Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
Libidoforte,
Spanish Flyen
Rush Herbal Popperzijn aan te merken als voedingsmiddelen als bedoeld in post a.1 van de bij de Wet op de omzetbelasting 1968 (Wet OB) [1] behorende tabel I (Tabel I), zodat op de levering van die producten het verlaagde tarief voor de omzetbelasting van toepassing is.
Libidoforte,
Spanish Flyen
Rush Herbal Popper. Deze producten dienen voor oraal gebruik en bevatten ook bestanddelen – in hoofdzaak van plantaardige en/of dierlijke afkomst – die eigen zijn aan voor menselijk gebruik bestemde voedingsmiddelen. [4] Voorts verricht belanghebbende diensten, waaronder het vertonen van films en video’s in een filmzaal en in sekscabines. Voor haar activiteiten is zij ondernemer voor de omzetbelasting.
Libidoforte,
Spanish Flyen
Rush Herbal Popper.
Libidoforte), druppels (
Spanish Fly) en een spray (
Rush Herbal Popper). Als bijlagen bij het hoger beroepschrift van belanghebbende zijn de etiketten van de producten, dan wel een beschrijving daarvan, opgenomen. Ik lees in de gedingstukken niet dat de inspecteur de inhoud van deze etiketten bestrijdt.
Libidoforte:
Libidofortestaat:
WAT U MOET WETEN VOORDAT U LIBIDOFORTE INNEEMT
Spanish Flystaat:
Aanbevolen gebruik:Neem 3 ML (15 druppels) onder de tong voor doorslikken, ongeveer 30 minuten voor de activiteit. Neem niet meer dan 3 ml per 24 uur. De dagelijkse aanbevolen portie niet overschrijden.
Ingrediënten per 3 ml:Water, L-Arginine (L-Arginine HCL), Vitamine C (L-Ascorbinezuur), Conserveermiddelen: E211, E202. Dit is een voedingssupplement met L-Arginine en vitamine C. Een voedingssupplement dient niet worden gebruikt als vervanging voor een gevarieerd en evenwichtig voedingspatroon en een gezonde levensstijl. Buiten bereik van kinderen houden. Op een koele, droge plaats bewaren. Net: 15 ml.
Ten minste houdbaar tot einde / Lotnummer:zie onderzijde verpakking.”
Rush Herbal Popper:
Voor cognitieve prestaties en de bloedsomloop, met Ginkgo biloba-extract.
3.Het geding in cassatie
Wandelvierdaagse-arrest (
HR BNB 2007/277 [9] ).
Commissie/Spanje [10] en
Erotic Center [11] .
Commissie/Nederland [12] . De onderhavige producten kunnen in zijn visie niet worden beschouwd als eigenlijke levensmiddelen in de vorenbedoelde zin.
HR BNB 2015/67 [13] ,is dat onjuist. De Staatssecretaris plaatst de door de Hoge Raad in dat arrest gegeven uitleg uitdrukkelijk in relatie tot de in de memorie van toelichting bij de post ‘Pootgoed’ (post a.3) opgenomen vermelding dat championbroed ook daaronder kan worden gerangschikt en de ruime invulling van het begrip ‘groenten en fruit’ (met inbegrip van paddenstoelen). Daarenboven zou de uitleg van het Hof in feite het bepaalde onder post a.1 vermelde onderdeel c met betrekking tot voedingssupplementen – en ook een groot deel van het onderdeel b gestelde – zinledig maken en eveneens uitstraling hebben naar post a.6 inzake geneesmiddelen. Daarom past volgens de Staatssecretaris de door het Hof gevolgde zienswijze niet in de systematiek van Tabel I en evenmin in die van punt 1 van Bijlage III.
4.Het verlaagde tarief in de Btw-richtlijn en de Wet OB
Levensmiddelen(met inbegrip van dranken, maar met uitsluiting van alcoholhoudende dranken)
voor menselijkeen dierlijke
consumptie, levende dieren, zaaigoed, planten en ingrediënten die gewoonlijk bestemd zijn voor gebruik bij de bereiding van levensmiddelen, alsmede producten die gewoonlijk bestemd zijn ter aanvulling of vervanging van levensmiddelen;”
;levende dieren, zaaigoed, planten en ingrediënten
welkegewoonlijk bestemd zijn voor gebruik bij de bereiding van levensmiddelen
;produ
kten die gewoonlijk bestemd zijn ter aanvulling of vervanging van levensmiddelen.”
abedoelde eet- en drinkwaren; met dien verstande dat tot de voedingsmiddelen niet worden gerekend alcoholhoudende dranken;”
Baštová [17] , punt 58). De lidstaten hebben de mogelijkheid de toepassing van dit verlaagde btw-tarief te beperken tot concrete en specifieke aspecten van een in Bijlage III genoemde categorie (zgn. selectieve toepassing; zie onder meer
Oxycure Belgium [18] , punt 26). Wanneer een lidstaat kiest voor selectieve toepassing moet hij het beginsel van fiscale neutraliteit eerbiedigen (zie onder meer
Commissie/Frankrijk [19] , punt 30).
Erotic Center, Commissie/Frankrijk [20] en nogmaals
Oxycure Belgium.
Erotic Center, over de toepassing van punt 7 van Bijlage H bij de Zesde richtlijn, volgt voorts dat begrippen uit die bijlage Unierechtelijke begrippen zijn die volgens de gebruikelijke betekenis en in het licht van hun context in de Zesde richtlijn moeten worden uitgelegd. [21] Het HvJ overweegt onder meer (met mijn cursivering):
volgens de gebruikelijke betekenis van deze woorden moet worden uitgelegd(zie in die zin reeds aangehaalde arresten Commissie/Spanje, punt 20, en Commissie/Duitsland, punt 23).
gelet op de gebruikelijke betekenis van deze woorden en op de aan deze bepaling eigen context waarin zij worden gebruikt, niet aldus kan worden uitgelegd dat het betrekking heeft op de betaling door een consument om individueel een of meer films of nog filmfragmenten te kunnen bekijken in een afgesloten ruimte als de cabines in het hoofdgeding.”
Van Dalewordt onder ‘levensmiddel’ verstaan:
voedingsmiddel, voedingsproduct,BE
voedingswaren”
Commissie/Nederland [22] wijst het HvJ in de punten 41 tot en met 43 op het verschil in betekenis en overweegt vervolgens onder meer:
Bog e.a. [23] , een arrest dat het HvJ (Eerste kamer) een week na
Commissie/Nederland(arrest van de Derde Kamer) heeft gewezen, overweegt het HvJ dat het begrip ‘levensmiddelen’ moet worden uitgelegd tegen de achtergrond van de context waarin het in de Zesde richtlijn wordt gebruikt en dat punt 1 van Bijlage III ziet op levensmiddelen
in het algemeen. In die zaak stond de vraag centraal of de verstrekking van vers bereide spijzen of eetwaren door snackbars, snackwagens of bioscoopfoyers voor onmiddellijke consumptie een levering van goederen dan wel een dienstverrichting betreft. Dit was van belang voor het toe te passen tarief: verlaagd of algemeen. In het geval dat deze prestatie als levering kon worden aangemerkt, was het de vraag of het begrip ‘levensmiddelen’ in bijlage H, categorie 1, van de Zesde richtlijn – de voorloper van punt 1 van Bijlage III bij de Btw-richtlijn – dan in die zin moet worden uitgelegd dat dit ook voor onmiddellijke consumptie bereide spijzen of maaltijden omvat. Met betrekking tot deze laatste vraag overweegt het HvJ (cursivering CE):
Aangezien de Zesde richtlijn het begrip „levensmiddelen” niet definieert, dient dit begrip te worden uitgelegd tegen de achtergrond van de context waarin het in de Zesde richtlijn wordt gebruikt(zie naar analogie arresten van 18 januari 2001, Commissie/Spanje, C‑83/99, Jurispr. blz. I‑445, punt 17, en 18 maart 2010, Erotic Center, C‑3/09, nog niet gepubliceerd in de Jurisprudentie, punt 14).
Commissie/Spanje [24] heeft het HvJ zich uitgelaten over het doel van die bijlage bij de Btw-richtlijn:
Commissie/Spanjeoverweegt het HvJ onder verwijzing naar het hiervoor geciteerde punt 48 dat de toepassing van verlaagde btw-tarieven met name tot doel heeft de kostprijs voor de eindconsument van bepaalde ‘essentiële goederen’ te verminderen. De in die zaak aan de orde zijnde producten (medische en veterinaire hulpmiddelen, apparaten, materialen en uitrusting) worden volgens het HvJ niet door dit doel bestreken, omdat de kostprijs van die producten zelden rechtstreeks wordt gedragen door de eindconsument.
Commissie/Nederland(zie onderdeel 3.7 en 4.14 hiervoor) haalt het HvJ eveneens het doel van Bijlage III aan en overweegt hij dat levensmiddelen essentiële goederen zijn. In die zaak had de Europese Commissie een inbreukprocedure aangespannen omdat Nederland het verlaagde tarief toepaste op de levering, invoer en intracommunautaire verwerving van bepaalde levende dieren, met name paarden. Het HvJ overweegt onder meer (cursivering CE):
Levensmiddelen, die aan het begin van bijlage III, nog voor „waterdistributie” en „farmaceutische producten”, zijn vermeld, vormen essentiële goederen. Door het mogelijk te maken dat levensmiddelen aan een verlaagd btw-tarief en niet aan een normaal btw-tarief kunnen worden onderworpen, heeft de wetgever van de Unie deze goederen minder duur willen maken en dus toegankelijker voor de eindconsument, die de btw uiteindelijk draagt(zie met name arresten van 3 oktober 2006, Banca popolare di Cremona, C‑475/03, Jurispr. blz. I‑9373, punt 22, en 11 oktober 2007, KÖGÁZ e.a., C‑283/06 en C‑312/06, Jurispr. blz. I‑8463, punt 30). Om deze doelstelling ten volle te verwezenlijken heeft de wetgever van de Unie logischerwijze de toepassing van dit verlaagde btw-tarief uitgebreid tot bestanddelen die weliswaar zelf geen levensmiddelen zijn, maar gewoonlijk bestemd zijn voor gebruik bij de bereiding van levensmiddelen.
CPP [25] overwogen dat er geen reden is om de term ‘verzekering’ anders uit te leggen naargelang hij in de Unierechtelijke verzekeringsrichtlijn dan wel in de Zesde richtlijn wordt gebruikt.
bestemd is voor drinken, koken, voedselbereiding of andere huishoudelijke doeleinden, ongeacht de herkomst en of het water wordt geleverd via een distributienet, uit een tankschip of tankauto, of in flessen of verpakkingen;
Commissie/Nederlandis ook de vraag behandeld of uit een andere Europese regeling dan de Btw-richtlijn kan worden afgeleid dat een paard volgens de wetgever van de Unie gewoonlijk bestemd is voor gebruik bij de bereiding van levensmiddelen:
Commissie/Nederland: Vo. 178/2002 geeft een definitie van wat onder ‘levensmiddel’ wordt verstaan. Het gaat er niet vanuit dat een goed een ‘levensmiddel’ is om daar vervolgens eisen aan te stellen. Ik zie daarom niet in dat het verschil in doel van Vo. 178/2002en de Btw-richtlijn eraan in de weg zou staan om de in de verordening opgenomen definitie te gebruiken om de reikwijdte van punt 1 van Bijlage III te bepalen.
Libidoforte,
Spanish Flyen
Rush Herbal Popperwordt naar mijn mening duidelijk niet voldaan aan het in dit arrest bedoelde aandienings- of toedieningscriterium. De producten worden niet gepresenteerd als zijnde geschikt voor en behulpzaam bij het voorkomen van ziekte, gebrek, wond of pijn bij de mens. Wat de producten precies doen of welke beoogde werking zij hebben, kan ik niet afleiden uit de etiketten. Wel lees ik in de gebruiksaanwijzing van
Libidoforte(zie onderdeel 2.5) dat dit product kan worden ingenomen om de seksuele activiteit te ondersteunen, maar op de etiketten van
Spanish Flyen
Rush Herbal Poppervalt niet veel meer te lezen dan dat het om een voedingssupplement gaat. Ik zie daarom niet in waarom de onderhavige producten als geneesmiddel zouden kunnen worden aangemerkt. Uit de stukken leid ik af dat belanghebbende de producten niet als geneesmiddel beschouwt, maar als voedingssupplement. Ik laat het verlaagde tarief voor geneesmiddelen daarom verder buiten beschouwing.
Commissie/Nederland, punt 58, en
Bog, punt 84). Die strikte uitleg gaat echter niet zo ver dat enkel voedzame stoffen en producten onder het begrip ‘levensmiddelen’ kunnen worden geschaard. IJsjes en snacks (zie onderdeel 4.12), maar ook banketbakkerswaren en gebak (zie de zaak
AZ [29] ) vallen daar immers ook onder. Dat de uitleg niet uiterst strikt moet plaatsvinden volgt voorts uit
Bog, in welk arrest het HvJ overweegt dat de betrokken bepaling ziet op ‘levensmiddelen in het algemeen’. Wanneer het doel van Bijlage III in ogenschouw wordt genomen, moet het gaan om ‘essentiële goederen’. Anders dan in
Commissie/Spanjegeldt voor de onderhavige producten dat de kostprijs van die producten rechtstreeks wordt gedragen door de eindconsument (zie onderdeel 4.19). Het is de vraag of de Uniewetgever voor ogen heeft gehad om goederen als de onderhavige, capsules (
Libidoforte), druppels (
Spanish Fly) en spray (
Rush Herbal Popper), die primair zijn bedoeld om (seksuele) lust op te wekken, minder duur te willen maken en dus toegankelijker voor de eindconsument. Om nu te zeggen dat de onderhavige producten bijzonder noodzakelijk geachte goederen zijn, gaat wel ver. Hetzelfde kan echter worden gezegd van producten als chocolade, oesters en ginseng, waarvan wel wordt beweerd dat ze als een (natuurlijk) afrodisiacum werken, of van (ander) snoepgoed, waarvan buiten kijf is dat die producten onder het begrip ‘levensmiddelen’ kunnen worden geschaard. De wijze waarop deze producten worden genuttigd en de bijeffecten van een product (de lustopwekking) zijn naar mijn mening, mede gelet op de tekst van punt 1 van Bijlage III waarin dergelijke beperkingen niet zijn opgenomen, niet van belang. Een en ander afwegende, meen ik dat het voor de uitleg van ‘levensmiddelen (…) voor menselijke (…) consumptie’ in de rede ligt aan te sluiten bij de definitie van het begrip ‘levensmiddel’ in Vo. 178/2002 (“alle stoffen en producten verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om door de mens te worden geconsumeerd of waarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij door de mens worden geconsumeerd”). Ik acht het buiten redelijke twijfel dat die definitie de gebruikelijke betekenis van het begrip ‘levensmiddelen (…) voor menselijke (…) consumptie’ weergeeft en dat deze past binnen de context van de Btw-richtlijn.
Wandelvierdaagse-arrest (zie onderdeel 3.5 hiervoor). In deze zaak ging het om een belanghebbende die jaarlijkse vierdaagse wandelevenementen organiseerde. In geschil was of belanghebbendes prestaties onder het begrip ‘geven van gelegenheid tot sportbeoefening’ in post b.3 van Tabel I vallen zodat deze kunnen worden belast naar het verlaagde tarief. De Hoge Raad overwoog (cursivering CE):
Dit is slechts anders indien in zulke toelichtingen of uitlatingen ondubbelzinnig uitdrukking is gegeven aan de welbewuste bedoeling om de nationale regeling te doen afwijken van hetgeen waartoe de richtlijn zou verplichten of de vrijheid zou laten.”
Snoepgoed valt uiteraard onder de term «eet- en drinkwaren». Genotmiddelen zoals pruimtabak en opiaten daarentegen niet.
die plegen te worden aangewendvoor menselijke consumptie’ en wijkt in zoverre af van de tekst van punt 1 van Bijlage III waar gesproken wordt van ‘levensmiddelen (…) voor menselijke (…) consumptie’.
Oxycure Belgium.
POST A 1
a1, onderdeel
a(eet- en drinkwaren). De onderdelen
ben
cvan de post zijn opgenomen om te bereiken dat deze producten, als zij niet rechtstreeks kunnen worden aangemerkt als eet- en drinkwaren, ook vallen onder het begrip voedingsmiddelen. Met voedingsmiddelen worden alleen producten bedoeld die zijn bestemd voor oraal gebruik. De vorm van voedingsmiddelen is niet van belang; zowel verse, bereide als verduurzaamde voedingsmiddelen vallen onder de post.
a28 valt maar dat specifiek als voedingsmiddel herkenbaar is, bijvoorbeeld gesteriliseerd en gedemineraliseerd water dat wordt gebruikt voor het aanlengen van babyvoeding en dat ook geschikt is om direct door baby’s te worden gedronken.
avan de post bedoelde eet- en drinkwaren. Deze producten kunnen mogelijk niet in de strikte zin van het woord worden beschouwd als een voedingsmiddel, maar het is wenselijk dat zij toch daaronder worden begrepen. Te denken valt aan voedingspreparaten en/of voedingssupplementen zoals vitaminen, mineralen, kruidenpreparaten, vermageringsproducten en vezeltabletten. Voor eventuele afbakeningsproblematiek wordt nog verwezen naar de eerder genoemde aansluiting bij de Warenwetgeving.
HR V-N 2015/29.21, was post a.1 aan de orde. Uit deze arresten kan worden afgeleid dat ‘eetbaarheid’ voldoende is om producten aan te merken als ‘bestemd voor menselijke consumptie’. Wat opvalt is dat de Hoge Raad zijn oordeel in deze arresten baseert op de nationale wetshistorie. In haar annotatie bij BNB 2015/67 is Hummel (BNB 2015/67) kritisch daarover (opgenomen zonder voetnoten):
Libidoforte), druppels (
Spanish Fly) en sprays (
Rush Herbal Popper) ten onrechte heeft aangemerkt als eet- en drinkwaren die plegen te worden aangewend voor menselijke consumptie.