ECLI:NL:HR:2011:BR2326
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt beschikking rechtbank over verlening verlof op grond van art. 552p Sv wegens onjuiste maatstaf
In deze zaak betreft het een cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam van 14 augustus 2009 over het verlenen van verlof op grond van artikel 552p, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Dit verlof werd gevraagd naar aanleiding van een Chinees rechtshulpverzoek waarbij een doorzoeking is verricht en stukken van overtuiging in beslag zijn genomen.
De rechtbank had besloten de belanghebbende niet te horen bij de vordering tot verlof, omdat het belang van het onderzoek ernstig geschaad zou kunnen worden indien de betrokkene werd opgeroepen. De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank onjuist heeft geoordeeld door de maatstaf te hanteren dat het onderzoek "ernstig geschaad kan worden" in plaats van "ernstig wordt geschaad" zoals vereist volgens artikel 23, tweede, derde en vierde lid Sv.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden beschikking en verwijst de zaak naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling en beslissing op de bestaande vordering. De uitspraak benadrukt het belang van correcte toepassing van de maatstaf omtrent het horen van procesdeelnemers in raadkamerprocedures, zeker in het kader van internationale rechtshulp en vertrouwelijkheid van onderzoeken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde behandeling.