Uitspraak
gevestigd te Heerlen,
gevestigd te Apeldoorn,
gevestigd te Breda,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
11 december 2015.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond de vraag centraal of de verplichtstelling tot deelneming in het bedrijfstakpensioenfonds voor de groothandel in levensmiddelen van toepassing is op ISPC Breda. De stichting Bpf GIL, als eiseres, had in eerdere instanties gelijk gekregen, maar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch bepaalde anders. Tegen dat arrest stelde Bpf GIL cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van Bpf GIL verworpen. De klachten die in het middel waren aangevoerd, leidden niet tot cassatie omdat zij geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof over de werkingssfeer van de verplichtstelling.
Daarnaast werd Bpf GIL veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, inclusief wettelijke rente over deze kosten indien niet tijdig voldaan. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en vier raadsheren, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer G. de Groot.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Bpf GIL wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.