Conclusie
Nummer19/02851
Het cassatieberoep
De zaak
De middelen
eerste middelhoudt de klacht in dat de door het hof tot het bewijs van het onder 1 ten laste gelegde (medeplegen van) gewoontewitwassen gebezigde bewijsmiddelen niet redengevend zijn en/of dat daaruit niet kan volgen dat de in de bewezenverklaring genoemde geldbedragen van misdrijf afkomstig zijn en/of, voor zover dat laatste wel het geval zou zijn, dat de verdachte daarvan wetenschap (al dan niet in de vorm van voorwaardelijk opzet) had.
NJ2019/298 m.nt. Rozemond zijn rechtspraak over het bestanddeel “afkomstig uit enig misdrijf” als bedoeld in de witwasbepalingen (art. 420bis e.v.) als volgt samengevat:
tweede middelbehelst de klacht dat uit de bewijsmiddelen niet kan volgen – ook niet in het verband van de bewijsoverwegingen van het hof – dat sprake is van een criminele organisatie en/of dat de verdachte aan een criminele organisatie heeft deelgenomen.
derde middelhoudt de klacht in dat de inzendtermijn is overschreden.