ECLI:NL:HR:2008:BC3569
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Vaststelling aanvang verjaringstermijn bij medische aansprakelijkheid na operatieletsel
De zaak betreft een medische aansprakelijkheidsvordering van eiseres tegen het ziekenhuis en de behandelend arts na een operatie waarbij zij een klapvoet opliep door beschadiging van de nervus ischiadicus.
De rechtbank wees de vordering toe, maar het hof verklaarde eiseres niet-ontvankelijk wegens verjaring, stellende dat de verjaringstermijn op de operatiedatum was aangevangen. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat eiseres op de dag van de operatie reeds voldoende zekerheid had dat het letsel door foutief medisch handelen was veroorzaakt.
De Hoge Raad stelt dat de verjaringstermijn pas begint te lopen zodra de benadeelde voldoende zekerheid heeft dat het letsel mede door tekortschietend medisch handelen is ontstaan, en dat eiseres die zekerheid pas verkreeg na deskundigenadviezen in 1999. Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.
De Hoge Raad veroordeelt verweerders in de kosten van het cassatiegeding en benadrukt het belang van een juiste motivering bij het bepalen van het aanvangsmoment van de verjaringstermijn in medische aansprakelijkheidszaken.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.