Belanghebbende exploiteert een multifunctioneel gebouwencomplex met een stadion en een museum. Hij verzorgt rondleidingen die bestaan uit een bezoek aan het stadion en het museum, waarvoor één prijs wordt gevraagd. De vraag was of deze gecombineerde dienst geheel onder het verlaagde btw-tarief valt of dat het algemene tarief geldt.
Het Hof oordeelde dat de rondleiding één ondeelbare dienst vormt waarop slechts één btw-tarief kan worden toegepast, namelijk het algemene tarief omdat het museumbezoek ondergeschikt is aan de stadionrondleiding. Belanghebbende stelde dat het verlaagde tarief ook voor het museumdeel zou moeten gelden, maar dit werd door het Hof verworpen.
De Hoge Raad overweegt dat volgens de rechtspraak van het Hof van Justitie EU normaal gesproken één dienst één btw-tarief kent, maar dat onder voorwaarden verschillende tarieven mogelijk zijn als de dienst uit concrete en specifieke elementen bestaat die afzonderlijk belastbaar zijn. Daarom legt de Hoge Raad een prejudiciële vraag voor aan het Hof van Justitie EU over de uitleg van artikel 12, lid 3, van de Zesde richtlijn betreffende de toepassing van verschillende btw-tarieven op samengestelde diensten.