ECLI:NL:HR:2011:BP7844
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Geen responsieplicht op niet herhaald verweer in hoger beroep bij verstek
In deze zaak heeft de verdachte cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, gewezen bij verstek in hoger beroep. De verdachte voerde onder meer aan dat het hof ten onrechte niet uitdrukkelijk en gemotiveerd had beslist op verweren en standpunten die in eerste aanleg waren gevoerd maar in hoger beroep niet uitdrukkelijk waren herhaald.
De Hoge Raad oordeelt dat er geen rechtsregel bestaat die de rechter verplicht om te beslissen over verweren die niet uitdrukkelijk in hoger beroep zijn herhaald, ook niet als het hoger beroep bij verstek is behandeld. De omstandigheid dat het hoger beroep gericht was tegen de verwerping van het beroep op noodweer(exces) verandert hier niets aan.
Daarnaast constateert de Hoge Raad dat het hof ten onrechte geen toepassing heeft gegeven aan artikel 27, eerste lid, Sr, door de tijd die de verdachte in voorlopige hechtenis en inverzekeringstelling heeft doorgebracht niet in mindering te brengen op de opgelegde gevangenisstraf. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof voor zover dit betreft en beveelt dat de tijd in voorlopige hechtenis wordt verrekend met de straf. Voor het overige wordt het cassatieberoep verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor zover de tijd in voorlopige hechtenis niet in mindering is gebracht op de straf; het beroep wordt verder verworpen.