ECLI:NL:PHR:2021:545
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verwerping beroep noodweer en vernietigt beslissing proceskosten
De verdachte werd door het hof Amsterdam veroordeeld wegens poging tot zware mishandeling en mishandeling met een voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf. Het hof wees tevens een schadevergoedingsmaatregel toe aan de benadeelde partij.
De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof ten onrechte het beroep op (putatief) noodweerexces had verworpen. Het hof had geoordeeld dat niet aannemelijk was dat de benadeelde de verdachte van de trap wilde duwen en dat er geen noodweersituatie was. De Hoge Raad oordeelde dat het hof deze beslissing voldoende had gemotiveerd en het middel faalde.
Het tweede middel betrof de proceskostenvergoeding aan de benadeelde partij. Het hof had de volledige gevorderde kosten toegewezen, maar zonder de afwijking van het toepasselijke liquidatietarief te motiveren. De Hoge Raad stelde dat bij vergoeding van werkelijke kosten boven het liquidatietarief een motivering vereist is. Omdat het hof dit naliet, vernietigde de Hoge Raad het arrest voor dit onderdeel en verwees de zaak terug.
De Hoge Raad vond geen aanleiding voor vernietiging van het overige en liet de strafrechtelijke veroordeling in stand.
Uitkomst: Het beroep op noodweer werd verworpen, maar het arrest werd vernietigd voor het onderdeel proceskosten wegens onvoldoende motivering.