ECLI:NL:HR:2008:BB7032
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart woningstichting niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens appelgrens
Eiser huurt sinds 1993 een appartement van de woningstichting en betaalde maandelijks een bijdrage voor het onderhoud van de groenvoorziening rondom het complex. Hij vorderde bij de kantonrechter een verklaring voor recht dat deze bijdrage ten onrechte werd geheven en terugbetaling van € 473,56.
De kantonrechter wees de vordering toe, maar het hof Arnhem vernietigde dit vonnis en wees de vordering af. Tegen dit arrest stelde eiser cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ambtshalve had moeten beoordelen of hoger beroep openstond, omdat de vordering onder de appelgrens van artikel 332 lid 1 Rv Pro bleef. De verklaring voor recht had geen zelfstandige waarde naast het gevorderde bedrag. Daarom verklaarde de Hoge Raad de woningstichting niet-ontvankelijk in hoger beroep, vernietigde het arrest van het hof en veroordeelde de woningstichting in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de woningstichting niet-ontvankelijk in hoger beroep en vernietigt het arrest van het hof.