Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
4.Beslissing
3 april 2018.
Hoge Raad
De verdachte werd door het Hof 's-Hertogenbosch veroordeeld voor doodslag nadat hij een slachtoffer met een mes had gestoken in het halletje van een café. Het Hof verwierp het beroep op noodweer omdat de verdachte zich volgens het Hof aan de aanval had kunnen onttrekken door het café binnen te gaan, maar dit niet had gedaan, wat volgens het Hof duidde op een confrontatiegerichte intentie.
De verdachte verklaarde dat hij werd aangevallen, vluchtte naar het halletje van het café, het mes al in de hand had en uit angst handelde toen het slachtoffer vlak voor hem stond. Hij gaf aan dat hij het mes gebruikte om zich te verdedigen en de aanval te stoppen. De Hoge Raad herhaalt de criteria voor noodweer, waaronder de subsidiariteits- en proportionaliteitseisen, en stelt dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het beroep op noodweer is verworpen.
De Hoge Raad concludeert dat het oordeel van het Hof niet zonder meer begrijpelijk is gelet op de verklaring van de verdachte en de relevante jurisprudentie. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het Hof voor hernieuwde berechting en beslissing.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en wijst zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering afwijzing noodweer.