ECLI:NL:HR:2011:BU5634
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting 1990-2000
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen en boeten opgelegd over de jaren 1990 tot en met 2000 in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen en boeten, maar het hof vernietigde deze uitspraken, verminderde de aanslagen en boeten en schold de verhogingen gedeeltelijk kwijt.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte bepaalde onderdelen van het arrest van 15 april 2011 had miskend, met name met betrekking tot de beoordeling van de boeten. Daarom vernietigde de Hoge Raad het hofarrest voor de jaren 1990-1997 wat betreft de verhogingen en voor 1998-2000 wat betreft de boeten en verwees de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
Daarnaast werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld in de proceskosten van het cassatieberoep en werd belanghebbende het betaalde griffierecht vergoed. De zaak hangt samen met andere zaken in het kader van het Besluit proceskosten bestuursrecht. De Hoge Raad benadrukte dat bij de verdere behandeling ook rekening moet worden gehouden met specifieke onderdelen van het arrest van 15 april 2011.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het hofarrest vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.