Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof onjuist, althans onbegrijpelijk, althans onvoldoende gemotiveerd het onder 1 ten laste gelegde heeft bewezenverklaard. Uit de toelichting op het middel blijkt dat in het bijzonder wordt geklaagd dat het hof het tot vrijspraak strekkende verweer van de verdediging, inhoudende dat er geen sprake was van ontuchtige handelingen, onbegrijpelijk, althans onvoldoende gemotiveerd heeft verworpen.
Overwegingen met betrekking tot het bewijs van feit 1
tweede middelricht zich tegen de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij. Het middel, in samenhang gelezen met de toelichting daarop, lees ik aldus dat wordt geklaagd dat het hof ten onrechte, althans onbegrijpelijk, althans onvoldoende gemotiveerd de toegekende materiële schade, voor zover dit reis en parkeerkosten betreft, heeft toegewezen, terwijl niet de benadeelde partij zelf, maar haar ouders deze kosten hebben gemaakt.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 1]
derde middelbehelst de klacht dat het hof ten onterechte, althans onbegrijpelijk, althans ontoereikend gemotiveerd, de gestelde bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar heeft verklaard.
3 (drie) maanden.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren of ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
Toezicht en Begeleiding, worden gegeven door of namens samen Veilig Midden-Nederland, ook als dat inhoudt
6 (zes) maandenvan de proeftijd verboden is contact te leggen of te laten leggen met [betrokkene 1] .
dadelijk uitvoerbaarzijn.”
Oplegging van straf en/of maatregel
dater naar zijn oordeel ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom een misdrijf als bedoeld in art. 77za Sr zal begaan. Voor de redenen
waaromhet hof tot dit oordeel is gekomen, wijst het op “de vele zorgen die er zijn omtrent de verdachte”. Deze overweging zal, gelet op de gekozen bewoordingen, moeten worden gelezen in de context van de daaraan voorafgaande strafmotivering, waarin wordt gerefereerd aan de zorgen over de opgroei en opvoedingssituatie van de verdachte, zoals die in de over de verdachte uitgebrachte rapportages naar voren komen. Met meer aarzeling kan deze overweging voorts worden gelezen in verband met de mededeling van de advocaat-generaal dat de verdachte nog regelmatig contact heeft met het slachtoffer, waarvan zij veel hinder ondervindt. Verder heeft het hof in zijn strafmaatoverweging tot uitdrukking gebracht dat, nu de verdachte is veroordeeld voor het plegen van ontuchtige handelen, hij is veroordeeld voor (ten minste) één misdrijf dat (evident) is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam een of meer personen. Daarbij komt dat het door het hof opgelegde contactverbod hetzelfde slachtoffer betreft als waarmee de onder 1 bewezenverklaarde ontuchtige handelingen zijn gepleegd. Daarmee is het oordeel van het hof dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom zo een misdrijf zal begaan niet ontoereikend gemotiveerd. [21]