Conclusie
Zwemmer vraagt zich af:
objectievevrijstelling voor alle deelnemingsvoordelen bevat, kan de
omvangvan die vrijstelling uiteraard
nietworden beïnvloed door het - van
subjectieveaard zijnde -
g.k.g.De omvang van de vrijstelling wordt immers bepaald door het
objectieveverschil tussen de
werkelijkewaarde van de aandelenparticipatie op het tijdstip, waarop - afgezien van verdere eisen voor toepassing van de vrijstelling - het predikaat deelneming is
verworvenen de
werkelijke waardeop het moment waarop dit predikaat komt te
vervallen. Bedoelde waarden dienen derhalve door de moeder op het moment van sfeerovergang
extra comptabelte worden vastgelegd'' (Cursus Belastingrecht (Vennootschapsbelasting) onderdeel 2.16.F, blz. 384b).
totalewinst buiten aanmerking blijven.