ECLI:NL:PHR:2010:BK7043
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel en redelijke termijn
In deze zaak staat de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel centraal, verkregen door medeplegen van het laten werken van personen die zich wederrechtelijk in Nederland bevinden. Het Hof had het voordeel vastgesteld op €180.136 en dit bedrag ter ontneming aan de Staat opgelegd. De verdediging voerde onder meer aan dat de gebruikte branchegegevens van de Kamer van Koophandel niet representatief waren voor de omzet- en winstberekening binnen de betrokken bedrijven.
De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van pleitnotities uit eerste aanleg in hoger beroep niet leidt tot nietigheid, zolang niet blijkt dat deze verweren uitdrukkelijk zijn herhaald. Verder wordt het verweer over overschrijding van de redelijke termijn volgens art. 6 EVRM Pro als summier beoordeeld, maar het Hof had dit tijdsverloop nader moeten motiveren. De Hoge Raad kan zelf voorzien in compensatie voor deze overschrijding.
Betreffende de bewijsvoering en toerekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, bevestigt de Hoge Raad dat het Hof terecht een forfaitaire vermindering toepaste op basis van omzetgegevens en dat de toerekening van het voordeel pondspondsgewijs aan de betrokken natuurlijke personen passend was. De Hoge Raad benadrukt dat het wederrechtelijk verkregen voordeel niet alleen bestaat uit bespaarde premies of belastingen, maar uit de netto-opbrengst van de illegale tewerkstelling, vergelijkbaar met witwassen.
Ten slotte stelt de Hoge Raad vast dat de overschrijding van de termijn voor het indienen van het cassatieberoep en de duur van de procedure aanleiding geeft tot een vermindering van het terug te betalen bedrag. Het arrest wordt vernietigd voor wat betreft de hoogte van het terug te betalen bedrag en de Hoge Raad zal zelf voorzien in de maatstaf voor vermindering.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor wat betreft de hoogte van het terug te betalen bedrag en zal zelf voorzien in vermindering vanwege overschrijding van de redelijke termijn.