Conclusie
middelvalt in twee klachten uiteen. Volgens de eerste klacht kan uit het ontnemingsvonnis bezwaarlijk anders volgen dat het Hof de beslissing met betrekking tot het wederrechtelijk verkregen voordeel niet slechts heeft gebaseerd op wettige bewijsmiddelen, maar ten onrechte ook heeft ontleend “aan hetgeen uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken”. De tweede klacht houdt in dat het Hof niet met voldoende mate van nauwkeurigheid de wettige bewijsmiddelen heeft aangeduid waaraan het zijn oordeel ontleent.
Wederrechtelijk verkregen voordeel en op te leggen betalingsverplichting
Ontnemingsbedrag
NJ2016/430 m.nt. Van Kempen: