Conclusie
Nummer18/04339
Het cassatieberoep
De zaak
Bespreking van de cassatiemiddelen
eerste middelkomt met twee deelklachten op tegen de bewezenverklaring van het onder 2 en 7 ten laste gelegde.
Voorafgaande opmerkingen
Ereschuld
Overweging hof
€ 55.112.35 +
[betrokkene 1] is bestuurder van de drie vennootschappen.
”
"De leden van de SP-fractie vroegen mij om meer voorbeelden te geven van private omkoping die op dit moment niet, maar met de verruimde strafbaarstelling wél strafbaar zijn. Het voorstel behelst een verruiming van de strafbaarstelling van private omkoping door anders dan thans het geval, het handelen in strijd met de plicht door een werknemer of lasthebber centraal te stellen in de delictsomschrijving. Hiermee worden ook andere oneigenlijke gedragingen in de private sector strafbaar naast het in strijd met de goede trouw verzwijgen van een gift, belofte of dienst, waartoe de werkingssfeer van artikel 328ter Sr zich thans beperkt. Door de verbreding van het toepassingsgebied van de delictsomschrijving komen bijvoorbeeld gedragingen als het aannemen van giften om te handelen in strijd met de beroepsregels die van toepassing zijn voor een bepaalde branche onder de reikwijdte van de strafbaarstelling. Te denken valt aan accountants die zich laten betalen om bij hun onderzoek van boeken gebleken onjuistheden door de vingers te zien, advocaten die zich laten betalen om stukken te antedateren of medici die geld aannemen om een bepaald medicijn voor te schrijven. "
opdrachtgeveren ondergeschikte of lasthebber op de voorgrond is geplaatst, konden aanvaarden.” En “Het al of niet verzwijgen van de gift of van de belofte tegenover de werkgever of de
opdrachtgeveris, zo meenden zij, voor een omkoper in menig geval van weinig of geen betekenis; het gaat hem er immers in de eerste plaats om, door middel van een schenking iets te bereiken.”
derde middelkomt met twee deelklachten op tegen de bewezenverklaring van het onder 3, 8, 10 en 12 bewezen verklaarde.
[betrokkene 1] is bestuurder van de drie vennootschappen.
[O] (hierna: [O] )(…)
is de eigen pure holdingmaatschappij van [betrokkene 4] . [betrokkene 4] is de feitelijk leidinggevende van deze vennootschap.(…)
verklaart dat hij feitelijk leidinggevende is van [medeverdachte 6] (hierna: [medeverdachte 6] ).
”
valselijk zijn opgemaakt. Daarbij is van belang dat de facturen betrekking hadden op de betaling voor de onderling gemaakte afspraken. Anders dan de omschrijvingen op de facturen suggereren, werden met de facturen dan ook geen adviezen of andere werkzaamheden in rekening gebracht, zoals dit is overwogen bij de niet-ambtelijke omkoping. Aan de hand van de omschrijving op de facturen kan dus niet worden afgeleid op welke onderliggende afspraken en betalingen de facturen in werkelijkheid betrekking hadden. De facturen zijn opgemaakt ten behoeve van de verzwegen omkoping en de bijbehorende betaalstroom en zijn bedoeld om deze betalingen een titel te verschaffen. Met de opgenomen valse omschrijvingen is de werkelijke aard van deze betaalstroom verhuld.
tweede middelkomt met drie deelklachten op tegen de bewezenverklaring van het onder 13 ten laste gelegde gewoontewitwassen.
7.4 Nadere bewijsoverwegingen
”
vierde middelbevat de klacht dat de strafoplegging onbegrijpelijk is, aangezien het hof in zijn strafmotivering feiten heeft betrokken waarvan de verdachte is vrijgesproken. Nu het tweede middel doel treft, kan het vierde middel buiten bespreking blijven.