbenden toekomt.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor herbeoordeling met inachtneming van de waardedrukkende invloed van verplichte servicekosten.