ECLI:NL:HR:2011:BR1112
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugwijzingsopdracht en ontvankelijkheid OM in strafzaak
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarbij verdachte was veroordeeld voor vrijheidsberoving, bedreiging en belaging. De Hoge Raad vernietigde eerder het arrest gedeeltelijk en verwees de zaak terug voor hernieuwde strafoplegging.
In het bestreden arrest had het hof zich onthouden van een oordeel over de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie, omdat dit volgens de Hoge Raad niet meer aan het hof was onderworpen. Het hof had echter nagelaten alle voor de strafoplegging relevante omstandigheden mee te wegen, waaronder het beroep op strafvermindering op grond van art. 359a Sv.
De Hoge Raad bevestigt dat de rechter bij terugverwijzing gebonden is aan zijn eerdere beslissing over ontvankelijkheid en dat het hof terecht geen oordeel gaf over dit punt. Wel oordeelt de Hoge Raad dat het hof alle relevante omstandigheden, inclusief het beroep op strafvermindering, had moeten betrekken in zijn oordeel. De bestreden uitspraak wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te Arnhem voor hernieuwde berechting van de strafoplegging.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te Arnhem voor hernieuwde strafoplegging waarbij alle relevante omstandigheden worden betrokken.