- het proces-verbaal van verhoor getuige [betrokkene 4] , vader van aangever, voor zover hier van belang inhoudende:
-
Pag. 319-320: “Voor kerstmis 2010 is er bij hem (het hof begrijpt: bij aangever [betrokkene 1] ) in zijn woning te Veldhoven, aan de [a-straat] , een kwekerij opgerold. (...) Na dit voorval met kerst hebben wij hem gewaarschuwd dat hij er mee moest stoppen. Hij heeft toen aangegeven dat hij er niet mee kon stoppen. Achteraf wisten wij dat hij dat toen al met [betrokkene 2] deed.”
Pag. 321 : “Vraag: Verder heeft u tijdens dat gesprek iets verteld over een telefonische bedreiging door [betrokkene 2] . Kunt u daar iets meer over verklaren?
Antwoord: Dit moet geweest zijn op 18 maart 2011.”
Pag. 322: Een kwartier later ging de telefoon en ik noemde niet mijn naam maar zei was ik niet duidelijk?” Ik hoorde toen dat [betrokkene 2] tegen mij begon te schreeuwen. Het was panisch schreeuwen. Hij maakte de opmerking “vuile geldbezitter!”, “ik kom jou opzoeken!”, “je wordt de mijne!” en “ik maak je af!”. Ik ken de stem van [betrokkene 2] en ik herkende direct dat hij het was. Ik herken hem uit duizenden stemmen, vooral door het agressieve in zijn stem. Ik heb hem weggedrukt. Dit herhaalde zich enkele keren dat er steeds opnieuw werd gebeld, tot ik mijn telefoon heb uitgezet.
Onderweg heb ik er met mijn vrouw over gepraat wat we hier mee zouden doen en dat ik me niet liet bedreigen. (...) Ik heb tegen mijn vrouw gezegd, dat ik aangifte wilde doen, omdat ik me echt bedreigd voelde. We waren bang dat hij echt aan de deur zou komen. We zijn in de auto gestapt om naar het politiebureau in Roermond te gaan. Daar aangekomen deden we ons verhaal aan de balie en werden onze gegevens genoteerd. (...) Wij zeiden dat we bang waren omdat we bedreigd waren met de dood.”
Pag. 324. Het werd steeds gebracht alsof ze de opbrengst deelden, maar er werden steeds kosten voor de huizen, zijn eten en sigaretten van zijn deel van de opbrengst afgetrokken. Het kwam er steeds op neer dat hij zo veel boetes kreeg dat hij zelfs schulden opbouwde. Het ging zelfs zo ver dat hij 10.000 euro moest betalen aan [verdachte] , omdat [verdachte] met zijn vrouw op vakantie wilde. De vrouw van [verdachte] , [betrokkene 3] , heeft gezegd dat zij het er mee eens was dat [verdachte] [betrokkene 1] zou afmaken als hij die 10.000 euro niet zou geven, omdat zij anders niet op vakantie konden. [betrokkene 1] zou dit geld bij ons moeten komen halen, maar hij heeft ons niet om dit geld durven vragen.”
Pag. 326: (...) “Dit pand (het hof begrijpt: een woning in Schijndel) was bedoeld voor de zelfde reden als de andere huizen, voor hennep. Loonstroken uit het verleden van [betrokkene 1] werden vervalst en gebruikt om huurcontracten af te sluiten. Een makelaar in Bergeijk heeft het wel geverifieerd en toen ze aan het bouwen waren stond de makelaar voor de deur over de loonstrook, die niet klopte.
[betrokkene 1] is er door [betrokkene 2] voor gestraft, dat het zijn schuld was dat ze er achter waren gekomen, dat de loonstrook niet klopte. Ze hebben de makelaar weggestuurd en die zou de volgende dag terug komen. Ze waren een hennepkwekerij aan het bouwen en die hebben ze in een nacht af moeten breken. [betrokkene 1] schijnt hier later ook behoorlijk voor mishandeld te zijn. (...) Die paar keer dat hij bij ons kwam toen we weinig contact hadden, zagen wij wel eens letsel. Bijvoorbeeld een blauw oog of een verwonding op zijn elleboog.”