ECLI:NL:PHR:2010:BM0142
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging partneralimentatie na vijftien jaar en motiveringsvereisten
Partijen zijn in 1981 gehuwd en in 1992 gescheiden, waarbij de man partneralimentatie aan de vrouw moest betalen. Na vijftien jaar verzocht de man de alimentatie te beëindigen op grond van de Wet limitering alimentatie na scheiding (WLA). De rechtbank wees dit af, maar het hof vernietigde dit en beëindigde de alimentatie per 2007.
De vrouw stelde cassatie in tegen het arrest van het hof, stellende dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met haar arbeidsongeschiktheid en de financiële situatie van de man. De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet voldoende had gemotiveerd waarom de alimentatie definitief kon worden beëindigd, vooral omdat het hof onvoldoende inzicht had in de draagkracht van de man en onvoldoende had meegewogen dat de vrouw vanwege een tijdens het huwelijk gemaakte afspraak niet in aanmerking kwam voor een aanvullende arbeidsongeschiktheidsuitkering.
De Hoge Raad benadrukte dat bij een verzoek tot beëindiging van alimentatie op grond van art. II lid 2 WLA hoge motiveringseisen gelden en dat alle relevante omstandigheden, zowel van de alimentatiegerechtigde als de alimentatieplichtige, moeten worden meegewogen. Het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak verwezen voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde beoordeling.