ECLI:NL:HR:2010:BM4088
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen meerdere arresten in één verzoekschrift
In deze zaak hebben drie broers als verzoekers cassatieberoep ingesteld tegen drie afzonderlijke arresten van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, die op 20 januari 2010 zijn uitgesproken. Deze arresten betreffen verschillende gedingen waarin de verzoekers als appellanten en de curator als geïntimeerde betrokken zijn. Het hof heeft geen voeging bevolen, terwijl de arresten niet tussen dezelfde partijen zijn gewezen.
De curator heeft in zijn verweerschrift betoogd dat de verzoekers niet-ontvankelijk zijn in hun cassatieberoep, een standpunt dat door de Advocaat-Generaal werd ondersteund. De Hoge Raad heeft dit betoog overgenomen en geoordeeld dat de goede procesorde zich verzet tegen het instellen van een cassatieberoep tegen meerdere arresten in één verzoekschrift wanneer deze niet tussen dezelfde partijen zijn gewezen en niet zijn gevoegd.
De Hoge Raad verklaart daarom het cassatieberoep niet-ontvankelijk en veroordeelt de verzoekers in de kosten van het geding in cassatie. Het arrest is op 9 juli 2010 gewezen door de raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens strijd met de goede procesorde.