ECLI:NL:PHR:2006:AX1647
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw bij ontstaan schuldenlast
De verzoeker tot cassatie had een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, nadat hij en zijn toenmalige echtgenote twaalf woningen hadden gekocht als investering in onroerend goed. De woningen werden beheerd door een familielid, die de hypotheekpremies niet betaalde en de huurinkomsten behield. Hierdoor ontstond een problematische schuldenlast die uiteindelijk niet werd voldaan.
De rechtbank wees het verzoek tot schuldsanering af omdat de schuldenaar niet te goeder trouw was bij het ontstaan en het onbetaald laten van de schulden. Het hof bevestigde dit oordeel en stelde vast dat de schuldenaar zich in een hachelijk financieel avontuur begaf, zonder voldoende inzicht in de risico's en zonder adequate administratie of beheer. Ook werd vastgesteld dat de schuldenaar geen initiatieven nam om de schade te beperken.
De Hoge Raad overwoog dat de maatstaf van goede trouw een gedragsnorm betreft en dat het oordeel van het hof voldoende gemotiveerd was. Klachten over het oordeel dat sprake was van een hachelijk avontuur en over het niet toepassen van een beleidsregel voor schulden van langer dan vijf jaar faalden. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen vanwege onvoldoende onderbouwing.
De Hoge Raad concludeerde dat het hof terecht het verzoek tot schuldsanering had afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw bij het ontstaan van de schulden en bevestigde het bestreden arrest.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling werd afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw bij het ontstaan van de schulden.