ECLI:NL:HR:2013:BW5440
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad legt prejudiciële vragen voor over btw-fraude en toepassing nultarief en aftrek
Belanghebbende, handelend in schoenen en computers, kreeg naheffingsaanslagen opgelegd wegens btw over de jaren 1999 en 2000. Zij bracht btw in aftrek en paste het nultarief toe op intracommunautaire leveringen naar Italië, terwijl de Italiaanse afnemers geen aangifte deden. De Inspecteur stelde dat belanghebbende bewust betrokken was bij btw-fraude, waardoor geen recht op nultarief, aftrek of teruggaaf bestond.
De Rechtbank verklaarde beroepen gegrond en vernietigde de aanslagen, het Hof vernietigde eveneens de aanslagen en oordeelde dat belanghebbende recht had op nultarief en teruggaaf, mede omdat zij steeds juiste informatie aan de Nederlandse belastingdienst verstrekte. De Inspecteur stelde dat fraude in Italië plaatsvond en dat belanghebbende bewust deelnam.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onduidelijkheden vertoonde over de stellingen van de Inspecteur en de rol van belanghebbende en stelde prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie EU over de uitleg van Europese btw-regels, met name over de weigering van nultarief, aftrek en teruggaaf bij betrokkenheid bij btw-fraude, ook indien nationale wetgeving dit niet regelt, en over de betekenis van 'geheven' btw bij intracommunautaire verwervingen.
De Hoge Raad schorst de procedure totdat het HvJ EU uitspraak doet over deze vragen.
Uitkomst: Hoge Raad schorst de procedure en legt prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie EU over btw-fraude en toepassing van nultarief en aftrek.