ECLI:NL:HR:2010:BJ9897
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- W.F. Groos
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Beslissing Hoge Raad over niet-ontvankelijkheid beroep wegens ordeverstoring raadsman
In deze zaak stond het cassatieberoep van verdachte centraal tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep werd de raadsman van verdachte het woord ontnomen vanwege herhaalde ongepaste uitlatingen jegens de rechterlijke macht en het openbaar ministerie, ondanks meerdere waarschuwingen van de voorzitter.
De Hoge Raad oordeelde dat de beslissing van de voorzitter om het woord te ontnemen een maatregel was ter handhaving van de orde op de terechtzitting. Tegen een dergelijke beslissing staat geen beroep in cassatie open, waardoor het beroep in zoverre niet-ontvankelijk is verklaard. Ook de wrakingsbeslissingen zijn niet vatbaar voor cassatieberoep.
De overige middelen van cassatie werden inhoudelijk beoordeeld maar konden niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad verwierp het beroep voor het overige, waarmee het arrest van het hof in stand bleef. Deze uitspraak bevestigt de beperkte toetsingsmogelijkheden van de Hoge Raad ten aanzien van ordehandhaving en wraking in het hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk voor zover het betrekking heeft op ordeverstoring en wraking, en voor het overige verworpen.