Conclusie
middelziet op de vrijspraak van het onder 2 tenlastegelegde.
(Zaakdossier 0 en uitvoering rechtshulpverzoeken 002 en 004)
(Zaakdossier 2)
(Zaakdossier 0 en uitvoering rechtshulpverzoeken 002 en 004)
(Zaakdossier 3)
(Zaakdossier 5)
(Zaakdossier 4)
De aan de verdachte ten laste gelegde schending van de meldplicht is toegesneden op art. 8 lid 1 van Pro de genoemde verordening. Deze bepaling luidt: ‘De marktdeelnemers stellen de bevoegde instanties onverwijld in kennis van elk voorval, zoals ongewone orders voor of transacties met geregistreerde stoffen, dat erop kan wijzen dat deze in de handel te brengen stoffen wellicht worden misbruikt om verdovende middelen of psychotrope stoffen op illegale wijze te vervaardigen. Daartoe verstrekken de marktdeelnemers alle beschikbare informatie aan de hand waarvan de bevoegde instanties de legitimiteit van de desbetreffende order of transactie kunnen verifiëren’. De in de tenlastelegging voorkomende termen, zoals ‘marktdeelnemers’ en ‘voorval’, moeten daarom worden geacht te zijn gebruikt in dezelfde betekenis als daaraan toekomt in (artikel 8 lid 1 van Pro) de genoemde verordening.
Artikel 1
6 bis. Marktdeelnemers die houder zijn van een registratie, leveren geregistreerde stoffen van subcategorie 2A van bijlage I alleen aan andere marktdeelnemers of gebruikers die zelf houder zijn van een dergelijke registratie en die een afnemersverklaring als bedoeld in artikel 4, lid 1, hebben ondertekend.
(…)
Artikel 9
Guidance document agreed between the Commission services and the competent authorities of Member States on the implementation of the Community legislation on drug precursors‘. [12] De opgestelde teksten zijn niet (juridisch) bindend voor de bevoegde autoriteiten van de lidstaten; het document geeft de mening weer van de betrokken ‘
Commission services’; ook de Commissie is er niet aan gebonden. [13]
• Onaangekondigd bezoek door uw nieuwe klant.
• Een klant die de producten direct meeneemt.
• Een klant die weigert de order te ondertekenen of weigert zich op uw verzoek te legitimeren.
• Een klant die geen adres en vast telefoonnummer of ongebruikelijke contactgegevens geeft.
• Een klant zonder vestigingsplaats, kantooradres of opslagplaats.
• Een klant die geen lid is van een handels- of producentenorganisatie.
• Een klant die niet eenvoudig uit een trade-directory (handelssysteem) kan worden gehaald.
• Onregelmatig bestelpatroon.
• Betaling in contanten, per cheque of postwissel.
• Orders uit het buitenland met inconsistentie(s) rond de betaling.
• Orders van bekende klanten, waarbij levering aan een natuurlijk persoon wordt gevraagd.
• Gebruik van bevrachter of douaneagent als uiteindelijke klant.
• Verzoek tot levering aan een tussenpersoon van wie de vestigingsplaats onverenigbaar lijkt met de beweerde vestigingsplaats van de eindgebruiker.
• Kopen in kleine verpakkingen terwijl normaal gebruik industrieel is.
• Levering via een ongebruikelijke transit-route.
• Levering op een ongebruikelijk afleveradres of afleverlocatie.
• Vraag om levering in niet-commerciële of niet-gemerkte verpakking.
• Orders voor chemicaliën waar de leverings- en/of de transportkosten niet in verhouding staan tot de waarde van de goederen.
• Indicatie van gebruik komt niet overeen met bestelde goederen.
• Export naar landen waar geen normaal gebruiksdoel aanwezig is.
• Orders door bedrijven die geen gebruiksdoel voor de goederen hebben.
• Orders van meer dan één precursor of essentiële stof.
• Orders waarbij geregistreerde stoffen voorkomen in een lange lijst van niet-geregistreerde stoffen (en daarom minder of niet opvallen).’
(Zaakdossier 2)
(Zaakdossier 0 en uitvoering rechtshulpverzoeken 002 en 004)
- vervolgens met voornoemd voertuig
(...) Wat ik meenam en betaalde, werd op mijn naam gezet.
zie hiervoor proces-verbaal bevindingen: herkenning stem [verdachte] : het hof leest hierna in plaats van de naam ‘' [betrokkene 2] ' telkens ' [verdachte] ') een nieuwe afspraak met [betrokkene 6] (+ [telefoonnummer 4] (…) op de gebruikelijke plek te Maastricht ("restaurant") voor de volgende dag om 10.00 uur.
Ik baseer mijn redelijk vermoeden op de volgende feiten en omstandigheden:
het hof begrijpt: 10 december 2015) [betrokkene 6] zich inderdaad naar de plaats van de afspraak heeft begeven in zijn tweede voertuig Mercedes, waar hij de kentekenplaten van zijn Renault Kangoo op had aangebracht.
27 november 2015
noot vertaler: zin eindigt hier).
het hof begrijpt: het hierboven genoemde perceel aan de [y-straat]) is autoverhuurbedrijf [betrokkene 11] , genaamd [H] .
11 december 2015
Inleiding