Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
eerste middelklaagt dat het hof heeft miskend dat er geen sprake was van een toelaatbaar herstelvonnis, omdat in het (eerdere) vonnis van de rechtbank geen sprake is van een onmiddellijk kenbare fout, verschrijving of verrekening.
strafopleggingwordt toegevoegd:
tweede middelklaagt dat het hof het vonnis van 31 mei 2018 niet heeft aangemerkt als een tussenvonnis en het herstelvonnis als een eindvonnis waartegen binnen twee weken na kennisname hoger beroep kon worden ingesteld.
derde middelklaagt dat het hof de verdachte niet-ontvankelijk heeft verklaard in het door hem ingestelde hoger beroep nu “sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding door een ‘apparaatsfout’”.