ECLI:NL:PHR:2022:371

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
19 april 2022
Publicatiedatum
14 april 2022
Zaaknummer
21/01206
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 140 SrArt. 141 SrArt. 157 SrArt. 284 SrArt. 285 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling deelname aan criminele organisatie Hells Angels Haarlem

De zaak betreft de deelname van verdachte aan de Hells Angels Haarlem, een organisatie met een gestructureerde opzet en het oogmerk het plegen van strafbare feiten zoals openlijke geweldpleging, brandstichting, afpersing en wapenbezit. Het hof stelde vast dat de organisatie een bedreigende en gewelddadige reputatie heeft, waarbij strafbare feiten worden beloond en aangemoedigd.

Bewijs bestond uit tapgesprekken, getuigenverklaringen en financiële gegevens die de duurzame structuur van de organisatie en de betrokkenheid van verdachte aantonen. Verdachte was lid met een duidelijke rol en nam deel aan vergaderingen waar beslissingen over strafbare feiten werden genomen. Ook droeg hij bij aan het criminele oogmerk door wachtlopen, betalingen voor gedetineerde leden en het betalen van contributie.

De verdediging voerde aan dat verdachte niet wist van het criminele oogmerk en slechts achteraf kennis had van strafbare feiten, maar het hof verwierp dit op grond van de bewijsmiddelen. Het hof concludeerde dat verdachte wetenschap had van het oogmerk en een bijdrage leverde aan de organisatie. Verdachte werd veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met aftrek van voorarrest.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, wegens deelname aan een criminele organisatie.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer21/01206
Zitting19 april 2022
CONCLUSIE
B.F. Keulen
In de zaak
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969,
hierna: de verdachte.
De verdachte is bij arrest van 10 maart 2021 door het Gerechtshof Amsterdam wegens ‘deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven’ veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en met aftrek van voorarrest als bedoeld in art. 27, eerste lid, Sr. Het hof heeft voorts een aantal voorwerpen verbeurdverklaard en de teruggave gelast van een aantal inbeslaggenomen voorwerpen.
Er bestaat samenhang met de zaken 21/01219, 21/01309, 21/01312, 21/01271, 21/01305 en 21/01272. In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. Mr. D.N. de Jonge, advocaat te Rotterdam, heeft één middel van cassatie voorgesteld.
Het middel bevat bewijsklachten. Voordat ik het middel bespreek, geef ik de bewezenverklaring, de bewijsoverwegingen en een deel van de in de aanvulling opgenomen bewijsmiddelen weer, en maak ik nog een aanvullende opmerking.

Bewezenverklaring, bewijsoverwegingen en bewijsmiddelen

5. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:
‘hij in de periode van 01 mei 2014 tot en met 26 januari 2017 te Haarlem en elders in Nederland heeft deelgenomen aan een organisatie, welke organisatie bestond uit:
- Hells Angels, charter Haarlem (gevormd door: verdachte en [betrokkene 1] en [betrokkene 2] en [betrokkene 3] en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] ) en
- Stichting Hells Angels Haarlem en
- [betrokkene 4] ,
welke organisatie het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft, te weten één of meer misdrijven omschreven in:
- artikel 141 van Pro het Wetboek van Strafrecht (het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen of goederen) en
- artikel 157 van Pro het Wetboek van Strafrecht (het opzettelijk brand stichten of een ontploffing te weeg brengen) en
- artikel 284 van Pro het Wetboek van Strafrecht (een ander door geweld of enige andere feitelijkheid of bedreiging met geweld of bedreiging met enige andere feitelijkheid, gericht tegen die ander of tegen een derde wederrechtelijk dwingen iets te doen of niet te doen of te dulden) en
- artikel 285 van Pro het Wetboek van Strafrecht (bedreiging met openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen of goederen en/of bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, zware mishandeling of brandstichting) en
- artikel 300 van Pro het Wetboek van Strafrecht (mishandeling) en
- artikel 301 van Pro het Wetboek van Strafrecht (mishandeling gepleegd met voorbedachte raad) en
- artikel 302 van Pro het Wetboek van Strafrecht (zware mishandeling) en
- artikel 303 van Pro het Wetboek van Strafrecht (zware mishandeling gepleegd met voorbedachte raad) en
- artikel 304 aanhef Pro en onder sub 2 van het wetboek van strafrecht (mishandeling, mishandeling met voorbedachte raad en/of zware mishandeling van een of meer ambtenaren gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn / hun bediening) en
- artikel 317 van Pro het Wetboek van Strafrecht (afpersing) en
- artikel 26 van Pro de Wet Wapens en Munitie (voorhanden hebben van (een) wapen(s) en munitie van de categorie(ën) II en III van de Wet wapens en munitie).’
6. Het hof heeft in het bestreden arrest het volgende overwogen (met overneming van voetnoten):
‘Standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat de aan de verdachte tenlastegelegde deelname aan een criminele organisatie bewezen dient te worden verklaard, met dien verstande dat het niet bewezen kan worden dat de organisatie - tevens - het oogmerk heeft tot het plegen van misdrijven als bedoeld in de artikelen 141a, 170, 287, 289 en 312 Sr.
Standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft namens de verdachte vrijspraak bepleit van het aan hem tenlastegelegde, nu dit niet wettig en overtuigend kan worden bewezen. Zij heeft daartoe – kortgezegd – het volgende naar voren gebracht.
De verdachte heeft niet bijgedragen aan de bedreigende en gewelddadige reputatie van de Hells Angels Haarlem nu hij geen aandeel heeft gehad in de strafbare feiten die – door de medeverdachten [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] – zijn gepleegd. De reputatie die hierdoor is ontstaan is toe te schrijven aan de drie voornoemden. Van (een groot deel van) de feiten raakte de verdachte pas achteraf na het lezen van het dossier op de hoogte. Voorts heeft de verdachte verklaard over de betekenissen van de verschillende patches, symbolen en de oorkonde, die zouden hebben bijgedragen aan de beloning van geweld. Dat aan de patch ‘dequiallo’, die de verdachte droeg en waarover hij een verklaring heeft afgelegd, ook een andere betekenis kan worden toegekend, wordt niet onderschreven door zijn strafblad. Evenmin blijkt uit het dossier dat de verdachte deze patch van de club heeft gekregen. Met de overige patches en symbolen had de verdachte niets en hij droeg deze ook niet. De gepleegde strafbare feiten zijn enkel terug te voeren
op [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] . De feiten zijn niet te relateren aan de club en de naam van de verdachte komt amper voor in het dossier. Als door de komst van de ‘jonge garde’ (hof: [betrokkene 1] , [betrokkene 3] en [betrokkene 2] ) het oogmerk enige tijd is veranderd in het plegen van misdrijven, dan is dat er langzaam in geslopen en slechts het oogmerk geweest van deze drie personen, niet van de verdachte. Gelet op het bovengenoemde wordt niet voldaan aan het vereiste oogmerk.
Voorts kan niet bewezen worden dat de verdachte heeft deelgenomen aan een criminele organisatie. De verdachte heeft niet in zijn algemeenheid geweten dat een drietal leden binnen de organisatie tot oogmerk had het plegen van strafbare feiten, nu hij geen concrete wetenschap had van strafbare feiten maar hooguit vermoedens en van sommige feiten wetenschap achteraf. De verdachte heeft geen substantiële bijdrage geleverd aan de strafbare feiten die in clubverband zouden zijn gepleegd. De vergadering in het clubhuis op 16 september 2016, waarvan de verdachte betwist dat hij daarbij aanwezig was, ondersteunt dit evenmin. Uit het dossier blijkt dat de verdachte en de andere leden van de Hells Angels Haarlem zijn opgetreden zodra strafbare feiten hun bekend zijn geworden. Dat dit op eerdere momenten niet het geval is geweest, kan naar het oordeel van de verdediging niet uit het dossier worden afgeleid, nu gesprekken ook elders (dan op de tap) kunnen hebben plaatsgevonden.
Beoordeling door het hof
Voor beantwoording van de vraag of de verdachte (hierna ook: [verdachte] ) zich in de ten laste gelegde periode schuldig heeft gemaakt aan deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, zal het hof hierna de bestanddelen “organisatie”, “oogmerk van de organisatie” en “deelneming aan de organisatie” bespreken.
Het hof verwijst in een deel van de tekst van deze beoordeling met noten naar de betreffende bewijsmiddelen. Voor zover in de tekst geen noten zijn opgenomen, blijken de betreffende bewijsmiddelen uit de bijgevoegde bewijsmiddelenbijlage. De bewijsmiddelen uit de noten staan in beginsel niet in de bewijsmiddelenbijlage vermeld, maar in een aantal gevallen is sprake van een dubbele vermelding.
Organisatie
Beoordelingskader
Volgens vaste jurisprudentie moet onder een organisatie als bedoeld in artikel 140 Sr Pro worden verstaan een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen de verdachte en tenminste één andere persoon. Niet is vereist dat daarbij komt vast te staan dat een persoon – om als deelnemer aan die organisatie te kunnen worden aangemerkt – moet hebben samengewerkt met, althans bekend moet zijn geweest met alle andere personen die deel uitmaken van de organisatie of dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is (Hoge Raad 20 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:378).
Het hof leidt uit de bewijsmiddelen het volgende af. De Stichting Hells Angels Haarlem (hierna ook: de Stichting) staat ingeschreven op het adres aan de [a-straat 1] te Haarlem en is eigenaar van het aldaar gelegen pand. [medeverdachte 5] is voorzitter van de Stichting. Hells Angels, charter Haarlem (hierna ook: Hells Angels Haarlem), maakt gebruik van het pand aan de [a-straat 1] te Haarlem als clubhuis. De Stichting beschikt over een bankrekening, die wordt gevoed door contante stortingen en vanaf welke rekening de vaste lasten voor het clubhuis worden betaald. De ‘treasurer’ (hof: penningmeester) van de Hells Angels Haarlem heeft de beschikking over de bankrekening van de Stichting. In de ten laste gelegde periode zijn [medeverdachte 5] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [betrokkene 1] , [betrokkene 3] , [medeverdachte 4] , [betrokkene 2] en [verdachte] allen lid van dit charter. Binnen het charter is sprake van een strakke structuur met diverse functies. [betrokkene 1] is president, [medeverdachte 1] is vice-president, [verdachte] is ‘road captain’, [betrokkene 3] is ‘treasurer’, [medeverdachte 2] is ‘secretary’ en [betrokkene 2] is de ‘sergeant at arms’. [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] zijn ‘full colour member’. De leden dragen een hesje, de zogenaamde ‘colours’, waardoor zichtbaar is dat zij lid zijn van Hells Angels, charter Haarlem. Zij betalen contributie voor het lidmaatschap, met welke contributie de vaste lasten voor het clubhuis worden betaald, met uitzondering van [medeverdachte 4] , die daar de laatste jaren van is vrijgesteld gelet op zijn leeftijd en zijn financiële situatie. Leden van de Hells Angels Haarlem overleggen structureel in periodieke overleggen en op basis van ad-hoc belegde bijeenkomsten.
Hells Angels Haarlem heeft eigen clubregels. De verdachte was bekend met deze clubregels. Beslissingen binnen het charter worden op democratische wijze genomen, waarbij alle leden een stem hebben in te nemen beslissingen.
[betrokkene 4] is geen lid van Hells Angels, charter Haarlem. Ten tijde van de detentie van haar partner [betrokkene 1] was zij wel de cruciale schakel tussen [betrokkene 1] en andere leden van de Hells Angels Haarlem. Met name met [betrokkene 3] en [betrokkene 2] onderhield zij telefonisch contact en zij had ontmoetingen met hen, onder meer over club gerelateerde zaken.
Het hof concludeert op basis van het voorgaande dat sprake is van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen de leden van de Hells Angels Haarlem, zijnde [medeverdachte 5] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [betrokkene 1] , [betrokkene 3] , [medeverdachte 4] , [betrokkene 2] en [verdachte] , samen vormend Hells Angels, charter Haarlem, en de Stichting en [betrokkene 4] gedurende de ten laste gelegde periode.
Oogmerk van de organisatie
Beoordelingskader
Het oogmerk van de organisatie moet zijn gericht op het plegen van misdrijven, maar niet is vereist dat het plegen van misdrijven de voornaamste bestaansgrond van de organisatie is (HR 15 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK6148). Het oogmerk ziet op het feitelijke en gewenste doel van de organisatie. Daarbij is voor een bewezenverklaring voldoende dat het plegen van misdrijven wordt beoogd, zodat nog geen aanvang hoeft te zijn gemaakt met het daadwerkelijke plegen daarvan. Het oogmerk behoeft in de tenlastelegging niet nader omschreven te zijn, maar zal uit de bewijsmiddelen moeten blijken (HR 13 oktober 1987, NJ 1988/425). Voor bewijs van het bestanddeel "oogmerk" zal onder meer betekenis kunnen toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie reeds zijn gepleegd, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking, zoals daarvan kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie, en, meer algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie (HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0502, NJ 2008/559).
De organisatie bestond, zoals hiervoor is vastgesteld uit de full members van het charter Hells Angels Haarlem, [betrokkene 4] en de Stichting Hells Angels Haarlem. Het charter Hells Angels Haarlem vormde daarbij het middelpunt van de organisatie.
Bij het beantwoorden van de vraag of de organisatie het oogmerk had op het plegen van misdrijven komt naar het oordeel van het hof betekenis toe aan de volgende feiten en omstandigheden.
A. Bedreigende en gewelddadige reputatie
Het hof leidt uit de bewijsmiddelen af dat het charter Hells Angels Haarlem een bedreigende en gewelddadige reputatie heeft. Uit diverse verklaringen en tapgesprekken blijkt dat slachtoffers van strafbare gedragingen door leden van de Hells Angels Haarlem geen aangifte durven te doen uit angst voor represailles en dat getuigen niet of nauwelijks durven te verklaren. Zo heeft getuige [getuige 1] in het contact met de politie verklaard dat de Hells Angels nergens voor terugdeinzen en tot alles in staat zijn. [1] Ook blijkt uit zijn gesprek met de politie dat hij zeer angstig is dat de club erachter komt dat hij contact heeft met de politie. [2] Hij durft van meerdere voorvallen geen aangifte te doen. Ook getuige [getuige 2] wilde geen verklaring afleggen of aangifte doen, omdat hij geen lopende schietschijf wil zijn in Haarlem. [3] Uit de gesprekken met de politie en de tapgesprekken blijkt dat de getuige [getuige 3] , voormalig ‘hangaround’ van de Hells Angels Haarlem, angstig is, niet wil dat de leden van de club erachter komen wat hij de politie heeft verteld en hij hen tot alles in staat acht. [4] Wanneer de politie bij de getuigen [getuige 4] en [getuige 5] langs komt, naar aanleiding van de mishandeling van [getuige 4] , geeft [getuige 5] aan geen aangifte te willen doen, omdat de Hells Angels dan ongetwijfeld langs komen en de ramen inschieten met mitrailleurs. [5] Getuige [getuige 6] heeft verklaard dat hij in het verleden betalingen heeft moeten doen aan de Hells Angels Haarlem en dat hij in die tijd doodsbang was. [6] Tenslotte verklaart ook getuige [getuige 7] , afgeperst en mishandeld door leden van de Hells Angels Haarlem, nauwelijks uit angst voor wat er kan gebeuren. [7]
Voornoemde getuigen zijn, met uitzondering van [getuige 2] , eveneens ter terechtzitting in hoger beroep gehoord. Gelet op de in hoger beroep afgelegde verklaringen, bezien in samenhang met de eerder door hen afgelegde verklaringen, kan het hof zich niet aan de indruk onttrekken dat een aantal van de getuigen nog steeds niet het achterste van hun tong heeft durven laten zien uit angst voor mogelijke represailles. Zo geeft getuige [getuige 1] enerzijds aan niet te weten van waaruit de opdracht om hem te dwingen zijn tattooshop te sluiten is gegeven, maar verklaart hij anderzijds:
“Ik weet niet precies vanuit welke groep dit is gekomen, maar als er al twee aan je deur staan..” Dit, nadat hij even ervoor had gezegd dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2] aan de deur stonden, daarbij doelend op [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , van wie hij wist dat ze lid waren van de Hells Angels Haarlem. Op de vraag of hij bang was antwoordt hij: “
Weet u, ik had niet te maken met de plaatselijke roeivereniging en ik wist niet wie ik tegenover mij had.” [8] Getuige [getuige 5] geeft aan zich delen van het gesprek met de politie niet meer te kunnen herinneren en evenmin dat zij contact heeft gezocht met [betrokkene 3] . [9] Getuige [getuige 6] heeft verklaard dat hij het geld dat hij heeft betaald niet zag als een boete en dat hij zich nooit afgeperst heeft gevoeld. Tegelijkertijd verklaart hij: “
Ik heb twee ouders en meerdere zaken en als je auto in de brand wordt gestoken (…).” [10] [getuige 7] heeft verklaard dat het niet klopt dat hij bang was en dat de politie zoveel kan opschrijven. [11] Voorts verklaart hij: “
Als je een boete moet betalen, moet je het betalen. Ik wil er niets meer over verklaren. Ik ben er klaar mee. Ik heb ook tegen de agent gezegd dat ik geen represailles wilde.” Getuige [getuige 3] heeft voorafgaand aan het verhoor ter terechtzitting laten weten angstig te zijn te verklaren in het bijzijn van de verdachten. [12] Ter terechtzitting heeft hij verklaard dat hij niet door tuig opgewacht wil worden vanwege het afleggen van een getuigenverklaring. Ook verklaarde hij op de vraag van de verdachte of hij bang voor hem is: “
Ik ben voor geen één van jullie individueel bang. Ik weet dat de club ver reikend kan zijn en een club waarmee ik niet op goede voet sta – en dat sta ik op dit moment niet – heeft de mogelijkheden om mij door anderen het leven zuur te laten maken.” [13] Ten slotte is in hoger beroep ook oud-lid van de Hells Angels Haarlem [getuige 8] als getuige gehoord. Hij verklaarde eerder bij de politie bang te zijn dat de Hells Angels er via de advocaten achter komen dat hij wat heeft verteld. [14] Daarmee geconfronteerd ter terechtzitting in hoger beroep verklaarde hij dat hij het niet zo tegen de politie heeft gezegd. Nadat wordt voorgehouden dat hij tot twee keer tegen de politie heeft gezegd dat hij angst had voor represailles, antwoordt hij dat dat misschien voor zichzelf was maar niet voor zijn vrouw en kinderen en dat hij het merkwaardig vindt dat de politie het zo heeft opgeschreven. [15]
Dat de leden van de Hells Angels Haarlem zich ook bewust zijn van deze reputatie, blijkt onder meer uit een uitlating die [betrokkene 2] doet tijdens de clubvergadering op 16 september 2016, in aanwezigheid van de verdachte en de overige leden van de Hells Angels Haarlem, namelijk dat het chapter Haarlem in Holland bekend staat als kei- en keihard. [16] Ook zegt [betrokkene 1] in een telefoongesprek met [betrokkene 4] : “
Wij zijn het beestachtige chapter” (...) ‘‘op een clubavond waar vier of vijf man van ons zijn, we steken de boel in de brand, gooien de krukken door de deur heen, ehhh ... wat doen we niet, er wordt gewoon geschoten binnen in het clubhuis.” [17]
De reputatie van de Hells Angels Haarlem komt tevens naar voren in een tweetal krantenberichten in het dossier van 30 april 2015 en 19 juni 2015. In het eerste bericht staat vermeld dat [betrokkene 1] de baas is van en nieuwkomer is binnen het beruchte chapter in Haarlem en hij in verband wordt gebracht met het plegen van strafbare feiten. [18] In het tweede bericht staat vermeld dat Hells Angels Haarlem voorman [betrokkene 1] uit is op oorlog en een harde lijn hanteert. [19]
B. Belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen
Voorts leidt het hof uit de bewijsmiddelen af dat het plegen van strafbare gedragingen, met name geweld, door de Hells Angels Haarlem wordt aangemoedigd en beloond.
In het clubhuis hangt een oorkonde met de tekst ‘Deathhead Purple Heart’. Op de oorkonde staat in het Engels dat een ieder die dit heeft verdiend zijn bloed heeft gegeven ter verdediging en eer van de Hells Angels. [20] Het hof leidt uit het dossier af dat de zogenaamde patch ‘dequiallo’ verdiend kan worden door toegepast geweld door clubleden van Hells Angels richting overheidspersoneel. Deze term is in het clubhuis op de muur geschilderd. [21] Vier leden van de Hells Angels Haarlem dragen deze patch: [betrokkene 1] , [betrokkene 2] , [medeverdachte 3] en de verdachte. De pas ter zitting in hoger beroep naar voren gebrachte lezing die de verdachte hierover heeft gegeven, te weten dat leden van de Hells Angels die iets in hun leven hebben meegemaakt of overwonnen deze patch dragen, acht het hof gelet op het navolgende niet aannemelijk. In een afgeluisterd gesprek noemt [betrokkene 1] [betrokkene 3] een slappeling omdat hij nog geen ‘dequiallo’ heeft en zegt dat hij [verbalisant 1] (hof: de wijkagent [22] ) in elkaar moet stompen. [23] In de arrestantenbus op 26 januari 2017 zegt [betrokkene 3] dat ze voor zijn neus stonden en dat hij dacht aan ‘dequiallo’. [24] Ook in een ander gesprek zegt [betrokkene 3] : “
Als ik aangehouden word, ga ik voor dequiallo.” [25] Ten slotte heeft [betrokkene 2] ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat verzet bij arrestatie een betekenis van ‘dequiallo’ is. [26] Tijdens de clubvergadering van 16 september 2016 wordt het belang van het dragen van de patches door [medeverdachte 2] onderstreept: “
Het is een sowieso een straf als jij je patch niet aan mag, of je nou een T-shirt mag dragen of niet het gaat om je patch.” [27]
Ook gebruikt de Hells Angels Haarlem de ‘ball been hammer’ (bolhamer) als symbool. Dit symbool is bedoeld voor leden die geverifieerd geweld namens de club hebben gebruikt. [28] Op de motor van [medeverdachte 2] is een ‘ball peen hammer’ aangetroffen. [29]
Dat het plegen van strafbare feiten door de leden van de Hells Angels Haarlem volstrekt normaal wordt gevonden en wordt geaccepteerd – en daarmee indirect wordt aangemoedigd – blijkt ook uit de inzamelingen die voor gedetineerde leden worden georganiseerd, de zogenaamde Big House Crew. Op 23 juli 2016 vindt een inzameling plaats voor [betrokkene 1] die op dat moment gedetineerd zit. [30] In dat verband wijst het hof ook op de uitlatingen van [betrokkene 1] tijdens de clubvergadering op 16 september 2016: “
we moeten wel aan de toekomst denken en (...) laten we hopen van niet maar ik ken vast komen, hij ken vast komen als jij woorden krijgt met je buurman en je slaat hem achterstevoren dan ken je ook vast komen”, “
We kennen allemaal vastkomen” en “
dan moet het niet zo zijn dat nu moeten jullie voor mij betalen maar als er twee of drie man vast zitten dan heb je een fucking probleem.” [31] Op diezelfde clubvergadering zegt [betrokkene 1] : “
Hee als justitie zijn shit beter had geregeld en van der Valk betere camera’s had gehad ja? Dan had hij vast gezeten, had hij vast gezeten, had hij vast gezeten en had ik vast gezeten ja? [32]
De acceptatie van strafbare gedragingen door leden van de Hells Angels blijkt naar het oordeel van het hof eveneens uit de omstandigheid dat het niet de bedoeling is dat leden van de Hells Angels Haarlem (met de politie) praten. Dit volgt allereerst uit regel 12 van de clubregels van de Hells Angels Haarlem: “Alles wat Hells Angels H’lem met elkaar bespreken blijft tussen ons; dus wordt op geen enkele manier naar buiten gebracht.” [33] Op een muur in het clubhuis staat ook groot de tekst ‘omerta (hof: de geheimhoudingsplicht/zwijgplicht [34] )’ geschilderd. Na de aanhouding van leden van de Hells Angels Haarlem op 26 januari 2017 fluistert [medeverdachte 5] in de arrestantenbus: “
zwijgen ... met alles [35]
Tevens wordt op de clubvergadering van 16 september 2016 gesproken over het ‘sweepen van het clubhuis’, waarna [betrokkene 1] zegt: “
je moet hier gewoon niet domme dingen lullen” en “
we zittenallemaal van hier niet praten en daar niet praten als er echt wat te bespreken, wat we echt niet willen gaan we weg. Gaan we ergens anders heen simpel zat. Die dagelijkse dingen en die club dingen daar kennen we gewoon over praten.” [36] Tijdens een andere clubvergadering wordt [medeverdachte 3] aangesproken dat hij zijn telefoon moet weggooien en een nieuw nummer moet nemen, omdat ‘ze alles terug kunnen halen’. [37] Ten slotte blijkt ook uit een afgeluisterd gesprek van [medeverdachte 4] dat hij, wanneer een vrouw contact met hem zoekt die ervan wordt beschuldigd verdovende middelen te hebben gestolen vanuit het clubhuis van de Hells Angels te Haarlem, niet wil dat dit soort dingen over de telefoon wordt besproken. [38]
C. Misdrijven
Tevens blijkt uit de bewijsmiddelen in het dossier dat leden van de Hells Angels Haarlem zich in de tenlastegelegde periode schuldig hebben gemaakt aan het plegen van misdrijven, die naar het oordeel van het hof rechtstreeks verband houden met het charter. Het hof maakt daarbij een onderscheid tussen delicten waarbij sprake is van (fysieke en/of verbale) intimidatie en feiten die verband houden met wapenbezit.
Afpersing, dwang, bedreiging en mishandeling
Het hof leidt uit het dossier af dat een aantal strafbare feiten zijn gepleegd jegens personen omdat zij lid zijn van een andere motorclub dan wel omdat concurrentie van andere motorclubs niet wordt geduld. De verhouding tussen de Hells Angels Haarlem en andere motorclubs komt onder meer een aantal keer ter sprake tijdens de clubvergadering van 16 september 2016. Zo zegt [betrokkene 2] : “
wij kwamen er een paar weken geleden een tegen he? Ik dacht eerst No Surrender, ik rij de benzine pomp op, ik had bijna me stuur verbogen want er zaten een paar andere gasten, zat daar een Satu..” Ook [betrokkene 1] zegt: “
Onze club is het belangrijkste wij moeten met elkaar door een deur kennen en waarom moet je handjes schudden met Satudarah” en “
ik vind dat we alle recht van spreken hebben omdat we met heel veel dingen het voortouw hebben genomen en als enigste stad kunnen zeggen dat wij die kanker honden hier niet hebben en dat komt alleen maar door onze eigen houding die we hebben en wij kennen gewoon zeggen van luister als er geflikkerd word met die Satudarah’s, Bandidos, No Surender, Mongols, Outlaws die hele kanker zooi als Holland daar voor is dan krijgen we net als vorige keer gewoon weer tweestrijd.”
In zaaksdossier C-02 Alt is getuige [getuige 2] in zijn café door zes leden van de Hells Angels in full colours gedwongen om zijn No Surrender-vest af te geven. De Hells Angels hebben [getuige 2] duidelijk gemaakt dat ze geen No Surrender in Haarlem willen. Toen [getuige 2] zijn lidmaatschap bij No Surrender niet had beëindigd, zoals hem door [betrokkene 1] en [betrokkene 2] was opgedragen, is hij in hun bijzijn geslagen.
In dossier C-13 Vuurduin is getuige [getuige 9] , lid van de motorclub Satudarah, mishandeld door [betrokkene 3] . Volgens een getuige werd er ook ‘tering Satudarah’ geroepen. Na dit voorval is er contact tussen [betrokkene 2] , als ‘sergeant at arms’ van de Hells Angels Haarlem, en de ‘national sergeant’ van Satudarah. Getuige [getuige 10] , lid van No Surrender, wordt in zaaksdossier C-15 Martini (met voorbedachte raad) mishandeld door [betrokkene 2] . Deze mishandeling vindt plaats vlak nadat [betrokkene 2] door [betrokkene 5] op de hoogte wordt gebracht van het feit dat hij een lid van No Surrender ziet rijden.
Ten slotte blijkt uit de zaaksdossiers C-04 Begles, C-05 Bornrif, C-07 Stereo en C-08 Kasteel dat [betrokkene 1] tweemaal opdracht gegeven heeft tot brandstichting bij sporthal De Weyver in Hoogwoud. Bij een van die brandstichtingen heeft hij de opdracht daartoe via [betrokkene 4] aan [betrokkene 3] gegeven, die voor de verdere uitvoering moest zorgdragen. [betrokkene 1] heeft ook op verschillende momenten dreigberichten naar [betrokkene 6] , de eigenaar van sporthal De Weyver, verstuurd. Door middel van deze dreigberichten en brandstichtingen heeft [betrokkene 1] [betrokkene 6] geprobeerd te dwingen om de jaarlijks georganiseerde choppershow van de motorclub Rogues MC geen doorgang te laten vinden.
Tevens hebben een aantal strafbare feiten plaatsgevonden tegen personen die (voorheen) gelieerd waren aan de Hells Angels Haarlem.
Toen de getuige [getuige 3] als
hangaroundbij de Hells Angels Haarlem wilde stoppen, is geprobeerd hem met geweld en bedreiging met geweld te dwingen zijn motor af te geven, waarbij [betrokkene 3] [getuige 3] een klap in het gezicht heeft gegeven (zaaksdossier C-14 Uitkijk).
Ook [getuige 7] is door [betrokkene 1] en [betrokkene 2] afgeperst (zaaksdossier C-18 Wester). [getuige 7] was lid van Alcatraz Wanted, een supportclub van Hells Angels Haarlem, en had – in de ogen van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] – nagelaten een envelop met ingezameld geld te bezorgen bij de vrouw van een gedetineerd lid van Alcatraz Wanted. [betrokkene 1] en [betrokkene 2] hebben daarin aanleiding gezien om aan [getuige 7] als lid van een supportclub een boete op te leggen. [getuige 7] moest om die reden een aantal keren naar het clubhuis komen, waar hij tevens klappen heeft gehad van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] .
Tenslotte hebben ook een aantal strafbare feiten plaatsgevonden tegen willekeurige personen. Uit het dossier blijkt dat [betrokkene 3] [getuige 4] heeft mishandeld, nadat hij eerder heeft geprobeerd hem te dwingen tot afgifte van een geldbedrag (zaaksdossier C-16 Westpoint). In de afgeluisterde telefoongesprekken verwijst [betrokkene 3] naar de Hells Angels en dat de club ermee gemoeid is. Tevens blijkt daaruit dat [betrokkene 3] zich na de mishandeling van [getuige 4] moet melden in Haarlem. Ten overvloede merkt het hof op dat uit het dossier nog blijkt dat wanneer [betrokkene 3] erachter komt dat de getuige bij een andere motorclub zit, hij het helemaal een legitieme reden vindt en dat er dan helemaal op hem gejaagd gaat worden.
Voorts blijkt uit het zaaksdossier C-17 Millennium dat [betrokkene 2] en [betrokkene 1] [getuige 6] hebben afgeperst door hem met bedreiging met geweld te dwingen tot de afgifte van € 10.000,-. Uit gesprekken in het dossier blijkt dat deze beslissing er lag en dat [betrokkene 2] en [betrokkene 1] hieraan uitvoering hebben gegeven.
Ten slotte is de getuige [getuige 1] door [betrokkene 2] en [betrokkene 1] gedwongen om zijn tattooshop in Haarlem te sluiten. Alhoewel [betrokkene 2] en [betrokkene 1] voor dit zaaksdossier (C-01 Budel) zijn vrijgesproken, nu het sluiten van de tattooshop door [getuige 1] niet in de tenlastegelegde periode heeft plaatsgevonden, blijkt naar het oordeel van het hof uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep dat de getuige zich door de mededelingen van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , namelijk dat ze niet blij waren met de terugkomst van [getuige 1] in Haarlem en dat hij maar beter kon stoppen met zijn pas geopende tattooshop, genoodzaakt heeft gevoeld zijn tattooshop te sluiten.
Wapens en munitie
[betrokkene 1] en [betrokkene 3] hebben in het clubhuis van de Hells Angels Haarlem een vuurwapen en een geluiddemper voorhanden gehad (zaaksdossier C-19 Boor). Uit het dossier blijkt dat met dit wapen is geschoten, gelet op de kogel die in de openhaard van het clubhuis is aangetroffen.
Conclusie met betrekking tot het oogmerk
Het hof constateert dat de Hells Angels Haarlem een bedreigende en gewelddadige reputatie hebben en dat het plegen van strafbare feiten wordt aangemoedigd en beloond. Uit het voorgaande en de bewijsmiddelen in het dossier is tevens gebleken dat door de leden van de Hells Angels Haarlem strafbare feiten worden gepleegd uit naam van het charter en niet, zoals door de verdediging betoogd, op persoonlijke titel.
Om die reden komt het hof tot de conclusie dat de organisatie een oogmerk heeft gericht op het plegen van misdrijven, namelijk openlijke geweldpleging, brandstichting, dwang, bedreiging, (zware) mishandeling (met voorbedachte raad en van ambtenaren), afpersing en overtreding van de Wet wapens en munitie. Het hof acht onvoldoende bewijs aanwezig met betrekking tot het oogmerk ten aanzien van de overige tenlastegelegde misdrijven.
Deelneming
Beoordelingskader
Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad is sprake van deelneming aan een organisatie als bedoeld in artikel 140 Sr Pro als de verdachte behoort tot het samenwerkingsverband én als de verdachte een aandeel heeft in, dan wel ondersteunt, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in artikel 140 Sr Pro bedoelde oogmerk.
Elke bijdrage aan een organisatie kan strafbaar zijn. Een dergelijke bijdrage kan bestaan uit het (mede)plegen van enig misdrijf, maar ook uit het verrichten van hand- en spandiensten die op zichzelf niet strafbaar zijn, zolang van bovenbedoeld aandeel of ondersteuning kan worden gesproken. In het bestanddeel deelneming aan een organisatie als bedoeld in art. 140 lid 1 Sr Pro ligt tevens het opzet van de verdachte besloten. Redelijke wetsuitleg brengt volgens de Hoge Raad mee dat voor "deelneming" voldoende is dat de verdachte in zijn algemeenheid weet (in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.
Het opzet van de verdachte moet dus zijn gericht op het deelnemen aan de organisatie. Volgt uit de bewijsvoering dat de verdachte een aan de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handeling heeft verricht, dan ligt daarin zijn wetenschap met betrekking tot dat oogmerk besloten.
Heeft [verdachte] aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handelingen verricht?
Het hof zal hieronder verschillende handelingen van [verdachte] bespreken. Hierbij zal het hof telkens beoordelen of de betreffende handeling aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdraagt of ondersteunt.
Het hof leidt de betreffende handelingen veelal af uit OVC- dan wel tapgesprekken. In (de uitwerking van) deze gesprekken worden de deelnemers en de betrokkenen bij hun bijnaam, dan wel verkorte voornaam, genoemd. Voor een goed begrip van de gesprekken worden deze namen hier weergegeven [39] :
[betrokkene 1] :
, [betrokkene 1][betrokkene 2] :
, [betrokkene 2]
[betrokkene 3] :
Lange
[medeverdachte 1] :
[medeverdachte 1]
[verdachte] :
[verdachte]
[medeverdachte 2] :
[medeverdachte 2]
[medeverdachte 3] :
, [medeverdachte 3]
[medeverdachte 4] :
, [medeverdachte 4]
[medeverdachte 5] :
[medeverdachte 5]
[betrokkene 4] :
[betrokkene 4]

1.De deelname van [verdachte] aan een zoektocht naar leden van de Mongols

In het dossier bevindt zich een in de auto opgenomen gesprek van 9 juni 2016. Dit gesprek gaat als volgt - zakelijk weergegeven -:
‘Bij onderstaande gesprekken dient in totaal twee uur te worden opgeteld. (...)
Om 15:22:43 stappen [betrokkene 3] (hof: [betrokkene 3] ), [betrokkene 7] (hof: [betrokkene 7] ) en de NNMan in het voertuig. (...) (...) NNMan zegt (onverst) Zandvoort? [betrokkene 3] ( [betrokkene 3] ) zegt (onverst).
Ja effe horen, ze gaan effe kijken hoe laat, we hebben net bericht gehad, iemand heb gestuurd dat in Zandvoort hun (derden) daar rondrijden(…). NNMan zegt
waar zitten die chapter van die gasten dan?(onverst) [betrokkene 3] zegt
ze zijn om vijf uur gezien (…) rondje Zandvoort. Vanaf 15:29:00 stukje letterlijk uitgewerkt:
[betrokkene 3] :
[verdachte] rijdt al in Zandvoort, die gaat al kijken daarzo. [betrokkene 7] :
Was ie ziek?[betrokkene 3] :
Nee hij is aan het werk denk daar. NNMan:
Wat was er met die motor van hem, had ie panne of zo?[betrokkene 3] :
Ja. Als die kankermotors van die Mongols daar ergens staan, pik, ik trap ze allemaal om. (...)
Is echt fucking bijdehand, zitten in ons territorium joh, in Zandvoort gaan rondrijden (...).Om 15:38:47 zegt [betrokkene 3] :
dat zeg ik met dit ook, je hoeft straks niet mee weet je, je hoeft geen dingen te doen. Het is niet jullie ding. Daarom.(…)
Ze zitten in onze wijk. Is gewoon provoceren jongen die (onverst) kankerhonden. (...) Om 15:53:07 wordt de motor uitgezet en stappen allen uit het voertuig. (...) Buiten het voertuig is [betrokkene 2] hoorbaar. [betrokkene 3] zegt (onverst)
mee [betrokkene 2](hof: [betrokkene 2] )? [betrokkene 2] zegt
lijkt me niet verstandig als(onverst)
meegaan. [betrokkene 3] zegt
ze willen graag. [betrokkene 2] zegt
laten we afspreken, er gaat niemand (onverst) Zeeweg. [betrokkene 3] zegt
nemen effe geen telefoons mee. (...) Begin record 15:57:54 uur. Buiten het voertuig zegt [betrokkene 2]
gaan we?(...) [betrokkene 3] , [betrokkene 2] , [betrokkene 7] en NNMan stappen in het voertuig. (…) Is een beltoon hoorbaar. [betrokkene 2] zegt
het was een uurtje geleden al hoor. [betrokkene 3] zegt
zal weg weg zijn. [betrokkene 2] zegt
het zijn er twee, ik denk over de Zandvoortselaan. [betrokkene 3] zegt
waar was[verdachte]dan nu?[betrokkene 2] zegt
[verdachte]was(onverst). (...) [betrokkene 2] zegt
als ze er zijn wachten we ze gewoon op. [betrokkene 3] zegt
die ander doet niet mee denk?(...) [betrokkene 2] zegt
nee, ik zeg blijf jij hier, [medeverdachte 1](hof: [medeverdachte 1] )
komt ook. (...) Om 16:02:50 uur stukje letterlijk uitgewerkt: (...) [betrokkene 2] :
Zou mooi zijn op de Zeeweg pik. Als ze weggaan. Taktaktak.Om 16:08:10 zegt [betrokkene 3] :
heb je [medeverdachte 3](hof: [medeverdachte 3] )
al gehoord?[betrokkene 2] zegt
ja hij stak een duimpje op. (..)
mij benieuwen wie er allemaal komen straks pik, ze hebben allemaal een duimpje gestuurd omdat je zei ik wacht op die Lange(hof: [betrokkene 3] ).
Daarom hebben ze een duimpje gestuurd. Gewoon goed bezig. [betrokkene 2] zegt
en [medeverdachte 5](hof: [medeverdachte 5] )
zei al (onverst). [betrokkene 3] zegt
het heeft geen zin met zoveel man (onverst) chapter vast.Om 16:08:50 zegt [betrokkene 2]
als ze hier terug rijen bijvoorbeeld (onverst)[betrokkene 3] zegt
nee natuurlijk dan ga ik ‘m gelijk keren. [betrokkene 2] zegt
niks zegt[verdachte]hier nog niks. (...) [betrokkene 2] zegt
[verdachte]rijdt nu, noord niks, nu zuid. Dus die rijdt hier vlakbij.(...) Om 16:19:30 staat het voertuig stil en wordt een raam opengedaan. (...) [betrokkene 7] :
ik moet pissen hoor(portier wordt geopend). (...) [betrokkene 3] :
Nee, we zijn geladen pik, kan niet. We rijden door. (...) Om 16:25:31 zegt [betrokkene 2]
jammer jongens. [betrokkene 3] zegt
daar rijdt[verdachte]weer. [betrokkene 2] zegt
je ken lullen wat je wil maar hij rijdt er wel. [40]
Naar het oordeel van het hof blijkt uit dit gesprek dat [verdachte] , [betrokkene 3] , [betrokkene 2] , alsmede twee niet-leden van het charter Hells Angels Haarlem, in Zandvoort op zoek zijn gegaan naar leden van de Mongols die daar rondrijden. Dit wordt niet getolereerd want Zandvoort is het territorium van de Hells Angels Haarlem. Ook uit de verdere context van het gesprek blijkt dat men uit is op een gewelddadige confrontatie. De telefoons gaan niet mee en kennelijk is er ook een vuurwapen in de auto. Het gaat hier om een actie van het charter Hells Angels Haarlem: de twee niet-leden hoeven niets te doen, want het is niet hun ‘ding’, terwijl blijkt dat er contact is met andere leden van het charter. [medeverdachte 1] komt ook. [betrokkene 2] had gezegd dat hij wachtte op [betrokkene 3] . ‘Ze’ (het hof begrijpt: de andere leden) hebben allemaal ‘een duimpje’ gestuurd en daarmee aangegeven: ‘goed bezig’. Het heeft geen zin om met zoveel man te komen omdat er anders teveel leden van het charter vast kunnen komen te zitten.
Aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handeling?
[verdachte] heeft hiermee bijgedragen aan/ondersteund de vijandigheid en de gewelddadigheid van de Hells Angels Haarlem richting de Mongols.

2. Deelnemen aan vergaderingen: besluitvorming/koersbepaling

[verdachte] heeft deelgenomen aan vergaderingen van de Hells Angels Haarlem. [41]
Algemene overweging over vergaderingen en besluitvormingsproces bij de Hells Angels HaarlemDe vergaderingen van de Hells Angels Haarlem zijn één keer in de twee weken en alleen toegankelijk voor de leden. [42] Er is sprake van een democratie. Tijdens de vergaderingen wordt gestemd en ieder member heeft een stem. Dat ieder member een stem heeft blijkt onder meer uit het volgende gesprek van 12 juni 2016 tussen [betrokkene 2] en [betrokkene 3] : ‘
zegt nou ik zal je eerlijk zeggen [verdachte] gaat er niet mee akkoord en [medeverdachte 5] wil ook zijn wijf mee dus die gaat tegen stemmen dat hebben ze al gezegd. (...) [betrokkene 2] zegt als de meeste stemmen voor zijn, ik denk het niet hoor. [medeverdachte 1] is tegen, jij, ik [betrokkene 1] , [medeverdachte 2] . [betrokkene 3] zegt nou dan zijn we er al. Nou alleen [medeverdachte 3] , [medeverdachte 5] en [verdachte] ja en [medeverdachte 4].’ [43]
De beslissing of iemand member mag worden, wordt met 100% van de stemmen genomen en zo ook de beslissing of iemand de club moet verlaten. [44] Verder worden beslissingen met een meerderheid van stemmen genomen. [45]
Getuige [getuige 8] , lid van de Hells Angels Haarlem van ongeveer 2009 tot medio september 2014, heeft ter terechtzitting van het hof verklaard: “
als je niet aanwezig was op vergaderingen waarin beslissingen zouden worden genomen, dan werd er niet gestemd. Ik ben nog nooit geconfronteerd met beslissingen van de jonge garde(hof: [betrokkene 1] , [betrokkene 3] en [betrokkene 2] )
zonder dat de oude garde(hof: [medeverdachte 5] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [verdachte] )
daarvan afwist.(...)
Het klopt dat hij(hof: [medeverdachte 4] )
niet veel op clubavonden en vergaderingen was. Als hij er niet was werden er geen besluiten genomen.” [46]
Getuige [getuige 11] , voormalig lid van de Hells Angels Haarlem, kreeg in augustus 2015 ‘patch in the box’ opgelegd en moest de club verlaten omdat hij zonder overleg een brief aan de burgemeester van Haarlem had geschreven. [47] [getuige 11] heeft ter terechtzitting van het hof verklaard: “
besluiten neem je met zijn allen. Het is een democratische club. Als iemand verhinderd is om te komen dan gaat het niet door. Alle leden moesten er zijn.(....).” [48]
Deze verklaringen vinden bevestiging in een gesprek van 9 augustus 2015 tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 3] dat, naar het hof begrijpt, over [getuige 11] gaat. Uit dit gesprek blijkt dat een besluit wordt genomen waar iedereen bij is -zakelijk weergegeven-:
‘ [betrokkene 1] (hof: [betrokkene 1] ):
En hij gaat even leuk brieven schrijven. (..) Ik vind gewoon dat ie sowieso patch in de box gaat totdat ik terug ben. [betrokkene 3] (hof: [betrokkene 3] ):
Dat wilde ik doen, dat wilde ik vragen. Wat is je optie. Wachten tot jij terug bent en dan dat jij he eh een op.... eh gewoon dan regelt. (...)[betrokkene 1] :
Als het mijn mening is. Jullie zijn met allemaal volwassen gasten daarzo ja, en ik zou aan de ene kant niet weten waarom dit niet behandeld ken worden zonder dat ik erbij ben.[betrokkene 3] : (...)
dat wilde ik sowieso. We hebben nu afgesproken. We waren maar met 5 man. Binnen nu en anderhalve week zijn we helemaal compleet. Ik heb gezegd dat het ehh...[betrokkene 1] :
[medeverdachte 3](hof: [medeverdachte 3] )
is terug. [medeverdachte 5](hof: [medeverdachte 5] )
is ook terug als het goed is. [betrokkene 3] :
nee [medeverdachte 5] stuurde net nog een bericht die is langer en [medeverdachte 3] was ook nog niet terug die bleef ook langer. [betrokkene 1] :
Nee man. Ik heb [medeverdachte 3] gister gesproken. [betrokkene 3] :
Ohh dan was ie, donderdag was ie nog niet terug. (...)[betrokkene 1] :
Ik heb [medeverdachte 3] gister gesproken en [medeverdachte 3] zei dat [medeverdachte 5] vandaag terugkwam. [betrokkene 3] :
O dat zou kunnen want gisteravond kreeg ik een app want [medeverdachte 5] had zijn wacht niet geregeld. (...)[betrokkene 1] :
Alleen ik ga je 1 ding zeggen: Als er vanuit ons niet de goede keus wordt gemaakt. Daar heb ik schijt, dan ga ik, dan gooi ik het in Holland op tafel.[betrokkene 3] :
(..) Iedereen is hier nu compleet, ik wil dat ding op tafel hebben wat je geschreven hebt. Of het inderdaad wat je zegt.. dan gaan we allemaal beslissingen over nemen. En dan heb ik effe de tijd gehad met jou ruggenspraak te houden. (..) Daarom heb ik effe die 2 weken ook effe gezegd. De volgende meeting hebben we het erover. En [betrokkene 2](hof: [betrokkene 2] )
heb ook al gezegd dit kan gewoon niet.. NVT sancties op.. We gaan beslissen als de hele groep er is en dat wil ik ook dat ding op tafel hebben die brief, dus nahh datte die moet ie eh die moet ie gaan tonen. (...)[betrokkene 1] :
Fucking brief sturen met de burgemeester (...)[betrokkene 3] : (...)
Ik ga met [betrokkene 2] zo even kortsluiten. Als jij ook straks. Wanneer iedereen bij elkaar is, roepen we iedereen bij elkaar. Gaan we er gewoon eerder over hebben en klaar. Roep [betrokkene 2] maar op en zeg maar dat het eerder is, dat ie de brief meeneemt. En dan gaan we het erover hebben. En we een beslissing moeten nemen en dan loopt ie maar lekker weg. En dan gooien we hem, wat jij zegt, voorlopig in de box totdat jij terug bent. Is dat een optie?[betrokkene 1] :
Ja en als jullie de hardste beslissing zelf kennen nemen, dan ken dat ook.’ [49]
[betrokkene 1] was een deel van de tenlastegelegde periode gedetineerd en kon dus niet bij de vergaderingen zijn. Uit het hiervoor genoemde gesprek van 9 augustus 2015, alsmede uit de hierna genoemde gesprekken, blijkt dat [betrokkene 3] en/of [betrokkene 4] tijdens de detentie van [betrokkene 1] aan hem overbrengen waar beslissingen over moeten worden genomen en dat [betrokkene 1] via hen zijn stem uitbrengt.
De deelname en rol van [verdachte] aan/bij vergaderingen over:

Het door [getuige 3] moeten afstaan van zijn motor bij zijn vertrek
[getuige 3] was ‘hangaround’ bij de Hells Angels Haarlem en wilde stoppen. Op 18 augustus 2015 heeft hij een ontmoeting met [betrokkene 3] en [betrokkene 2] , waarbij hem door hen te verstaan wordt gegeven dat hij zijn motor dient in te leveren. [50]
In een OVC gesprek van 30 juni 2015, opgenomen in de PI, bespreekt [betrokkene 4] de situatie rond [getuige 3] met [betrokkene 1] -zakelijk weergegeven-:
‘S (hof: [betrokkene 4] ):
[betrokkene 2](hof: [betrokkene 2] )
denkt dat [getuige 3] wil stoppen (..). Hij(hof: [betrokkene 2] )
vroeg aan mij wat ‘ie moet doen als ‘ie(hof: [getuige 3] )
wil stoppen. Of ’t ie dan terug naar Redline mag of dat je hem dan helemaal wil deleten?L (hof: [betrokkene 1] ):
Nee. Ik denk dan deleten. S:
Oh, oké. En z’n motor?L:
lekker laten staan.S:
Oké. Dat wou die(hof: [betrokkene 2] )
effen weten. Dan kan ik dat doorgeven want [medeverdachte 1](hof: [medeverdachte 1] )
had gezegd ‘ja, anders kan ie misschien maar beter terug naar de Redline.’‘L:
Nee, dat werkt niet. (..)S:
Maar in ieder geval ken ik hem(hof: [betrokkene 2] )
antwoord geven. Dan weet ie een beetje hoe jij erover denkt. (...) Anders weet je het wel he?Ze kunnen niks beslissen zonder jou(..). [51]
In een OVC gesprek van 22 juli 2015, opgenomen in de PI, tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] bespreekt [betrokkene 4] “het probleem [getuige 3] ” met [betrokkene 1] -zakelijk weergegeven-:
‘S (hof: [betrokkene 4] ),
Nou dan hebben we [getuige 3] , het probleem [getuige 3] . (..) Hij wil echt stoppen hoor. Hij had tegen [betrokkene 3](hof: [betrokkene 3] )
had gezegd van [getuige 3] euh weet je (...) Hij(hof: [betrokkene 3] )
zegt dus ik hou het zo lang mogelijk vol maar hij zei je moet wel effe aan [betrokkene 1](hof: [betrokkene 1] )
vragen als hij(hof: [getuige 3] )
dan echt niet meer wil hij(hof: [betrokkene 1] )
zegt of we hem dan kennen laten gaan. Hij zegt of dat we gewoon moeten slikken en hem moeten houden. L:
overst.... simpel onverst...S:
Oke dat zal ik zeggen. Dat zeg ik tegen [betrokkene 3] (..) En euh hij(hof: [betrokkene 3] )
zegt ja en als hij er uit moet, we hadden het over me ouders hun huis. Hij zegt weet je wat ik vind dat wij wat voor je ouders eigenlijk moeten doen. (…) Hij zegt want ik vind als [getuige 3] zijn motor dan achter laat en we verkopen die motor. Hij zegt en die verkopen we voor 10 dat je ouders dan van ons 5000 krijgen om een dingetje. Hij zegt maar dat moet je effe aan [betrokkene 1] vragen hoe hij dat wil, maardan ga ik het in de groep gooien.’ [52]
Op 13 augustus 2015 hebben [betrokkene 3] en [betrokkene 1] een telefoongesprek, opgenomen in de PI -zakelijk weergegeven-:
‘F (hof [betrokkene 3] ):
ik kreeg net een appje van onze vriend [getuige 3](hof: [getuige 3] ).
[verdachte](hof: [verdachte] )
heeft hem gevraagd hoe het met hem ging qua gezondheid en hij appt een hele lange tekst terug die hij ook naar mij gestuurd heeft. (...) De club wordt gewoon niks meer. Dat staat er 2x in dus dan weet je dat.L (hof: [betrokkene 1] ):
Je weet wat hebben afgesproken. Dat hoeft dan ook niet te wachten. F:
dan weet je het ff, [verdachte] weet het ook.Zo meteen heb ik het er met de gasten even over over het sms’je of appje dat ik gehad heb. Maar dan ben je in ieder geval op de hoogte. Hoef je me ook niet meer te bellen. L:
Zeker maar ook dat hij niet het respect heb om te wachten, weer gaat lopen mauwen en weet ik veel wat. Weet je wat je te doen staat. Ja toch?F:
daarom dan weet jij het ook effentjes. Hoef jij ook niet te bellen en te doen.Terwijl wij misschien een andere koers gaan varen.’ [53]
Naar het oordeel van het hof blijkt uit het voorgaande, in onderlinge samenhang bezien, dat door alle leden van de HelIs Angels Haarlem, dus ook door [verdachte] , is vergaderd en gestemd over het door [getuige 3] achter moeten laten van zijn motor in verband met zijn wens te stoppen bij de Hells Angels. Kennelijk is in deze besluitvorming geen andere koers gevaren dan die door [betrokkene 1] werd voorgestaan.

Het opleggen van een boete aan [getuige 6]
heeft op 15 december 2015 in het kader van een boete een bedrag van € 10.000,00 aan [betrokkene 1] betaald. [54]
In het dossier bevindt zich een OVC-gesprek van 10 december 2015 tussen [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en een NN-man, opgenomen in een auto. Het hof begrijpt dat dit gesprek over [getuige 6] gaat, omdat er wordt gesproken over ’’ [getuige 6] ” en hoe lang en goed [betrokkene 1] hem kent en een “dubbele wagen” (hof: het bedrijf van [getuige 6] exploiteert gebak- en poffertjeskramen). Een zakelijke weergave van dit gesprek:
‘L (hof: [betrokkene 1] ):
... (ntv) jongens... ken ik niet zeggen van ehh gaan we even anders doen of weet ik veel wat. (...) en daarom, ik zeg je heel eerlijk. Ik heb ook helemaal geen zin om me erin te mengen of in te doen ofzomaar ik sta gewoon achter de jongens die een beslissing hebben genomen en dan sta ik daar gewoon achter.NN-man:
Ja natuurlijk, je hebt gelijk. L:
En op het moment dat er geen beslissing is genomen en je bent buiten en je ken met elkaar iets oplossen, dan los je het op. (...) Alleen ik was er niet. (....) het is een opeenstapeling van dingen. Ook ehhh met die auto van [getuige 3] en weet ik wat veel allemaal. (..) Dus ehhh die jongens pikken dat gewoon niet. En dan vind ik het kut omdat hij mij .. (ntv) denkt dat ik wat ken veranderen of zo voor hem maar ik ken helemaal niks veranderen. Omdat wij staan als mannen achter mekaar, zo hoe het hoort. NN:
Ja weet ik.L:
En daar ken niemand wat aan veranderen. N:
Ik weet hoe het werkt. L: (..) het is heel simpel, ik werk niet voor de Verenigde Naties of weet ik veel allemaal. Als hun wat zeggen dan is het gewoon zo. (..) Zelfs jou ken ik minder goed en lang dan ik [getuige 6] ken maar als er een probleem is met één van onze jongens en jij komt naar mij toe voordat er dingen uitgesproken zijn (...) dan kan ik mijn beste beentje voor zetten en ken ik kijken wat ik kan doen. (..)Maar op het moment dat er beslissingen zijn genomen dan eh kan ik er ook niks meer aan doen. Want wij zijn mannen van ons woord en als er ehh met zijn allen wordt gezegd van zo gaat het gebeuren dan gaat het uiteindelijk zo gebeuren. (...) wij als brothers gaan elkaar daar niet op ehh .. (ntv) afvallen. (…) Hun hebben mij precies uitgelegd wat er gezegd is wat er gedaan is en daar sta ik gewoon vierkant achter. (hof: nadat de NN-man de auto uitstapt gaat het gesprek verder) L:
Het blijft geen feest. (..)’. [55]
Het hof leidt uit dit gesprek, dat in lijn is met het gebleken besluitvormingsproces binnen de Hells Angels Haarlem, af dat door alle leden van de Hells Angels Haarlem, dus ook door [verdachte] , is vergaderd en gestemd over het opleggen van een boete aan [getuige 6] .

De relatie met andere motorclubs
Op 16 september 2016 vindt er een vergadering plaats op het clubhuis. [56] [betrokkene 1] is op dat moment met weekendverlof vanuit zijn detentie. [57] [verdachte] heeft aan deze vergadering deelgenomen, niet alleen wordt hij door een verbalisant herkend op de camerabeelden van die avond, gericht op het clubhuis van de Hells Angels te Haarlem [58] , het blijkt ook uit de opmerking van [betrokkene 1] aan het begin van de vergadering: “
zullen we dan maar effe lekker beginnen dan kunnen we daarna nog effe gezellig napraten. Ik ben blij jullie allemaal weer effe te zien.” [59] Voorts wordt de naam “ [verdachte] ” genoemd. [60]
Tijdens deze vergadering is onder meer de vijandige houding van de Hells Angels Haarlem richting andere motorclubs aan de orde gekomen -zakelijk weergegeven - :
‘ [betrokkene 1] (hof: [betrokkene 1] ): (..)
heel raar dat Amsterdam er weer over begint (hof: over contact metSatudarah) (…) ik vind dat we alle recht van spreken hebben omdat we met heel veel dingen hetvoortouw hebben genomen en als enigste stad kunnen zeggen dat wij die kankerhonden hier niet hebben en dat komt alleen maar door onze eigen houding die we hebben en wij kennen gewoon zeggen van luister als er geflikkerd wordt met die Satudarah’s, Bandidos, No Surrender, Mongols, Outlaws die hele kankerzooi als Holland daar voor is dan krijgen we net als vorige keer gewoon weer tweestrijd.’ [61]

De koers/toekomst van de organisatie zelf en verhullen/afdekkenTijdens de vergadering wordt ook gesproken over de koers/toekomst van de organisatie -zakelijk weergegeven-:
‘ [betrokkene 1] (hof: [betrokkene 1] ):
We hoeven geen troep aan te halen maar we moeten er wel voor zorgen dat onze club weer gezond gaat worden en we zijn gezond met de jongens wie we zijn alleen we moeten wel aan de toekomst denken en ik zeg je euhh laten we hopen van niet maar ik ken vast komen, hij ken vast komen als jij woorden krijgt met je buurman en je slaat hem achterstevoren dan ken je ook vast komen, we kennen allemaal wat gebeuren. Wij zijn bij politie en justitie een doorn in het oog. [62] [betrokkene 2] (hof: [betrokkene 2] ) zegt:
weet je wat het is, dit chapter staat gewoon kei en kei hard in Holland bekend, ik hoor de laatste tijd, we zijn, weet je, euhhh te extreem dit en dat zus en zo. (..) Ze willen hier wel komen de jongens van buiten, ze willen biertje doen, ze willen stoer zijn, effe fotootje maken bla bla bla maar op het punt dat ze over het lijntje moeten springen, raken ze zwaar in paniek want ze denken alleen maar negatieve shit, dat ze geld moeten afstaan, dat ze klappen krijgen als ze het niet goed doen, dat ze 24 uur hier moeten lopen, dat beleid is gewoon te donker dat weten ze niet snap je? [63] [betrokkene 1] zegt (..)
ik heb een beetje zitten rekenen maar ik denk dat we echt blij mogen zijn als we zo meteen gewoon 15 members hebben en dat is dan niet super groot maar het vult het wel aan en als er dan eens 2 van ons in de problemen zitten of weef ik veel wat, dan valt het niet op, is er geen probleem(..).’ [64]
[betrokkene 1] : ‘
Hee als justitie zijn shit beter had geregeld en Van der Valk(het hof begrijpt dat hier wordt gesproken over de vechtpartij tussen de Hells Angels en de Mongols in het Van der Valk hotel te Rotterdam op 7 april 2016)
betere camera’s had gehad ja? Dan had hij vast gezeten, had hij vast gezeten, had hij vastgezeten en had ik vastgezeten ja?NNman [medeverdachte 2] (hof: [medeverdachte 2] ):
ja, dat weet ik. [betrokkene 1] :
en dan hadden we allemaal een probleem gehad. NNman ( [medeverdachte 2] ):
mother fucking probleem gehad ja. [betrokkene 1] :
snap je wat ik bedoel en dat is gewoon en dat is iets waar we nu over na moeten denken. Dat we sowieso niet meer op deze manier moeten handelen.(..) [betrokkene 2] valt [betrokkene 1] in de rede:
maar [betrokkene 1] , wij hebben ook zitten brainstormen met elkaar, we hebben ook meetingen met elkaar erover gehad, kijk dat beleid wat hier is (..) we moeten soms ook daar in de richtlijnen, niet de richtlijnen van de club maar he het elastiek van de broekriem misschien wat losser doen. Het is wat je zegt je zal mensen moeten hebben of gebruiken maar het is heel moeilijk. [betrokkene 1] :
ja maar als ik op die manier een brother moet binnen halen dan is het al niet meer me brother dan is het een gebruiksvoorwerp.’ [65]
Tevens wordt op deze vergadering gesproken over verhullen en afdekken -zakelijk weergegeven-:
‘ [betrokkene 2] (hof: [betrokkene 2] ) zegt
dan heb ik nog een dingetje dat euhh sweep ding want die was niet in orde en ik wil eigenlijk vragen dat we na het feest volgende week ofzo het clubhuis weer eens sweepen. [betrokkene 1] (hof: [betrokkene 1] ) zegt
mag ik euhh zal ik je heel eerlijk zeggen het is allemaal hartstikke fijn dat je dat wil doen maar als hun af willen luisteren doen ze het niet meer door microfoontjes hier te plaatsen dan zitten ze daar verderop dan kennen ze op afstand kennen ze hier op richten en dan horen ze alles (..) je moet hier gewoon niet domme dingen lullen (..) je ziet het nu weer met die fucking No Surrender met die [betrokkene 8] ehh ze hebben gewoon het clubhuis in Amsterdam afgeluisterd van No Surrender en daar zijn gewoon belastende tapes uitgekomen en die zijn gewoon toegevoegd bij zijn dossier, zo simpel is het en dat weten we allemaal want we zitten allemaal van hier niet praten en daar niet praten als er echt wat te bespreken, wat we echt niet willen gaan we weg. Gaan we ergens anders heen simpel zat.’ [66]
Aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handelingen?
[verdachte] heeft met de andere leden van de Hells Angels Haarlem vergaderd en gestemd over concrete, door de organisatie te plegen strafbare feiten en heeft vergaderd over gepleegde strafbare feiten. Voorts is [verdachte] door zijn aanwezigheid bij de vergadering van 16 september 2016 betrokken bij gesprekken over de vijandige verstandhouding van de Hells Angels Haarlem tot onder meer Satudarah, No Surrender en de Mongols. Kennelijk is het ook aan [verdachte] te danken dat deze motorclubs niet in het ‘territorium’ van de Hells Angels Haarlem aanwezig zijn.
Verder is [verdachte] door zijn aanwezigheid bij de vergadering van 16 september 2016 betrokken bij gesprekken over de (moeizame, want het beleid van het chapter is “te donker”) werving van nieuwe leden voor de Hells Angels Haarlem en de toekomst van de organisatie, die op het spel kan komen te staan als er teveel leden gedetineerd raken, zoals bijvoorbeeld dreigde in verband met het treffen tussen de Hells Angels en de Mongols in het Van der Valk hotel te Rotterdam. [verdachte] heeft voorts deelgenomen aan gesprekken over verhulling en afdekking verband houdende met het criminele oogmerk van de organisatie, aan welke verhulling en afdekking hij, blijkens hetgeen op de vergadering wordt besproken, ook actief meewerkt.
Het hof merkt, gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen, de onderhavige gedragingen van [verdachte] aan als ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie.

3. Wachtlopen

Bij de doorzoeking in het clubhuis op 26 januari 2017 is een “wachtlijst” aangetroffen, met hierop namen van leden van de Hells Angels Haarlem, namelijk:
[medeverdachte 5](hof: [medeverdachte 5] ),
[medeverdachte 1](hof: [medeverdachte 1] ),
[verdachte](hof: [verdachte] ),
[medeverdachte 2](hof: [medeverdachte 2] ),
[betrokkene 3](hof: [betrokkene 3] ),
[medeverdachte 3](hof: [medeverdachte 3] ),
[medeverdachte 4](hof: [medeverdachte 4] ) en
[betrokkene 2](hof: [betrokkene 2] ). Op de lijst staan de dagen van de week en bijbehorende datum. Ook staat er een kolom “ruil” op. [67] [medeverdachte 5] heeft ter terechtzitting van het hof verklaard dat de “wachtlijst” inhoudt dat je van 19:00 uur tot 6.00 uur aanwezig bent op het clubhuis. [68] In het dossier bevindt zich een gesprek tussen [verdachte] en [betrokkene 2] van 26 december 2015: ‘
[verdachte](hof: [verdachte] )
vraagt of hij wacht heeft vanavond. Ja, zegt [betrokkene 2](hof: [betrokkene 2] ).
Je hebt geruild met [medeverdachte 4](hof: [medeverdachte 4] )
of met [medeverdachte 5](hof: [medeverdachte 5] ).
Het staat op de lijst. [69] Het hof stelt dan ook vast dat [verdachte] wacht heeft gelopen bij het clubhuis.
Aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handeling?
[verdachte] heeft verklaard dat er wacht is, omdat een buitenlands member (onverwacht) langs kan komen en opgevangen dient te worden. Het hof overweegt met betrekking tot het doel van dit wachtlopen het volgende. In het dossier bevindt zich een in de auto opgenomen gesprek van 4 januari 2016 tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 2] (‘s middags) en later die dag (’s avonds) tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] :
‘L (hof: [betrokkene 1] ):
Maar weet je wat het is die gasten van ons hebben geen gevoel pik voor de club (...) ik heb de hele tijd zitten kijken met dat ding hij is niet verroerd helemaal niks niet en iedereen moet er nu dan toch van op de hoogte zijn. R (hof: [betrokkene 2] ): Ik heb hem zo ingepakt weer. L: Ja maar hij ligt daar de hele tijd zo. (...) R
: Ik had hem laatst in me handen. Ik was benieuwd. Ik denk zal ik eensf in de garage schieten kijken hoe dat klinkt. L:
hij staat op scherp he. (..). [70]
[betrokkene 1] en [betrokkene 4] stappen in de auto en het gesprek gaat vervolgens (om 20:36 uur) tussen hen verder;
(…)
L:
En dan merk ik gewoon dat discussies soms zo maar een kant op gaan waar het helemaal niet heen hoort te gaan. En dan euh stond ik op sloeg ik zo met twee vuisten op tafel. Nou ben ik het zat. Ik zeg met dat kanker gezeik over dat ding.’ S (hof: [betrokkene 4] ):
Ooh, alweer. L:
ik zeg de eerste de beste kankerlijer die niet dat ding gebruikt als er iemand voor de deur gaat er bad standing uit.’ S:
en wat zeiden ze?’L:
Ik zeg we hebben het toch afgesproken. Ja ja nee toen toen in keer begon iedereen het effe te snappen weer ehh. S:
en wat zei [medeverdachte 4](hof: [medeverdachte 4] )?’ L:
ja die vond dat geen probleem maar (ntv) vond hij wel een probleem. Ik zeg luister 10 maanden meer misschien euh mongool. Ik zeg wat denk je wat er gebeurt als hier iemand voor de deur staat en schiet hem door zijn kankerpan heen. Hoeveel straf je dan krijgt, mafkees. Ik zeg dan ga jij lopen muilen over een paar maanden.’ [71]
In het dossier bevindt zich tevens een gesprek tussen [betrokkene 2] , [betrokkene 3] en [betrokkene 1] van 30 november 2015 -zakelijk weergegeven-: ‘F (hof: [betrokkene 3] ):
hee broer ehh. je ken ook kerst en oud en nieuw er wel uitlaten denk ik.R (hof: [betrokkene 2] ):
ik laat niks eruit, vul het gewoon in want ehh de eerste kerstdag is al opgevuld (..) er zal toch...dr zal toch een wacht gelopen moeten worden.’ [72] Voorts bevindt zich in het dossier een gesprek tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] , gevoerd in de ochtend van 18 december 2015, de dag na de mishandeling van No Surrender lid [getuige 10] en de (spoed)vergadering daarover op het clubhuis: ‘L (hof: [betrokkene 1] );
Er zitten nog een paar gasten van die overgebleven zijn hier van de meeting (..) Het leek ons goed om goed bemand te zijn vanavond eventjes hier.’ [73]
Op grond van deze gesprekken, in combinatie met het criminele oogmerk van de organisatie, concludeert het hof dat het doel van het wachtlopen de beveiliging van het clubhuis is. Er is kennelijk op enig moment een vuurwapen in het clubhuis aanwezig dat gebruikt kan worden in het geval van eventuele indringers en het clubhuis moet zelfs met Kerst en Oud en Nieuw bemand zijn, dagen waarop het onwaarschijnlijk is dat een buitenlands member spontaan zou langskomen. Voorts moet het clubhuis extra beveiligd worden na de mishandeling door [betrokkene 2] van een lid van No Surrender. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen acht het hof het wachtlopen door [verdachte] ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie.

4.Betalen voor een gedetineerd lid

Bij de doorzoeking in het clubhuis op 26 januari 2017 zijn twee “BHC”-potten aangetroffen. BHC staat voor ‘Big House Crew’. Hierover heeft [medeverdachte 2] als getuige ter terechtzitting van het hof verklaard: “
dit is een pot met geld voor jongens die vastzitten.” [74] Op een van de potten staat de naam “ [betrokkene 1] ”. [75] Tijdens de vergadering van 16 september 2016 wordt, zoals hiervoor al weergegeven, besproken dat er nieuwe aanwinsten (hof: nieuwe leden) nodig zijn. [betrokkene 1] , op dat moment met verlof uit zijn detentie, zegt: ‘
kijk wij hebben een huurhuis ja? En wij redden het financieel wel (..) Maar ik weet ook, ik zie hier ook mensen die een fucking baan hebben met een contract, fucking hypotheken hebben, die echt fucking gezeik krijgen wanneer ze een tijdje weggaan en weet je wat het allerergste dan is dan moet het niet zo zijn dat nu moeten jullie voor mij betalen(..).’ [76]
Uit het voorgaande, in onderlinge samenhang, leidt het hof af dat [verdachte] voor [betrokkene 1] heeft betaald tijdens diens detentie.
Aan het oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handeling?
[betrokkene 1] was gedetineerd in verband met een veroordeling voor bezit van diverse, zware wapens. [77] Zoals het hof hiervoor al uiteen heeft gezet, oefende [betrokkene 1] vanuit detentie, via [betrokkene 4] en [betrokkene 3] , zijn invloed en stemrecht uit bij de Hells Angels Haarlem. Naar het oordeel van het hof is de betaling door [verdachte] voor [betrokkene 1] aan te merken als ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie.

5. Betalen van contributie

[verdachte] heeft contributie voor het lidmaatschap van de Hells Angels Haarlem betaald. [78] De contributie bedroeg € 150,- per maand. [79]
[medeverdachte 2] heeft als getuige ter terechtzitting van het hof verklaard dat hiermee de vaste lasten voor het clubhuis werden betaald, namelijk gas, water en licht, internet en de “WOZ” (het hof begrijpt: de gemeentelijke belastingen). [80]
Aan het oogmerk van de organisatie bijdragende of ondersteunende handeling?
Het hof overweegt dat het clubhuis het hart vormt van de Hells Angels Haarlem. Hier komen de leden samen, worden er besluiten genomen en allerlei andere gesprekken gevoerd in verband met het criminele oogmerk van de organisatie. Het clubhuis moet worden ‘gesweept’ en bewaakt en er wordt geld ingezameld voor gedetineerde leden. Het betalen van de vaste lasten voor dit clubhuis beschouwt het hof dan ook ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie.
Conclusie met betrekking tot wetenschap
In het verrichten van al de hiervoor genoemde gedragingen, waarmee [verdachte] aan de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie bijdragende en ondersteunende handelingen heeft verricht, ligt wetenschap van [verdachte] van dit oogmerk besloten. De stelling van [verdachte] dat hij niet van het criminele oogmerk van de organisatie heeft geweten en hooguit achteraf wel eens iets heeft gehoord over (mogelijk) gepleegde strafbare feiten, wordt weersproken door de bewijsmiddelen.
Eindconclusie
Het hof acht het tenlastegelegde feit wettig en overtuigend bewezen.’
7. In de aanvulling zijn een groot aantal bewijsmiddelen opgenomen. In de conclusie in de zaak van medeverdachte [medeverdachte 4] , die ik vandaag eveneens neem, zijn de bewijsmiddelen integraal overgenomen. De bewijsmiddelen die in de andere zaken in de aanvulling zijn opgenomen komen daar grotendeels mee overeen. De klachten richten zich hoofdzakelijk op de overwegingen in het bestreden arrest. In dat licht volsta ik in de onderhavige zaak wat de bewijsmiddelen in de aanvulling betreft met het weergeven van de door de verdachte afgelegde verklaringen die door het hof voor het bewijs zijn gebezigd en (delen van) enkele andere bewijsmiddelen waar in het navolgende naar wordt verwezen (onder toevoeging van vernummering):
‘1. De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting van de rechtbank van 27 maart 2018
Deze verklaring houdt onder meer het volgende in:
Ik ben bij de Hells Angels gegaan om motor te rijden. Ik weet dat er een stichting was en ik weet wie de bestuurders zijn. Ik betaalde contributie aan de club. Ik betaalde aan de penningmeester, de treasurer.
Donderdag is de vaste clubavond.
Ik denk wel dat ik een bijdrage heb geleverd aan de hypotheek van de Stichting. Ik betaalde clubgeld aan degene die er was. De hypotheek werd betaald van de contributie.
Het is voor mij belangrijk om een hesje te dragen, Ik rijd nooit op mijn motor zonder een hesje.
Ik ken [betrokkene 4] . Ik sprak haar wel eens als ze op het clubhuis was.
Ik weet dat de Hells Angels regels hebben. Ik houd me aan de regels.
Ik ken [getuige 8] . Hij was een Hells Angel, maar hij is eruit.
U vraagt mij of erover is gestemd dat [betrokkene 9] patch in the box was. Ik weet dat erover gepraat is. Ik was ertegen dat hij eruit ging.
Ik zit al 20 jaar bij de club.
Ik ken [betrokkene 10] . Ik heb gehoord dat er bij haar wapens in beslag genomen zijn.
Ik ken [getuige 3] .
U bespreekt zaaksdossier C-15 Martini. U vraagt mij of een vechtpartij tussen een member en een lid van een andere motorclub binnen de club moet worden besproken. Normaal gesproken krijg je dat wel te horen. Ik heb toen wel gehoord dat [betrokkene 2] zich op het politiebureau moest melden. Hij zei dat hij een vechtpartij had gehad.
U vraagt mij of ik op de meetings kwam. Ja, ik was op de meetings.
Ik ken [betrokkene 11] .
Ik heb gehoord dat er een No Surrender aan de deur stond en dat de politie kwam. Nu hoor ik dat dat [getuige 10] was
U houdt mij zaaksdossier C-13 Vuurduin voor. Ik ken dit verhaal omdat mijn vriendin toen zei dat er heel veel Satudarah in Alkmaar was.
U houdt mij zaaksdossier C-14 Uitkijk voor. [getuige 3] was een hangaround. Het was mij bekend dat hij de club wilde verlaten.
U vraagt mij of er nog meer mensen bij de Hells Angels Haarlem zitten die [verdachte] heten. Nee.
[getuige 3] heeft mij op 18 augustus 2015 gebeld (…). U houdt mij voor dat hij in dat gesprek zegt dat hij wordt afgeperst.
2. Een schriftelijk bescheid, zijnde een mutatierapport d.d. 5 oktober 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit mutatierapport houdt onder meer het volgende in:
Datum/tijdstip kennisname: vrijdag 21 augustus 2015 te 14:00 uur
(…)
Toen ik weg wilde rijden kwam er een andere full color HA aan rijden op een Harley (…). Het bleek TNG. [verdachte] . (...) Op zijn linker side-rocker stond Bridgeport en op zijn rechterborst had hij de Dequiallo-patch (vechten met de politie). (...)
(…)
3. Een proces-verbaal van bevindingen van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 25 augustus 2015 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Ik verbalisant, [verbalisant 2] , BOA van Politie (…) en werkzaam als Operationeel Specialist B bij de Eenheid Noord-Holland, verklaar het volgende:
Binnen het Titel V onderzoek naar de Hells Angels Haarlem zijn de bankafschriften opgevraagd van de Stichting Hells Angels Haarlem bij ABN AMRO bank over de periode 1 januari 2013 t/m 10 juli 2015.
Uit de bankafschriften van bankrekening [001] blijkt het volgende:
Soort rekening: Bestuursrekening
Tenaamstelling: Stichting Hells Angels Haarlem
t.a.v. [medeverdachte 5]
[a-straat 1]
[postcode] Haarlem
Beginsaldo: € 1.159,28 credit (31-12-2012)
Eindsaldo € 2.902,36 credit (datum bankafschrift is 14-07-2015)
Op de bankrekening vonden de volgende (noemenswaardige) bijschrijvingen plaats:
Per jaar (totalen) werden de volgende bedragen contant op de rekening gestort
2013 € 17.285,00
2014 € 14.920,00
2015 (- 14/07) € 8.600,00
Totaal € 40.805,00
Op de rekening vonden de volgende (noemenswaardige) afschrijvingen plaats:
Er werden diverse bedragen voor verschillende personen overgemaakt naar verschillende Pi’s (penitentiaire inrichting).
In 2013 was dit een bedrag van € 1.600,00 t.b.v. [betrokkene 12]
In 2014 was dit een bedrag van € 1.440,00 t.b.v. [medeverdachte 3] en [betrokkene 13]
In 2015 was dit een bedrag van € 1.800,00 t.b.v. [medeverdachte 3] en [betrokkene 1]
Van de rekening werden de volgende betalingen voor vaste lasten gedaan (de bedragen zijn totalen over de gehele periode):
UPC (communicatie) € 3.282,46
Gemeentebelasting € 5.771,48 (en € 157,64 ontvangen inzake gemeentebelasting)
NUON (GWL) € 10.723,21 (en € 671,09 ontvangen van NUON)
4. Een proces-verbaal van bevindingen van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 22 augustus 2016 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Ik verbalisant, [verbalisant 2] , BOA van Politie (…) en werkzaam als Operationeel Specialist B bij de Eenheid Noord-Holland, verklaar het volgende:
Binnen het Titel V onderzoek naar de Hells Angels Haarlem, zijn de bankafschriften opgevraagd van de Stichting Hells Angels Haarlem bij de ABN AMRO bank over de periode 11 juli 2015 t/m 19 januari 2016.
Uit de bankafschriften van bankrekening [001] blijkt het volgende:
Soort rekening: Bestuurrekening
Tenaamstelling: Stichting Hells Angels Haarlem
t.a.v. [medeverdachte 5]
[a-straat 1]
[postcode] Haarlem
Beginsaldo: € 2.902,36 credit (datum bankafschrift is 14-07-2015)
Eindsaldo: € 1.950,82 credit (datum bankafschrift is 12-01-2016)
Bijschrijvingen
De rekening wordt gevoed door de volgende contante stortingen:
10-08-2015 € 1.000,00 Europaboulevard 154(G) A,PAS [002]
04-09-2015 € 3.550,00 Europaboulevard 154(G) A,PAS [002]
06-11-2015 € 2.415,00 Europaboulevard 154(G) A,PAS [002]
22-12-2015 € 1.000,00 Europaboulevard 154(G) A,PAS [002]
Afschrijvingen
Eenmalige overboekingen
€ 2.882,64 [A] NV inz. Polisnr [003] / [a-straat 1] Haarlem
€ 1.200,00 [betrokkene 14] [004] inz. Thanks from Haarlem Holland
Terugkerende overboekingen
Ziggo (maandelijks) bedrag variërend tussen de € 126,90 en € 131,48
NUON € 321,00 (maandelijks)
PB Sound BV € 190,58 (per kwartaal)
Diverse overboekingen naar eigen rekeningen van de Hells Angels i.v.m. kosten.
PI Zwaag [betrokkene 1] [geboortedatum] -1982
10-08-2015 € 400,00
04-09-2015 € 400,00
12-10-2015 € 400,00
(…)
5. De verklaring van [verdachte] als verdachte ter terechtzitting van het hof van 21 januari 2021 (…)
Deze verklaring houdt onder meer het volgende in:
U houdt mij voor dat tijdens de doorzoeking in het clubhuis een document is aangetroffen getiteld
‘Angels MC Haarlem Holland Clubregels’ (…). Je hoeft je daar niet strikt aan te houden, maar je hebt een reglement binnen de club. Het is twintig jaar geleden aan mij uitgelegd.
6. Een proces-verbaal van bevindingen van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 22 november 2016 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Op 4 oktober 2016 heeft op het politiebureau te Gouda een verdachte verhoor plaatsgevonden. De verdachte [getuige 8] werd gehoord [...]. Ik ben inderdaad lid geweest van de Hells Angels van charter Haarlem. Inmiddels ben ik twee jaar geleden, medio september 2014 in badstanding uit de club gegooid. Dit is gekomen doordat Haarlem destijds een zwakke club was. Het ledenaantal liep terug naar ongeveer 15 man. Hierop is een ‘transfer’ verbod gekomen. [...] Echter de HA is dusdanig ingericht dat er een democratie heerst. De democratie bestond destijds uit het feit dat wij als “oude” garde een meerderheid vormde ten opzichte van de “jonge” garde. 8:7. Destijds kwam de jonge [betrokkene 1] bij de club. [...] [betrokkene 1] kwam bij de club nog voordat hij een motor/ motorrijbewijs had. [betrokkene 1] werkte zich in een mum van tijd omhoog. [betrokkene 1] heeft er destijds met een aantal andere ervoor gezorgd dat ik en nog iemand de club uit moesten waarna de jonge generatie het er voor het zeggen kregen. [...] [betrokkene 1] was gewoon een psychopaat, hij had rare ideeën. Ik kon mij daar ook niet in vinden. Hierop heeft hij mij geprobeerd eruit te werken. Kortom uiteindelijk kwam het bericht dat ik de club moest verlaten. Niet in goed en niet in bad standing maar .OUT (een middenweg). Als je de club via OUT kan verlaten dan mag je na een jaar weer terug konten bij de HA. Na twee weken werd dit omgezet naar bad standing. Ik moest mijn motor inleveren en mijn drie tatoeages omvormen zodat deze niet meer herkenbaar waren. [..,]
[betrokkene 1] is de nieuwe president geworden. [...] Zijn psychopathische ideeën worden niet door clubleden tegen gehouden. [...] Niemand houdt hem tegen. [...]
7. Een proces-verbaal uitluisteren OVC Bus 001. 26012017 van de Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 23 februari 2017 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Door de officier van justitie van het arrondissementsparket Noord-Holland en de rechtercommissaris van de Rechtbank Noord-Holland zijn op grond van artikel 126L Strafvordering, een machtiging en bevel tot het opnemen van vertrouwelijke communicatie met een technisch hulpmiddel, die zal plaatsvinden in 2 detentiebussen (van de Dienst Vervoer en Ondersteuning), waarmee een of meer van de in het bevel genoemde verdachten na aanhouding zullen worden overgebracht naar het Justiteel Complex Schiphol afgegeven. De aanvraag, het bevel, machtiging en de verlengingen zijn gevoegd in het methodiekendossier.
Uitleg opname OVC
Aangezien de verdachten over drie compartimenten verdeeld werden zijn er de volgende drie opnames:
-Compartiment voor.
Hierin is verdachte [betrokkene 2] alleen geplaatst.
-Compartiment midden.
Hierin zijn verdachten [betrokkene 3] en [verdachte] geplaatst.
-Compartiment achter.
Hierin zijn verdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 5] geplaatst.
File 260117 – 200500
(…)
[medeverdachte 5] : … ntv … (fluistert) … ntv … zwijgen … met alles
(…)
8. Een proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken van de Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 oktober 2014 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
(…)
Tap telefoon [getuige 1]
Door de rechter-commissaris is toestemming verleend om het telefoonnummer van [getuige 1] voor de duur van één week af te luisteren. De gesprekken via het telefoonnummer [telefoonnummer 1] zijn daarop vanaf zaterdag 5 juli 2014 te 17:55 uur tot donderdag 10 juli 2014 omstreeks 10:45 uur opgenomen en uitgeluisterd.
(…)
Getapt telefoonnummer: [telefoonnummer 1]
Sessienummer: 62
Datum en tijd: 6-7-2014 13:25 uur
Samenvatting:
[getuige 1] bun [betrokkene 15] (NG=H)
H: Hallo met [betrokkene 15]
B: Hai met [getuige 1]
H: Hai [getuige 1]
B: Hoi he ik kan het nummer van [betrokkene 1] niet te pakken krijgen en ik vroeg me af of jij misschien via [betrokkene 9] of zo dat wel kon. Of heb jij van [betrokkene 9] geen nummer ook.
H: Jawel ik uhh ga zo wel effe informeren voor je. Hoe heet ie precies?
B: [betrokkene 1]
H: [betrokkene 1]
B: Maar ik hoef alleen maar het nummer te hebben, voor de rest uhh
H: Ja ik zal kijken voor je
B: Ja okay (…)
Getapt telefoonnummer: [telefoonnummer 1]
Sessienummer: 314
Datum en tijd: 9-7-2014
(het hof begrijpt: 6-7-2014)14:12 uur
[getuige 1] bum [betrokkene 16]
B: Ik heb “ [medeverdachte 1] ” (fon) aan de lijn gehad en die geeft mijn nummer door.
F: aan eehh…?
B: Desbetreffenden
F: Ja
B: Want hij zei, ik zie hem vanavond en anders eeh sowieso morgen
F: Oh .. eeh … [betrokkene 1]
B: ja (…)
F: Ik ben wel nieuwsgierig als er belangrijke informatie is voor mij ook om te weten.
B: Nou ja het eerste contact is gelegd om … he verdomme.. wacht effe hoor ik moet effe mijn hoofd recht hebben hoor … moment
B: Ik heb [medeverdachte 1] gebeld met de vraag of hij eeh mijn nummer wil doorgeven met de vraag of die contact wil opnemen
F: OK
(…)
F: .. Maar ik snap 1 ding niet. Hoezo zag [medeverdachte 1] dan, hoezo ziet hij hem.
B: Omdat [medeverdachte 1] bij Haarlem zit (…)
F: Maar hij zat toch in een andere chapter, niet in Haarlem?
B: Nee, eeh hij zat in een andere club … en is … eeh toen overgestapt, .. vandaar
F: Oh.
B: Ja, dus .. zo zit dat
F: Oh, .. dus die weet ook van alles .. van de hoed en de rand, waarschijnlijk
B: Ik denk het.. ik weet het niet
(…)
9. Een proces-verbaal van bevindingen van de Politie Eenheid Noord-HoIIand d.d. 23 september 2014 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Tweede telefoonnummer [getuige 1]
Op 5 juli 2014 te 22:55 uur wordt vanaf het getapte telefoonnummer van [getuige 1] , het nummer 06- [telefoonnummer 1] , een sms verstuurd naar het telefoonnummer 06- [telefoonnummer 2] . De inhoud van de sms betreft de tekst: 'testjen', vermoed wordt dat hiermee 'testje' werd bedoeld. Gezien dat:
[getuige 1] op 7 juli 2014 een telefoongesprek (sessienummer 158) voert waarin hij zegt:
... Dat hoor ik morgen, ik probeer wat tijd te winnen en weet niet hoe coulant ze zijn. Ik moet afwachten hoe dat gaat lopen. Ik heb een apart mobieltje gehaald, ik geef je straks effe dat nummer door ook, dan heb je in ieder geval twee nummers van me....
Er op 5 juli 2014 naar een onbekend nummer, welke maar 1 keer voorkomt als contact gedurende de getapte periode, het woord 'testjen' wordt gestuurd waarna geen reactie volgt;
deed vermoeden dat het telefoonnummer van het tweede mobieltje 06- [telefoonnummer 2] betreft. (...)
Analyse historische verkeersgegevens 06- [telefoonnummer 2]
Uit een analyse van de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer 06- [telefoonnummer 2] in het politiesysteem digitale communicatie sporen (DCS) blijkt onder andere dat:
het telefoonnummer sinds 5 juli 2014 te 13:11 uur actief is en dan veelal onder bereik is van zendmasten in het centrum van Haarlem.
(…)
er tot 9 juli 2014 te 14:08 uur, behalve internetverkeer, geen communicatie is met andere telefoonnummers.
op 9 juli 2014 te 14:08 uur, 14:10 uur en 14:12 uur zijn er uitgaande contacten met het nummer [telefoonnummer 3] . Het contact om 14:08 uur is een gesprek van 85 seconden. Uit onderzoek op internet blijkt dat dit nummer behoort bij de tattooshop ' [B] ’ te Leiden. Volgens het Ciot blijkt dat dit nummer op naam staat van [medeverdachte 1] te [plaats] . Uit onderzoek in de registers van de KvK en politiesystemen blijkt dat de eigenaar van Tattooshop ' [B] ' is:
[medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum] 1956 [geboorteplaats]
Van [medeverdachte 1] is bekend dat hij full member van de Hell's Angels, chapter Haarlem is. (. ..)
Op 9 juli 2014 te 14:28 uur; 14:37 uur en 14:41 uur zijn er inkomende contacten met het telefoonnummer 06- [telefoonnummer 4] . Het contact om 14:41 uur betreft een gesprek van 81 seconden. Uit Ciot gegevens blijkt dat dit telefoonnummer op naam staat van:
[betrokkene 4] , [b-straat 1] te [plaats] .
Uit het register van de gemeentelijke basisadministratie blijkt dat de enige ingeschrevene op dit adres is:
[betrokkene 4] , geboren op [geboortedatum] -1984 te [geboorteplaats] .
Uit registraties in politiesystemen blijkt dat [betrokkene 4] een relatie heeft met [betrokkene 1] , na het contact met het telefoonnummer 06- [telefoonnummer 4] op 9 juli 2014 te 14:41 uur zijn er met dit nummer geen verdere contacten meer.
(…)
10. Proces-verbaal van bevindingen van de Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 9 september 2014 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Op [...] 25 augustus 2014 [...] hadden wij, verbalisanten, naar aanleiding van een aantal incidenten met leden van de Hells Angels een gesprek met [getuige 2] , geboren [geboortedatum] 1966. [...] [getuige 2] [...] vertelde [...] ons, kort en zakelijk weergegeven:
Dat hij sinds 4 a 5 maanden lid is van de motorclub No Surrender, chapter Rotterdam. [...]
Dat hij een vestje had gekregen waarop alleen “Rotterdam” stond in de kleuren van No Surrender […]
Dat hij dit vestje wel eens droeg in Haarlem en in zijn café.
Dat hij, voor zover hij weet, het enige No Surrender lid is in Haarlem.
Dat hij met zijn vriendin [betrokkene 17] sinds 1 jaar eigenaar is van rock café “ […] ” te Haarlem.
[…]
Dat hij sinds hij verteld heeft aan de vriend die lid is van de “Gringo’s” dat hij lid is van No Surrender problemen ondervindt.
Dat ongeveer 3 maanden geleden zijn vestje is afgepakt door 6 leden van de Hells Angels.
Dat dit is gebeurd op een donderdagavond omstreeks 21:30 uur in zijn café terwijl hier diverse klanten aanwezig waren.
Dat hij nog weet dat het een donderdag was omdat die avond een clubavond van de Hells Angels is.
Dat er 6 Hells Angels in full colours het café binnen kwamen, hem in een hoek dreven en vervolgens vertelden dat ze zijn vest wilden hebben.
Dat hij eerst geweigerd zou hebben maar vervolgens toch zijn vest hebben gegeven omdat hij bang was voor de veiligheid van zijn klanten.
Er door de Hells Angels vervolgens nog is gezegd: “de boodschap hoor je nog wel” en “we willen geen No Surrender in Haarlem”.
Dat hij, nadat de Hells Angels waren vertrokken, naar zijn club heeft gebeld om dit incident te melden.
[…]
Dat hij 4 weken later tijdens een clubavond zijn vestje terug heeft gekregen.
Dat hij niet precies weet hoe het vestje terug gekomen is maar dat dit overgedragen zou zijn door een Hells Angel in Heemstede aan een onbekende.
Dat na de teruggave er wel twee Hells Angels in zijn café zijn geweest en vertelden dat er verder geen problemen zouden zijn als hij zijn vestje maar niet meer zou dragen in Haarlem en respect zou tonen naar de Hells Angels.
[…]
Dat enige tijd hierna twee No Surrender leden in colours in zijn café zijn geweest en hij hiervan de Hells Angels op de hoogte heeft gesteld.
Dat er vervolgens Hells Angels naar zijn café zijn gegaan maar dat de No Surrender leden al weg waren.
Dat hij vervolgens op een avond, een week voor Haarlem Jazz, door twee leden van de Hells Angels die hij kent als “ [betrokkene 1] ” en “ [betrokkene 2] ” in zijn café werd aangesproken en naar buiten moest komen.
Dat “ [betrokkene 1] ” en “ [betrokkene 2] ” van hem wilden weten of twee mannen die voor café “van Beinum” stonden leden van No Surrender waren.
Dat hij de twee mannen die “ [betrokkene 1] ” en “ [betrokkene 2] ” aanwezen niet kende. Dat “ [betrokkene 1] ” en “ [betrokkene 2] ” vervolgens tegen hem zeiden dat ze volgende week zouden terugkomen en dan wilden horen dat hij geen lid meer was van No Surrender.
Dat een week later, tijdens Haarlem Jazz er 3 mannen in full colours van de Hells Angels zijn café binnen kwamen.
Dat er op dat moment 1 klant in hef café zat die van de Hells Angels buiten moest wachten met zijn biertje, hetgeen deze deed.
Dat hem vervolgens gevraagd werd of hij nog lid was van No Surrender.
Dat hij hierop bevestigend had geantwoord.
Hij vervolgens 1 klap tegen zijn gezicht kreeg en hij knock-out is gevallen op de grond en hij niet weet wie hem geslagen heeft.
11. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen NNVrouw5811 en [betrokkene 3] d.d. 20 juli 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in :
Datum: 20-07-2015 10:44:34
[betrokkene 3] WGD NNVrouw5811 (...)
NNVrouw5811: Nou ik weet het niet maar voor hetzelfde geld waren ze wel allemaal jouw kant opgegaan [betrokkene 3] . Want ze reden hier allemaal langs op een gegeven moment die kant op. Ik denk straks hebben ze je adres. Ze waren wel op zoek naar je.
[betrokkene 3] : Ze zoeken maar een end heen. (…) Was ff een persoonlijk dingetje wat ik met die jongen had dus ik vind het prima
NNVrouw5811: Zo zien ze het dus blijkbaar niet. Het krioelde in de stad gister. Ze reden met auto's, motoren. Jouw naam werd genoemd dus ik denk ik zal het ff zeggen voordat ze wel jouw kant [betrokkene 3] : Ze zijn altijd welkom. Dat weet je. Tuurlijk, goed dat je het zegt.
(…)
12. Een proces-verbaal van relaas van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 19 juli 2017 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Op 20 juli 2015 omstreeks 10.44 uur wordt [betrokkene 3] gebeld door [betrokkene 18] (NNVrouw5811) die gebruik maakt van telefoonnummer [telefoonnummer 5] . (...) Het telefoonnummer (...) staat blijkens een vordering identificerende gegevens op naam van [verdachte] . [verdachte] is full colour member van MC Hells Angels Haarlem (...). Uit onderzoek blijkt dat [betrokkene 18] de vriendin is van [verdachte] en de gebruiker is van genoemd telefoonnummer.
(…)
13. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 3] en [betrokkene 1] d.d. 13 augustus 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in:
Datum 13-08-2015 13:37:13
[betrokkene 3] WGD [betrokkene 1] (...)
F: Hey even andere informatie. Ik kreeg net een appje van onze vriend [getuige 3] . [verdachte] heeft gevraagd hoe het met hem ging qua gezondheid en hij appt een hele lange tekst terug die hij ook naar mij gestuurd heeft. Maar hij zit zwaar in de shit, problemen. Hij woont in [plaats] nu etcetera. De club wordt gewoon niks meer. dat staat er 2x in dus dan weet je dat
L: Je weet wat we hebben afgesproken. Dat hoeft dan ook niet te wachten
F: dan weet je het ff. [verdachte] weet het ook. Zometeen heb ik het er met de gasten even over over het sms'je of appje dat ik gehad heb. Maar dan ben je in ieder geval op de hoogte. Hoef je me ook niet meer te bellen.
L: Zeker maar ook dat hij niet het respect heb om te wachten, weer gaat lopen mauwen en weet ik veel wat. weet je wat je te doen staat, ja toch?
(…)
14. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [getuige 3] en [verdachte] (t.n.v. [verdachte] ) d.d. 18 augustus 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in:
Datum 18-08-2015 18:25:17
[getuige 3] BUM [verdachte] (…)
[verdachte] : Joehh .. [getuige 3]
: Ja, [verdachte] .. He [verdachte] , even een vraag aan jou … [verdachte] : Ja..
[getuige 3] : Hebben jullie aan de tafel besloten dat ik mijn motor moet inleveren? [verdachte] : Dat weet ik niet
[getuige 3] : Maar, laten we even heel duidelijk zijn [verdachte] : Ja?
[getuige 3] : Ik word nu door die 2 imbecielen afgeperst, stomp voor mijn hersens. Ik kan 2 dingen doen: of we kunnen het op een normale manier regelen of of ik ga gewoon aangifte doen, he. Ik laat me niet meer afpersen, ik laat me niet meer verrot schelden, laat me niet meer op mijn bek stompen door die kanker [betrokkene 3] . Ik wou hem doodschieten, maar ik doe het godverdomme niet..
Verbinding wordt verbroken.
(…)
15. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [getuige 3] en NNVrouw6927 d.d. 19 augustus 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in:
[getuige 3] BUM NNVrouw6927 (...)
[getuige 3] . Kijk en [medeverdachte 3], die zegt van Ja .. euhh .. ik zou gewoon die motor hebben gegeven
NNvrouw6927: Ja, je lijkt wel gek..
[getuige 3] : Nee .. weet je, dat ga ik ook niet doen, maar hij zei: Ja, dan ben je wel van alles, het gezeik af
NNvrouw6927: (lacht)
(…)
[getuige 3] : Het is euhh ... Ik kan beter ... Kijk kijk ... Ik kan beter wel zo ... Ik moet even kijken dat...dingen regelen, dat die opgeborgen worden, voorlopig eventjes..
NNvrouw6927: Hmmhmm ..
[getuige 3] : Kijk dat .. als ze kwaad mee kunnen, dan ja ... NNvrouw6927: Wat dan?
[getuige 3] : Ja, spullen in de fik steken, of wat dan ook. NNvrouw6927: Hmmmm ..
[getuige 3] : Ik Het zal op zoiets wel neerkomen; weetje wel.
NNvrouw6927: Hmmmm (...)
[getuige 3] : (...) Ik heb die [verdachte] nog gebeld .. NNvrouw6927: Ja .. maar ja, die zegt toch niks. (...)
[getuige 3] . Ja, want weet je wat het is .. Euhhh ... euhm .. ik wil helemaal niks meer met met met wie dan ook te maken hebben. Het is natuurlijk wel zo, dat [medeverdachte 5] die had hier ook een stokkie voor kunnen steken
NNvrouw6927: Ja.
[getuige 3] : En dat heb-ie.ook-niet-gedaan. En [verdachte] die ik aan de lijn heb gehad die had er ook een stokkie voor kunnen steken en die heb het ook niet gedaan en die [medeverdachte 1] (...)
16. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [getuige 3] en [betrokkene 19] d.d. 27 augustus 2015, opgemaakt door Politie Eenheid Noord-Holland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in:
[getuige 3] bum [betrokkene 19]
[getuige 3] zegt dat hij in 2 a 3 dagen alles heeft geregeld, de hele beveiliging. [betrokkene 19] zegt dat het al Fort Knox was.
[getuige 3] zegt ja maar ook ergens anders, ik heb ook backup, ik heb ook vrienden.
zegt dat “ze" dat weten. [betrokkene 19] zegt dat ze iedereen hadden moeten sturen behalve die twee. [betrokkene 19] vindt het raar dat die oudere er allemaal niks van zeggen.
(…)
[getuige 3] vindt het een mal cluppie en zegt dat hij die [medeverdachte 5] niet begrijpt en die ouderen allemaal. Die hadden in moeten grijpen.
(…)
[getuige 3] zegt dat het al meer geld heeft gekost als die ene motor waard is. Het was goedkoper geweest om die motor mee te geven. [getuige 3] zegt dat hij niet op zijn knieën door het leven gaat voor ze.
(…)
17. Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 1] en Tattoo [B] d.d. 17 december 2015 opgemaakt door Politie Eenheid Noord-HoIland (…)
Dit tapgesprek houdt onder meer het volgende in:
Datum 17 12-2015 17:38:18
[betrokkene 3] / [betrokkene 1] BUM [medeverdachte 1]
[betrokkene 3] geeft even zijn direct leidinggevende, alias Hitler aan de telefoon.
[betrokkene 1] moet lachen en zegt wat een teringleier he .. tegen [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] moet lachen
had gezegd, omdat hij morgen weggaat, dat hij niet kwam.
[betrokkene 1] : Naar aanleiding van gister is er geen aanleiding om te komen, maar er is vandaag wel wat voorgevallen, dus wij hebben wel koffie vanavond, laat maar zeggen.
: Ja
[betrokkene 1] : Euhh .. Je ken zeggen, van Ja euhh .. ik hoor het later, maar dan weet je in ieder geval wel, dat er zo wat besproken wordt.
: Oké .. en hoe laat is dat, de koffie? [betrokkene 1] : Koffie is altijd 9 uur he ..
vindt 9 uur wel erg laat en moet even kijken [medeverdachte 1] ziet [medeverdachte 5] en [medeverdachte 3] morgen.
[betrokkene 1] zal [medeverdachte 5] informeren en dan hoort [medeverdachte 1] het morgen wel van [medeverdachte 5] . [...]
18. Een proces-verbaal verhoor verdachte [medeverdachte 1] vordering tot inbewaringstelling d.d. 1 februari 2017 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
U houdt mij voor dat [betrokkene 1] mij na de mishandeling van [getuige 10] heeft gebeld en dat hij heeft gezegd dat er vandaag jets is voorgevallen en dat er vanavond koffie is. Hij heeft ook gezegd: 'Dan weet je in ieder geval dat er zo wat besproken wordt'. Achteraf hebben wij gehoord dat dat incident had plaatsgevonden.
(…)
19. Een proces-verbaal van onderzoek wapen van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 26 juli 2016 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Op [...] 19 juli 2016 werden gedurende een zoeking in een woning op het adres [c-straat 1] te [plaats] een vuurwapen en munitie aangetroffen.
(…)
20. Een proces-verbaal van bevindingen beluisterde OVC gesprekken in het clubhuis Hells Angels, charter Haarlem van de datum 19-07-2016 van de Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 7 december 2016 (…).
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Door de officier van justitie van het arrondissementsparket Noord-Holland en de rechtercommissaris van de Rechtbank Noord-HoIland zijn [....] een machtiging en bevel tot het opnemen van vertrouwelijke communicatie met een technisch hulpmiddel in het clubhuis van de Hells Angels, charter Haarlem, [a-straat 1] te Haarlem afgegeven. [...]
Identificatie gespreksdeelnemers OVC gesprekken. (...)
Deze deelnemers die vooralsnog zijn geïdentificeerd betreffen:
[betrokkene 2] , geboren [geboortedatum]-1974. (...)
[betrokkene 3] , geboren op [geboortedatum]-1980 te [geboorteplaats]. (...)
[medeverdachte 5] , geboren [geboortedatum]-1965. (...)
[medeverdachte 3] , geboren [geboortedatum]-1972. (...)
OVC van [a-straat 1] te Haarlem (...) Uitwerking OVÇ gesprekken van 19-07-2016 (...)
12:04:56 uur komt [betrokkene 2] boven aan op het CH. [betrokkene 2] : vuurwapen gevonden.
Nnman1: is ie mee. [betrokkene 2] : huh ... Nnman1: is ie mee.
[betrokkene 2] : zeg jij het maar pik ... onverstaanbaar... tip gehad veel geld veel wapens ... op zoek naar wapens en er moet veel geld in huis liggen ... onverstaanbaar.
Nnman1 : ik geeft ze geen ongelijk hahaha. (...)
[betrokkene 2] : ... onverstaanbaar ... [betrokkene 3] ... gister naar mijn moeder gereden en me moeder belde kom effe naar huis ... onverstaanbaar...
[betrokkene 2] ... Nokiatje .
[betrokkene 3] : maar wat hadden ze nog meer gevonden. [betrokkene 2] : niks, een wapen en de tas ... onverstaanbaar.
[betrokkene 3] : ohh das kut voor haar, ja want het is natuurlijk een huurhuis of niet.
[betrokkene 2] : dan word je er toch niet uitgegooid want een huur huurhuis ... onverstaanbaar... vuurwapens ...
[betrokkene 3] : nee maar ze moet dan wel zeggen van wie die is natuurlijk.
[betrokkene 2] : onverstaanbaar. (...)
[betrokkene 3] : maar ze hebben t wel meegenomen, maar ze hebben alleen je wapen mee genomen [betrokkene 2] : jah alleen wapen (...)
12-15-34
[betrokkene 2] : onverstaanbaar... ze moesten blijven zitten en eh toen vroegen ze een nummer hun bellen naar mijn schoonzus ... onverstaanbaar ... en toen hebben ze vuurwapen gevonden
[betrokkene 3] : stond hier die hond bij
.. onverstaanbaar...
Nnman1: ik moest toen aan de keukentafel blijven zitten .. een keer.... .
onverstaanbaar ... er roept een nnman jongens ik ben aan het werk hoor, sorry. Er klinkt een ringtoon van een telefoon. De nnman neemt op en zegt met [medeverdachte 5] . (de stem van de NNman lijkt na stemvergelijking op de tap op de stem van [medeverdachte 5] )
[betrokkene 2] : onverstaanbaar ze waren naar geld op zoek en wapens
[betrokkene 2] : beloof me 1 ding beloof met gewoon effe 1 ding gooi die kankertelefoon in 't Noordzeekanaal Nnmannen: ja
[betrokkene 2] : al kost het 500 (...)
[betrokkene 2] : ik gooi hem gooi hem voor dat je vanavond gaat slapen regel je shit ouwe haal een nieuwe telefoon .. onverstaanbaar gooi em gooi em
Nnman2: maakt niet uit dat je hem kan delete
.. onverstaanbaar..
[betrokkene 3] : je moet hem echt weg gooien [medeverdachte 3] onverstaanbaar ze kunnen alles terughalen je ken deleten
maar ze vinden alles terug (…)
12.37.40 uur
[betrokkene 3] : maar goed gebarricadeerd pik als ze niet eens binnen kunnen komen
[betrokkene 2] : hij zat niet eens op nachtslot het is gewoon een aluminium deur … onverstaanbaar …
… er gaat een nnman (de stem van de NNman lijkt na stemvergelijking op de tap op de stem van [medeverdachte 3] ) weer werken en verder gaat het over een abonnement voor telefoon ook over dat ze de telefoons moeten vernietigen maar dat ze de sim kaartjes kunnen houden. Foto’s en adressen wissen van telefoon Icloud en skypen. [betrokkene 2] legt aan nnman uit hoe hij dat moet doen en zegt misschien weet [betrokkene 20] het wel. (…)
21. Een proces-verbaal aanvulling OVC clubhuis 19-07-2016 van Politie Eenheid Noord-Holland) d.d. 1 mei 2017 (…)
Dit proces-verbaal houdt onder meer het volgende in:
Op woensdag 7 december 2016, werd een proces-verbaal van bevindingen opgemaakt naar aanleiding van het opnemen van vertrouwelijke communicatie met een technisch hulpmiddel in het clubhuis van de Hells Angels, charter Haarlem, [a-straat 1] te Haarlem.
De datum van opname van deze gesprekken betrof 19 juli 2016.
Gespreksdeelnemers van deze dag zijn:
Onder de kop
“Gespreksdeelnemers van deze dag zijn”staan onderstaande namen beschreven als gespreksdeelnemers van die dag:
[betrokkene 2]
[betrokkene 3] NNmannen
Hier moet echter staan als gespreksdeelnemers van die dag: [betrokkene 2]
[betrokkene 3] (…)
[medeverdachte 5] NNman ( [medeverdachte 3] )’
8. Ik attendeer erop dat bij de civiele kamer van Uw Raad het cassatieberoep aanhangig is tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin onder meer is beslist dat de in eerste aanleg uitgesproken verbodenverklaring en ontbinding van Hells Angels Motorcycle Club Holland in stand blijven. [81] In die zaak spelen feiten en omstandigheden een rol die ook in deze strafzaak aan de orde zijn. Het gaat hier evenwel om een andere procedure, met andere rechtsvragen; ik zal in het navolgende niet aan deze zaak refereren. Ik vermeld voorts dat een deel van de vonnissen en arresten die gewezen zijn in de strafzaken tegen leden van het charter Hells Angels Haarlem zijn gepubliceerd. [82] En ik wijs erop dat art. 140 Sr Pro ook bij de strafvervolging van leden van andere Outlaw Motorcycle Gangs een belangrijke rol heeft gespeeld. [83]
Het middel
9. Het middel klaagt dat ten onrechte bewezen is verklaard dat de verdachte heeft deelgenomen aan een organisatie die tot oogmerk had het plegen van misdrijven, althans dat de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen omkleed zou zijn, althans niet voldoende begrijpelijk zou zijn gemotiveerd. Het middel valt in een aantal deelklachten uiteen. De eerste deelklacht heeft betrekking op
het bestaan van een criminele organisatie. Alvorens op die deelklacht in te gaan merk ik het volgende op.
10. Voor een veroordeling wegens art. 140 Sr Pro is vereist dat sprake is van een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Van een organisatie is sprake bij een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen de verdachte en ten minste één andere persoon. [84] Van een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft, kan ook worden gesproken als het plegen van die misdrijven het naaste doel of een nevendoel van de organisatie is; vereist is niet dat het plegen van misdrijven de voornaamste bestaansgrond van de organisatie is. [85]
11. Het hof heeft in de bewijsmotivering vooropgesteld dat er sprake is van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen de leden van de Hells Angels Haarlem, de Stichting en [betrokkene 4] gedurende de ten laste gelegde periode. Het hof heeft inzake het oogmerk van de organisatie vervolgens (A) de bedreigende en gewelddadige reputatie van de organisatie, (B) het belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen, en (C) gepleegde misdrijven in aanmerking genomen. En het hof heeft vervolgens tegen deze achtergrond geconcludeerd dat de organisatie ‘een oogmerk’ heeft gericht op het plegen van (de in de bewezenverklaring omschreven) misdrijven. Aldus ligt in de bewijsmotivering van het hof besloten waarom het de leden van het charter Hells Angels Haarlem samen met de Stichting en [betrokkene 4] heeft aangemerkt als een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft. [86] De eerste deelklacht betreft de begrijpelijkheid en toereikendheid van deze overwegingen.
12. In verband met die begrijpelijkheid wijs ik alvast op een arrest van Uw Raad van 22 januari 2008. [87] In het betreffende arrest was ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat hij samen met vijf medeverdachten had deelgenomen aan een organisatie die tot oogmerk had het plegen van (nader omschreven) in de Opiumwet strafbaar gestelde misdrijven. Uw Raad was van oordeel dat het hof uit de bewijsmiddelen had kunnen afleiden dat (kort gezegd) de verdachte en een medeverdachte in gestructureerd verband hadden samengewerkt, dat de verdachte daarbij telkens een centrale rol vervulde en dat de verdachte en deze medeverdachte beiden hadden samengewerkt met een of meer van de andere medeverdachten van wie was bewezenverklaard dat zij deel uitmaakten van (kort gezegd) de criminele organisatie. Daarmee illustreert het arrest dat een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft kan bestaan uit enkele personen die (bij het plegen van misdrijven) een centrale positie innemen en andere personen.
13. De steller van het middel klaagt dat ‘s hofs oordeel dat de organisatie tot oogmerk had het plegen van de bewezenverklaarde misdrijven niet naar de eis der wet met redenen zou zijn omkleed, althans niet voldoende begrijpelijk zou zijn gemotiveerd. In zoverre het hof zich heeft beroepen op door leden van de Hells Angels Haarlem gepleegde misdrijven, zou opvallen dat steeds [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] (in wisselende samenstellingen) betrokken zijn geweest bij het plegen van die misdrijven en steeds niet de verdachte of andere leden van het charter. Dat het hof het verweer dat de genoemde drie personen op persoonlijke titel strafbare feiten hebben gepleegd heeft verworpen en heeft vastgesteld dat die strafbare feiten zijn gepleegd uit naam van de charter, zou nog niet zonder meer begrijpelijk maken dat het hele charter onderdeel is van de organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven en dus dat de vastgestelde organisatie dat oogmerk heeft.
14. Uit de bewijsmiddelen volgt dat [getuige 2] heeft verklaard dat op de betreffende avond zijn vestje van No Surrender is afgepakt door zes leden van de Hells Angels, dat zij op een donderdagavond omstreeks 21:30 uur in zijn café kwamen, dat donderdagavond een clubavond van de Hells Angels is, dat zij in full colours het café binnenkwamen en dat de Hells Angels hebben gezegd dat zij geen No Surrender in Haarlem wilden (bewijsmiddel 10). Uit de bewijsmiddelen kan niet worden afgeleid wie precies voor de afpersing van het betreffende vest verantwoordelijk waren. Wel volgt daaruit dat de afpersing in het teken stond van de doelstellingen van Hells Angels Haarlem en niet door alleen [betrokkene 1] , [betrokkene 3] en [betrokkene 2] is gepleegd.
15. Uit ‘s hofs bewijsvoering volgt voorts dat [betrokkene 1] , [betrokkene 3] en [betrokkene 2] bij hun criminele activiteiten niet op eigen houtje opereerden. De afpersing van [getuige 3] en daarmee de klap die in dat kader is uitgedeeld was uitvloeisel van een clubbesluit. Dat geldt ook voor de afpersing van [getuige 6] . De gewelddadigheden tegen leden van andere motorclubs zijn een uitvloeisel van wat [betrokkene 1] tijdens de clubvergadering van 16 september 2016 (bewijsoverwegingen onder het kopje ‘De relatie met andere motorclubs’) omschrijft als ‘onze eigen houding’. Uit de bewijsvoering volgt ook dat meer leden van het charter bij acties in dit kader betrokken zijn. Als Mongols worden gespot in Zandvoort (dat de Hells Angels Haarlem als onderdeel van hun territorium zien) rijdt de verdachte daar rond (bewijsoverwegingen onder het kopje ‘De deelname van [verdachte] aan een zoektocht naar leden van de Mongols). De vriendin van de verdachte waarschuwt [betrokkene 3] nadat deze [getuige 9] , lid van Satudarah, heeft mishandeld, dat ‘ze’ naar hem op zoek zijn (bewijsmiddelen 11 en 12). [betrokkene 1] wijst vier leden van het charter aan (waaronder zichzelf) die vast hadden gezeten als Van der Valk (waar een vechtpartij tussen de Hells Angels en de Mongols had plaatsgevonden) betere camera’s had gehad (bewijsoverweging onder het kopje ‘De koers/toekomst van de organisatie zelf en verhullen/afdekken’). Na de mishandeling van [getuige 10] (lid van No Surrender) vindt een vergadering plaats waarover in ieder geval de medeverdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 1] worden geïnformeerd (bewijsmiddelen 17 en 18).
16. Ook bij de gang van zaken rond andere misdrijven zijn meer leden van het charter betrokken. [getuige 1] , die wordt gedwongen om zijn tattooshop te sluiten, belt medeverdachte [medeverdachte 1] , die in Leiden een tattooshop heeft (bewijsmiddelen 8 en 9). [getuige 3] stuurt een appje naar de verdachte en belt hem ook (bewijsmiddelen 13 en 14). De medeverdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 3] krijgen na de inbeslagneming van een vuurwapen van medeverdachte [betrokkene 2] het advies om hun telefoon in het Noordzeekanaal te gooien (bewijsmiddelen 19, 20 en 21). En bij de andere misdrijven die het hof in aanmerking neemt ligt eveneens in de bewijsvoering besloten waarom deze met (het criminele oogmerk van) de organisatie verband houden. [getuige 7] is afgeperst uit hoofde van de positie die [betrokkene 1] en [betrokkene 2] binnen de Hells Angels Haarlem hadden, en heeft klappen gekregen in het clubhuis; [betrokkene 3] verwijst bij de afpersing van [getuige 4] in telefoongesprekken naar de Hells Angels en geeft aan dat de club ermee gemoeid is. En het hof koppelt de in de open haard van het clubhuis aangetroffen kogel aan het vuurwapen dat [betrokkene 1] en [betrokkene 3] voorhanden hadden.
17. De enkele omstandigheid dat de misdrijven die het hof opsomt voor het overgrote deel zijn begaan door [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] staat er in dit licht niet aan in de weg dat het hof het grotere verband van de Hells Angels Haarlem, samen met [betrokkene 4] en de Stichting, mede op grond van deze misdrijven heeft kunnen aanmerken als een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.
18. De steller van het middel meent dat het hof ‘waar geen strafbare betrokkenheid bij misdrijven van andere leden kon worden vastgesteld het bewijs ook maar is gaan baseren op de bedreigende en gewelddadige reputatie die het charter zou hebben en op het belonen en aanmoedigen van strafbare feiten’. Het zwaartepunt bij deze vaststellingen zou gelegen zijn in de vaststelling dat de overige leden er wetenschap van hebben gehad dat misdrijven werden gepleegd. Met wetenschap en acceptatie van strafbare feiten zou het oogmerk van de organisatie evenwel niet gegeven zijn. En het achteraf belonen van een gedraging zou niet impliceren dat de gedraging beoogd werd door de organisatie.
19. In de bewijsoverwegingen die het hof aan de bedreigende en gewelddadige reputatie van de Hells Angels Haarlem heeft gewijd, stelt het de verklaringen en tapgesprekken van slachtoffers voorop. Daarbij gaat het om de getuigen [getuige 1] , [getuige 2] , [getuige 3] , [getuige 4] , [getuige 5] , [getuige 6] en [getuige 7] . Deze getuigen spreken over (het hebben van angst voor) de Hells Angels als groep. Het hof heeft uit de verklaringen en tapgesprekken van de slachtoffers kunnen afleiden dat de Hells Angels Haarlem een bedreigende en gewelddadige reputatie hadden.
20. Dat de leden van de Hells Angels Haarlem zich ook bewust waren van deze reputatie leidt het hof (onder meer) af uit een uitlating van [betrokkene 2] , de beschrijving door [betrokkene 1] van de gang van zaken op een clubavond en twee krantenberichten. De betreffende uitlating van [betrokkene 2] , inhoudend dat het chapter Haarlem in Holland bekend staat als kei- en keihard, is gedaan op de clubavond op 16 september 2016 waar de verdachte en de andere leden bij waren, en draagt het karakter van een constatering. In beide krantenberichten wordt gesproken over het ‘beruchte chapter’, van het uit zijn op oorlog en het hanteren van een harde lijn.
21. Het hof wijst in de bewijsoverweging over ‘Belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen’ eerst op de oorkonde ‘
Deathhead Purple Heart’ die in het clubhuis hangt, en stelt vast dat op die oorkonde in het Engels staat dat een ieder die dit heeft verdiend zijn bloed heeft gegeven ter verdediging en eer van de Hells Angels. Het hof heeft daaruit kennelijk afgeleid en kunnen afleiden dat de oorkonde een beloning is voor de toepassing van geweld en dat dit ook gold binnen de Hells Angels Haarlem. Geweldsdelicten zijn in de bewezenverklaring vermeld; bewezenverklaard is dat de organisatie onder meer het plegen van openlijke geweldpleging en de strafbaar gestelde vormen van mishandeling tot oogmerk had. De ‘
ball peen hammer’ is, zo stelt het hof vast, een symbool bedoeld voor leden die geverifieerd geweld namens de club hebben gebruikt en is op de motor van medeverdachte [medeverdachte 2] aangetroffen. Het hof heeft kunnen oordelen dat ook dit symbool aldus een beloning is voor de toepassing van geweld en dat dit ook zo gold binnen de Hells Angels Haarlem.
22. Het hof leidt verder uit het dossier af dat de zogenaamde patch ‘
dequiallo’ verdiend kan worden door geweld dat clubleden van Hells Angels hebben toegepast richting overheidspersoneel. Deze patch is in het clubhuis op de muur geschilderd en vier leden, waaronder de verdachte, droegen deze patch. Het hof overweegt voorts dat een andere betekenis van de term ‘
dequiallo’ niet aannemelijk is, en wijst in die context op afgeluisterde uitlatingen van [betrokkene 1] en [betrokkene 3] en de ter terechtzitting in hoger beroep afgelegde verklaring van [betrokkene 2] . Het hof heeft daaruit kennelijk afgeleid en kunnen afleiden dat de patch een beloning is voor het toepassen van geweld tegen een ambtenaar in functie. In de bewezenverklaring is onder de geweldsdelicten expliciet ook (gekwalificeerde) mishandeling van ambtenaren gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van hun bediening opgenomen.
23. Het hof heeft de vaststellingen inzake de bedreigende en gewelddadige reputatie van het charter en inzake het belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen naar het mij voorkomt bij de bewijsvoering inzake het oogmerk van de organisatie in aanmerking kunnen nemen. Uit het hebben van een bedreigende en gewelddadige reputatie, de feiten en omstandigheden waar deze reputatie uit blijkt, en de acceptatie van deze reputatie door de leden, kunnen aanwijzingen inzake de doelstellingen van een organisatie worden afgeleid. Dat geldt ook voor het belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen door een organisatie en de feiten en omstandigheden waar dat uit blijkt. Dat de oorkonde, de patch en het symbool door geweldshandelingen konden worden verdiend, vormde een aanmoediging om deze strafbare feiten te plegen. Aan ’s hofs vaststellingen doet voorts niet toe of af dat wetenschap van de reputatie van de organisatie en van de positieve houding ten opzichte van het plegen van strafbare feiten ook in verband met de vaststelling van wetenschap van het criminele oogmerk bij de leden van belang kunnen zijn.
24. De steller van het middel wijst vervolgens op rechtsregels die in een arrest van Uw Raad van 15 mei 2007 zijn neergelegd. [88] In dat arrest heeft Uw Raad overwogen dat het criminele oogmerk van de organisatie uit de bewijsmiddelen zal moeten blijken. Voor het bewijs van dit oogmerk zal volgens Uw Raad ‘onder meer betekenis kunnen toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie reeds zijn gepleegd, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking, zoals daarvan kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie, en, meer algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie’. De steller van het middel meent dat uit dit arrest volgt dat het steeds gaat om actieve omstandigheden binnen een samenwerkingsverband waaruit het gezamenlijk doel/oogmerk zou kunnen worden afgeleid. Daar komt bij, aldus de steller van het middel, dat het hof het oordeel inzake het oogmerk van de organisatie niet nader heeft gemotiveerd aan de hand van de door Uw Raad genoemde omstandigheden.
25. Uit de formulering van de geciteerde overweging volgt dat Uw Raad geen limitatieve opsomming heeft gegeven van omstandigheden die bij het oordeel inzake het (al dan niet) criminele oogmerk van een organisatie in aanmerking kunnen worden genomen. Dat brengt mee dat de klacht, voor zover daarin besloten ligt dat het hof gehouden was de bewezenverklaring in het licht van de genoemde omstandigheden te motiveren, faalt. Daar komt bij dat het hof in de bewijsmotivering betekenis heeft gehecht aan misdrijven die in het kader van de organisatie zijn gepleegd. In zoverre ontbeert de klacht feitelijke grondslag.
26. Van belang is voorts dat het hof wel degelijk aandacht heeft besteed aan het duurzaam en gestructureerde karakter van de samenwerking. In de overwegingen die het hof heeft gewijd aan de organisatie stelt het vast dat de Stichting Hells Angels Haarlem eigenaar is van het clubhuis en beschikt over een bankrekening, die wordt gevoed door contante stortingen en vanaf welke rekening de vaste lasten worden betaald. En dat binnen het charter sprake is van een strakke structuur met diverse functies. Het hof stelt voorts onder meer vast dat de leden structureel overleggen in periodieke overleggen waarbij beslissingen op democratische wijze worden genomen. De betekenis die het hof hecht aan het belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen dient, zo blijkt ook uit de betreffende overwegingen, tegen de achtergrond van deze vaststellingen te worden begrepen. Zo wijst het hof op de inzamelingen in clubverband voor gedetineerde leden en op de clubregel die tot geheimhouding verplicht. Ik begrijp ’s hofs overwegingen aldus dat dit ‘cultuuraspect’ van de organisatie tegen de achtergrond van de sterk gestructureerde samenwerking en de druk die daarvan uitging als een factor is aangemerkt waaruit kan worden afgeleid dat het plegen van strafbare feiten een (neven-)doelstelling van de organisatie was.
27. De planmatigheid en stelselmatigheid van de met het oog op het plegen van misdrijven verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie komen alleen al uit de bewijsvoering inzake de bedreigende en gewelddadige reputatie van de Hells Angels Haarlem naar voren. De medeverdachten [betrokkene 1] en [betrokkene 2] komen bij [getuige 1] langs om hem ertoe te brengen zijn tattooshop te sluiten. [getuige 2] krijgt in zijn café bezoek van zes Hells Angels omdat hij lid is van No Surrender. Aan de afpersing van [getuige 3] en [getuige 6] ligt, zo stelt het hof in ander verband vast, besluitvorming in clubverband ten grondslag. De mishandeling van [getuige 4] vindt plaats nadat [betrokkene 3] geprobeerd heeft hem te dwingen geld te betalen. De mishandeling van [getuige 7] hangt eveneens samen met afpersing en vindt plaats nadat hij in verband daarmee naar het clubhuis moest komen. De activiteiten van de leden in verband met deze strafbare feiten zijn kortom planmatig van karakter en door hun aantal en de overeenkomsten in handelwijze tevens stelselmatig.
28. Al met al meen ik dat het hof het bewezenverklaarde oogmerk uit de bewijsmiddelen heeft kunnen afleiden en dat de bewezenverklaring in zoverre toereikend is gemotiveerd. De deelklacht die op dit onderdeel van de bewijsmotivering betrekking heeft, faalt.
29. De steller van het middel formuleert vervolgens een
tweededeelklacht die op de bewijsvoering van
deelnemingaan de in de bewezenverklaring omschreven criminele organisatie ziet. Uit de bewijsvoering zou niet volgen dat de verdachte behoorde tot de criminele organisatie, althans zou ’s hofs oordeel dat hij daartoe behoorde niet voldoende begrijpelijk zijn gemotiveerd. Alvorens op die deelklacht in te gaan merk ik het volgende op.
30. Van deelneming aan een organisatie als bedoeld in art. 140 Sr Pro is sprake ‘indien de betrokkene behoort tot het samenwerkingsverband en een aandeel heeft in, dan wel ondersteunt, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in dat artikel bedoelde oogmerk’. [89] Ook betrekkelijk passieve gedragingen kunnen de kwalificatie ‘deelneming’ rechtvaardigen. [90] Van het hebben van een aandeel in dan wel ondersteunen van dergelijke gedragingen is geen sprake als de vastgestelde activiteiten van de betrokkene verband houden met aspecten van de organisatie die los staan van het criminele oogmerk. [91] A-G Hofstee heeft het wel aldus geformuleerd dat ‘de deelnemers aan een organisatie die in de criminele tak ervan geen enkele rol spelen buiten schot blijven’. [92]
31. De steller van het middel meent dat het hof bij het motiveren van het oordeel dat aan de delictsomschrijving van art. 140 Sr Pro is voldaan te geïsoleerd zou zijn ingegaan op de verschillende delictsbestanddelen. Het hof zou het bestanddeel ‘organisatie’ aldus hebben ‘losgetrokken’ van het daarop volgende ‘die tot het oogmerk heeft het plegen van strafbare feiten’, waarmee aan het ‘benodigde zinvolle verband’ tussen de bestanddelen zou zijn voorbijgegaan.
32. Aan de verdachte wordt blijkens de tenlastelegging verweten (kort gezegd) dat hij in de periode van 1 mei 2014 tot en met 26 januari 2017 in Haarlem heeft deelgenomen aan een criminele organisatie. De tenlastelegging omschrijft eerst uit welke (rechts-)personen de organisatie bestond. Vervolgens wordt het criminele oogmerk uitgewerkt, met een omschrijving van de misdrijven die de organisatie tot oogmerk zou hebben gehad. In lijn met deze inrichting van de tenlastelegging gaat het hof in de bewijsoverwegingen eerst na of het omschreven samenstel van (rechts-)personen in de tenlastegelegde periode voldeed aan de vereisten van een ‘organisatie’. Daarna beoordeelt het hof of deze organisatie het plegen van de in de tenlastelegging genoemde misdrijven tot oogmerk had. Dat komt mij logisch voor. Van het lostrekken van bewijsthema’s die alleen in (nauwere) samenhang zinvol zouden kunnen worden besproken is geen sprake.
33. De steller van het middel klaagt voorts, zo begrijp ik, dat de overwegingen die het hof aan de organisatie heeft gewijd niet het oordeel kunnen dragen dat die organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven en in het bijzonder niet dat de verdachte wist van het criminele oogmerk en behoorde tot een organisatie die tot oogmerk had het plegen van misdrijven. Enige gerichtheid van de verdachte op het plegen van misdrijven of een in dat kader nagestreefd gemeenschappelijk doel zou niet uit de bewijsvoering volgen. Mede gelet op het gevoerde verweer en nu de nadere bewijsoverweging betreffende het oogmerk van de organisatie niet wijst op gedragingen die de verdachte zou hebben verricht in het licht van dat oogmerk, zou het hof de bewezenverklaring nader hebben moeten motiveren.
34. In de overwegingen die het hof aan de organisatie heeft gewijd, wordt vastgesteld dat de leden van de Hells Angels Haarlem, de Stichting en [betrokkene 4] gedurende de ten laste gelegde periode een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband hebben gevormd. Het verbaast dan ook niet dat deze overwegingen niet het oordeel kunnen dragen dat de organisatie het plegen van misdrijven tot oogmerk had, dat de verdachte wist van het criminele oogmerk en dat hij behoorde tot een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk had. Dat zijn bewijsthema’s die in de overwegingen van het hof onder de kopjes ‘Oogmerk van de organisatie’ en ‘Deelneming’ aan de orde komen.
35. Het is mij niet duidelijk hoe de eis dat uit de bewijsvoering zou moeten blijken van ‘gerichtheid’ van de verdachte op het plegen van (door de organisatie beoogde) misdrijven uit de bestanddelen van art. 140 Sr Pro wordt afgeleid. Dat de organisatie het plegen van strafbare feiten tot oogmerk heeft, behoeft niet uit een ‘gerichtheid’ van de verdachte te blijken. Bij het bewijs van dit bestanddeel kan – zo bleek – onder meer betekenis toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie reeds gepleegd zijn, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking, en aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijk doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie. Van deelneming aan de organisatie is sprake ‘indien de betrokkene behoort tot het samenwerkingsverband en een aandeel heeft in, dan wel ondersteunt, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking’ van het crimineel oogmerk. Daarbij is voor deelneming in de zin van art. 140, eerste lid, Sr tevens vereist dat de betrokkene ‘in zijn algemeenheid weet (in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven’. Voor zover de steller van het middel meent dat voor een veroordeling wegens art. 140 Sr Pro vereist is dat in aanvulling op deze eisen een ‘gerichtheid’ van de verdachte op het plegen van door de organisatie beoogde misdrijven wordt vastgesteld, stelt het middel een eis die het recht niet kent. [93] Daarin ligt besloten dat de bewijsmotivering ook niet tekortschiet omdat aan deze gerichtheid niet afzonderlijk aandacht is besteed.
36. De steller van het middel voert voorts aan dat in de nadere bewijsoverweging van het hof betreffende het oogmerk van de organisatie niet wordt verwezen naar handelingen of gedragingen die de verdachte zou hebben verricht. Dat zou volgens de steller van het middel van belang zijn nu onder het kopje 'Oogmerk van de organisatie’ het vastgestelde oogmerk wordt toegeschreven aan de gehele eerder vastgestelde organisatie. Daarbij verwijst de steller van het middel naar de eerste deelklacht. Aangevoerd wordt dat het hele charter Hells Angels Haarlem daarmee als het ware wordt ‘opgewaardeerd’ naar een criminele organisatie en dat de handelingen van de verdachte die zijn beschreven onder het kopje ‘Deelneming’ daarmee ook als deelnemend aan die organisatie worden aangemerkt. De verdachte zou echter geen deelnemer zijn omdat hij niet tot ‘die organisatie’ behoort. ’s Hofs andersluidende oordeel zou niet uit de bewijsmiddelen volgen en onvoldoende begrijpelijk gemotiveerd zijn.
37. De tenlastelegging stelt het hof voor de vraag of de daarin beschreven organisatie, die de leden van het charter Hells Angels Haarlem omvat, het plegen van de daarin omschreven misdrijven tot oogmerk had. Het hof heeft die vraag bevestigend beantwoord. Daarbij wijst het hof niet op specifieke gedragingen van de verdachte; dat is voor een toereikende bewijsvoering van het oogmerk tot het plegen van misdrijven van de organisatie evenwel ook niet noodzakelijk. Dat de Hells Angels Haarlem een bedreigende en gewelddadige reputatie had, dat de leden dat wisten, en dat strafbare gedragingen door de Hells Angels Haarlem werden aangemoedigd en beloond zijn voorts vaststellingen die ook de verdachte als lid betreffen. Ik wijs er daarnaast op dat het hof in ander verband vaststelt dat de verdachte betrokken was bij de zoektocht naar Mongols in Zandvoort. Ten overvloede merk ik nog op dat van deelneming aan een criminele organisatie pas sprake is als aan de daaraan gestelde eisen voldaan is. Uit die eisen volgt dat zich niet het risico voordoet dat het deelnemen aan een ‘onschuldige’ grotere organisatie een misdrijf wordt enkel omdat een kleiner groepje binnen die grotere organisatie zich (op eigen houtje) aan misdrijven schuldig maakt.
38. Al met al meen ik dat het hof uit de bewijsvoering heeft kunnen afleiden dat de verdachte behoorde tot de in de bewezenverklaring omschreven organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, en dat de bewezenverklaring in zoverre toereikend is gemotiveerd.
39. De
derdedeelklacht klaagt over het oordeel dat de verdachte een voor ‘deelneming aan’ zoals bedoeld in art. 140 Sr Pro vereist aandeel heeft gehad in gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie dan wel dergelijke gedragingen heeft ondersteund. Dat oordeel zou getuigen van een onjuiste rechtsopvatting althans niet voldoende begrijpelijk zijn gemotiveerd.
40. De steller van het middel voert ten eerste aan dat zonder nadere motivering niet kan worden ingezien hoe het betalen voor de gedetineerde medeverdachte [betrokkene 1] heeft bijgedragen aan het uitoefenen van invloed en stemrecht door [betrokkene 1] . Ook zou uit de bewijsvoering niet blijken dat de verdachte betalingen heeft verricht voor ‘gedetineerd lid [betrokkene 1] ’.
41. Het hof heeft in verband met het ‘betalen voor een gedetineerd lid’ gewezen op de verklaring die medeverdachte [medeverdachte 2] ter terechtzitting in hoger beroep als getuige over de ‘BHC-potten’ heeft afgelegd: ‘
dit is een pot met geld voor jongens die vastzitten’. Het hof vermeldt daarbij dat op één van de potten de naam ‘ [betrokkene 1] ’ staat. Het hof heeft voorts gewezen op hetgeen tijdens de vergadering van 16 september 2016 is gezegd door [betrokkene 1] , die op dat moment met verlof uit detentie was: ‘
Kijk wij hebben een huurhuis ja? En wij redden het financieel wel (..) Maar ik weet ook, ik zie hier ook mensen die een fucking baan hebben met een contract, fucking hypotheken hebben, die echt fucking gezeik krijgen wanneer ze een tijdje weggaan en weet je wat het allerergste dan is dan moet het niet zo zijn dat nu moeten jullie voor mij betalen’. Het hof heeft uit ‘het voorgaande, in onderlinge samenhang’ afgeleid dat de verdachte voor [betrokkene 1] heeft betaald tijdens diens detentie. Het hof stelt voorts vast dat [betrokkene 1] was gedetineerd in verband met een veroordeling voor bezit van diverse zware wapens. Het hof overweegt vervolgens dat [betrokkene 1] vanuit detentie, via [betrokkene 4] en [betrokkene 3] , zijn invloed en stemrecht uitoefende bij de Hells Angels Haarlem. Volgens ’s hofs oordeel is de betaling door de verdachte voor [betrokkene 1] ‘aan te merken als ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie’. Met die bewoordingen geeft het hof, zo begrijp ik, een korte samenvatting van de aan rechtspraak van Uw Raad ontleende omschrijving van ‘deelneming’ die het eerder onder het kopje ‘Beoordelingskader’ heeft weergegeven.
42. Uit de bewijsvoering van het hof volgt dat de leden van de club in zijn algemeenheid met een financiële bijdrage zorgden voor andere leden wanneer deze gedetineerd raakten. Ik wijs in dat verband op ‘s hofs overwegingen onder het kopje ‘Belonen en aanmoedigen van strafbare gedragingen’. Het hof heeft naar het mij voorkomt ook uit de bewijsvoering kunnen afleiden dat de verdachte voor [betrokkene 1] heeft betaald tijdens diens detentie. Dat volgt niet alleen uit de uitlatingen van [betrokkene 1] ; uit de bewijsmiddelen, in hun geheel beschouwd, volgt ook dat van het sociale verband van de Hells Angels Haarlem een betrekkelijk grote druk op de leden uitging. Ik neem voorts in aanmerking dat uit de bewijsmiddelen volgt dat de Stichting Hells Angels in 2015 in totaal € 1.200 overmaakte aan de medeverdachte [betrokkene 1] (bewijsmiddel 4). En dat uit de bewijsoverwegingen volgt dat op 23 juli 2016 een inzameling voor medeverdachte [betrokkene 1] plaatsvond en dat bij de doorzoeking van het clubhuis op 26 januari 2017 een BHC-pot is aangetroffen met daarop de naam ‘ [betrokkene 1] ’.
43. Het hof heeft het betalen voor een gedetineerd lid voorts als het hebben van een aandeel in (dan wel ondersteunen van) gedragingen die (strekken tot of) rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in art. 140 Sr Pro omschreven oogmerk kunnen aanmerken. Die betalingen maakten duidelijk dat de mogelijke financiële gevolgen van detentie niet of in mindere mate een reden behoefden te zijn om van het plegen van misdrijven die met het charter verband hielden af te zien. Door voor een gedetineerd lid te betalen, bevorderde de verdachte aldus het plegen van misdrijven als door de organisatie beoogd; het gevaar van verwezenlijking van die misdrijven werd vergroot.
44. Uit ’s hofs overwegingen kan, meen ik, niet worden afgeleid dat het door de verdachte tijdens diens detentie betalen voor [betrokkene 1] als een ‘deelneming’ opleverende gedraging is aangemerkt in verband met het tijdens detentie uitoefenen van invloed dan wel stemrecht door [betrokkene 1] . In zoverre gaat de steller van het middel uit van een verkeerde lezing van het arrest.
45. De eerste subklacht faalt.
46. De steller van het middel voert daarnaast aan dat zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet zou kunnen worden ingezien hoe het betalen van contributie voor het lidmaatschap bijdraagt aan of invloed heeft op hetgeen in het clubhuis werd besproken en besloten, aan het inzamelen van geld voor gedetineerde leden en het bewaken van het clubhuis. Die betalingen zouden geen invloed hebben gehad op het eerder vrijkomen van [betrokkene 1] zodat hij strafbare feiten kon voorbereiden of plegen. Evenmin zou de contributie zijn aangewend om goederen zoals wapens of andere middelen aan te schaffen die ingezet konden worden bij de voorbereiding of het plegen van geweldsmisdrijven, althans daarvan zou niet uit de bewijsvoering blijken. Dat de contributie voor het lidmaatschap van de Hells Angels Haarlem is aangewend voor de vaste lasten van het clubhuis en in dat clubhuis (ook) gesprekken zijn gevoerd en besluiten zijn genomen in het kader van het criminele oogmerk, er geld is ingezameld voor gedetineerde leden en het clubhuis werd bewaakt, zou nog niet maken dat de verdachte door het betalen van contributie gedragingen heeft ondersteund die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie en hij dus daarmee (opzettelijk) zou hebben deelgenomen aan die organisatie.
47. Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte contributie heeft betaald voor het lidmaatschap van de Hells Angels Haarlem. Het hof heeft daarbij gewezen op de verklaring die medeverdachte [medeverdachte 2] in hoger beroep als getuige heeft afgelegd, inhoudend dat hiermee de vaste lasten voor het clubhuis werden betaald; gas, water, licht, internet en de gemeentelijke belastingen. Het hof heeft vervolgens overwogen dat het clubhuis het hart vormde van de Hells Angels Haarlem. De leden kwamen daar samen, er werden besluiten genomen en allerlei andere gesprekken gevoerd in verband met het criminele oogmerk van de organisatie. Het clubhuis moest worden ‘gesweept’ en bewaakt en er werd geld ingezameld voor gedetineerde leden. Het hof concludeert dat het betalen van de vaste lasten voor dit clubhuis kan worden beschouwd als ondersteunend/bijdragend aan het criminele oogmerk van de organisatie.
48. Uit de bewijsvoering van het hof volgt dat de leden samenkwamen in het clubhuis, dat daar onder meer werd vergaderd en gestemd, en dat daar gesprekken werden gevoerd die verband hielden met het criminele oogmerk van de organisatie. Als de leden geen contributie hadden betaald waaruit de vaste lasten voldaan konden worden, zou de Stichting Hells Angels Haarlem het clubhuis niet beschikbaar hebben kunnen houden voor de leden. Dat brengt mee dat het hof het betalen van de contributie heeft kunnen aanmerken als (het hebben van een aandeel in dan wel) het ondersteunen van gedragingen die (strekken tot of) rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in art. 140 Sr Pro bedoelde oogmerk. Door het betalen van de contributie is het gevaar van verwezenlijking van het criminele oogmerk vergroot. Daaraan doet niet af dat niet uit de bewijsvoering blijkt dat de betaalde contributie is aangewend voor (één van) de door de steller van het middel omschreven doelen.
49. Ik wijs er in dit verband ook op dat in art. 140 Sr Pro expliciet is bepaald: ‘Onder deelneming als omschreven in het eerste lid wordt mede begrepen het verlenen van geldelijke of andere stoffelijke steun aan alsmede het werven van gelden of personen ten behoeve van de daar omschreven organisatie’. [94] Uit rechtspraak van Uw Raad volgt dat deze omschrijving niet afdoet aan de eis dat de betrokkene dient te behoren tot het samenwerkingsverband. De verduidelijking heeft volgens Uw Raad betrekking op het vereiste van een aandeel in of ondersteunen van bepaalde gedragingen. [95] Zij kan naar het mij voorkomt aldus worden begrepen dat – volgens de wetgever – aan die eis voldaan is indien van één van de in dit lid genoemde handelingen sprake is, zonder dat nadere vaststellingen vereist zijn over een specifiek doel waarvoor de geldelijke of andere steun is aangewend dan wel de gelden of personen zijn geworven.
50. De tweede subklacht faalt.
51. De steller van het middel voert verder aan dat de conclusie van het hof dat de verdachte heeft vergaderd en gestemd over concrete, door de organisatie te plegen strafbare feiten niet zou zijn gebaseerd op bewijsmiddelen waaruit concreet volgt dat de verdachte gestemd heeft vóór het plegen van strafbare feiten, beslissingen waaruit strafbare feiten zijn voortgekomen of die daarin onmiskenbaar besloten liggen en aan het verwezenlijken van het oogmerk dus een bijdrage heeft geleverd of dat heeft ondersteund. Of steeds met wetenschap van de full members en nadat door hen was gestemd werd beslist over te plegen strafbare feiten of gedragingen waarin het plegen van een strafbaar feit besloten ligt, zou voorts uit de bewijsvoering niet blijken. De steller van het middel wijst daarbij op een bewijsmiddel dat niet verenigbaar zou zijn met ‘s hofs oordeel dat ook door de verdachte is vergaderd en gestemd over het door [getuige 3] moeten achterlaten van zijn motor.
52. Uit ’s hofs vaststellingen volgt dat de verdachte één van de negen deelnemers aan de vergaderingen van de Hells Angels Haarlem was. Die vergaderingen werden (in beginsel) eens per twee weken gehouden. Het hof heeft voorts verklaringen en bescheiden voor het bewijs gebezigd waaruit blijkt dat besluiten alleen werden genomen als alle leden aanwezig waren. [96] Een en ander brengt mee dat de aanwezigheid van de verdachte bij de vergaderingen waar werd beslist over het door [getuige 3] achter moeten laten van zijn motor en over het opleggen van een boete aan [getuige 6] , cruciaal was.
53. Dat door alle leden en dus ook door de verdachte is vergaderd over het door [getuige 3] moeten inleveren van zijn motor heeft het hof afgeleid en kunnen afleiden uit de drie aangehaalde OVC-gesprekken. Het eerste is het gesprek tussen [betrokkene 4] en [betrokkene 1] waarin [betrokkene 1] over de motor van [getuige 3] zegt: ‘lekker laten staan’. [betrokkene 4] zegt tegen [betrokkene 1] dat zij aan [betrokkene 2] zal doorgeven hoe [betrokkene 1] over de kwestie denkt en merkt vervolgens op: ‘ze kunnen niks beslissen zonder jou’. In het tweede gesprek, eveneens tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] , wordt gesproken over het voorstel om de motor van [getuige 3] te verkopen. In dat gesprek vertelt [betrokkene 4] tegen [betrokkene 1] dat [betrokkene 3] een bestemming van een deel van de opbrengst van de motor heeft genoemd en heeft aangegeven dat als [betrokkene 1] dat wil, hij ‘het in de groep (gaat) gooien’. In het derde gesprek, tussen [betrokkene 3] en [betrokkene 1] , bespreekt [betrokkene 3] een appje van [getuige 3] dat hij heeft ontvangen. [betrokkene 1] herinnert [betrokkene 3] aan ‘wat we hebben afgesproken’. [betrokkene 3] zegt dat hij het met ‘de gasten’ over het appje zal hebben. Hij geeft aan dat [betrokkene 1] niet hoeft ‘te bellen en te doen. Terwijl wij misschien een andere koers gaan varen’.
54. Het bewijsmiddel waar de steller van het middel de aandacht op vestigt is in het voorgaande opgenomen als bewijsmiddel 14, en betreft de uitwerking van een tapgesprek tussen [getuige 3] en de verdachte van 18 augustus 2015. Op de vraag van [getuige 3] of ‘aan de tafel (is) besloten dat ik mijn motor moet inleveren’ antwoordt verdachte: ‘Dat weet ik niet.’
55. Dit schriftelijk bescheid maakt deel uit van een groter aantal bewijsmiddelen dat op de afpersing van [getuige 3] betrekking heeft. In een tapgesprek van 13 augustus 2015 waaraan de medeverdachten [betrokkene 3] en [betrokkene 1] deelnemen (zie bewijsmiddel 13), refereert [betrokkene 3] aan een ‘
appje van onze vriend [getuige 3] . [verdachte] heeft gevraagd hoe het met hem ging qua gezondheid en hij appt een hele lange tekst terug die hij ook naar mij gestuurd heeft’. [betrokkene 1] herinnert [betrokkene 3] vervolgens aan ‘
wat we hebben afgesproken. Dat hoeft dan ook niet te wachten’. [betrokkene 3] antwoordt vervolgens: ‘
dan weet je het ff. [verdachte] weet het ook’. Dat is een aanvullende aanwijzing dat de verdachte voorafgaand aan het telefoongesprek met [getuige 3] op 18 augustus 2015 op de hoogte was van de voorgenomen afpersing van de motor. Het ligt tegen die achtergrond niet in de rede dat het hof uit het antwoord dat de verdachte op 18 augustus aan [getuige 3] gaf (‘
Dat weet ik niet’) heeft afgeleid dat de verdachte niet wist dat besloten was dat [getuige 3] zijn motor moest inleveren. Uit de bewijsmiddelen, in hun geheel beschouwd, volgt dat de verdachte in dat gesprek met [getuige 3] niet de waarheid heeft gesproken. In die samenhang bezien is van tegenstrijdigheid tussen bewijsmiddelen geen sprake. [97]
56. Inzake het opleggen van de boete aan [getuige 6] heeft het hof gewezen op een gesprek van 10 december 2015 tussen [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en een NN-man dat over [getuige 6] ging. Het hof heeft uit dat gesprek afgeleid en kunnen afleiden dat door alle leden van de Hells Angels Haarlem, dus ook door de verdachte, is vergaderd en gestemd over het opleggen van een boete aan [getuige 6] . Ik wijs er daarbij in het bijzonder op dat [betrokkene 1] in dat gesprek heeft gezegd: ‘maar ik sta gewoon achter de jongens die een beslissing hebben genomen’ en ‘Maar op het moment dat er beslissingen zijn genomen dan eh kan ik er ook niks meer aan doen. Want wij zijn mannen van ons woord en als er ehh met zijn allen wordt gezegd van zo gaat het gebeuren dan gaat het uiteindelijk zo gebeuren’.
57. Het hof heeft voorts uit de bewijsmiddelen kunnen afleiden dat de beslissingen die door de vergadering genomen werden de leden sterk bonden. Ik wijs daarbij op de opmerkingen van medeverdachte [betrokkene 1] naar aanleiding van de aan [getuige 6] opgelegde boete. De beslissingen waar de verdachte aan meewerkte door aan de vergaderingen deel te nemen en aldaar te stemmen waren de grondslag voor de daaropvolgende (strafbare) gedragingen jegens [getuige 3] en [getuige 6] . Het hof heeft in dat licht kunnen oordelen dat de verdachte door het deelnemen aan deze vergaderingen en door daarin te stemmen een aandeel had in (dan wel ondersteunde) gedragingen die strekten tot (of rechtstreeks verband hielden met) de verwezenlijking van het bewezenverklaarde oogmerk van de organisatie (het plegen van onder meer bedreiging met geweld en afpersing). Daaraan doet niet af dat uit de bewijsvoering niet volgt hoe de verdachte tijdens deze vergaderingen heeft gestemd.
58. Daarbij kan ook met een schuin oog worden gekeken naar rechtspraak en literatuur over het begrip feitelijke leidinggeven. Ook daar kan het gaan om persoonlijke verantwoordelijkheid voor gedragingen die in de context van een organisatie worden begaan. Van feitelijke leidinggeven kan volgens Uw Raad onder meer sprake zijn ‘bij de verdachte die bevoegd en redelijkerwijs gehouden is maatregelen te treffen ter voorkoming of beëindiging van verboden gedragingen en die zulke maatregelen achterwege laat’. [98] De Hullu meent dat een taakverdeling binnen een bestuur van een rechtspersoon bij het gehouden zijn tot ingrijpen relevant kan zijn. [99] Van een taakverdeling was in dit verband geen sprake; het ging om democratisch genomen beslissingen. En de verdachte bleef na de vergaderingen waarin de betreffende beslissingen werden genomen lid, en was (uitgaande van de normering van het feitelijke leidinggeven) ook na de vergaderingen gehouden maatregelen te treffen ter voorkoming van de voorgenomen misdrijven.
59. Ik merk nog op dat deelneming aan een criminele dan wel terroristische organisatie ook in een arrest van 3 juli 2012 (mede) uit het deelnemen aan bijeenkomsten was afgeleid. [100] De misdrijven waarop het oogmerk was gericht waren (kort gezegd) opruiing (de artt. 131 en 132 Sr), het aanzetten tot haat en geweld (art. 137d Sr), en bedreiging (art. 285 Sr Pro). Uw Raad overwoog dat het hof blijkens de gebezigde bewijsmiddelen had vastgesteld dat de verdachte ‘met enige regelmaat bijeenkomsten bijwoonde waarbij de gewelddadige verspreiding van de islam werd gepropageerd en waarbij beeldmateriaal van onthoofdingen werd vertoond’. En voorts dat de verdachte ‘zelf voor zulke bijeenkomsten wel eens beeldmateriaal meebracht van het afslachten van vrouwen en kinderen en van het opblazen van Russische tanks, teneinde het gedachtegoed van de jihad uit te dragen’. Het hof had voorts vastgesteld dat de verdachte ‘actief heeft willen bijdragen aan het propageren van de islam door aan bedoelde bijeenkomsten deel te nemen en mee te werken aan de verspreiding van een geschrift met radicale inhoud, getiteld "How to catch a wolf", waarin tot de gewapende jihad wordt opgeroepen’ (rov. 2.5). ’s Hofs oordeel ‘dat de verdachte door zo te handelen daadwerkelijk een aandeel heeft gehad in, of heeft ondersteund, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het binnen de organisaties bestaande oogmerk en derhalve aan die organisaties heeft "deelgenomen" in de hiervoor bedoelde betekenis’ was volgens Uw Raad niet onbegrijpelijk (rov. 2.6).
60. Keijzer stelde in zijn noot onder het arrest dat de term ‘ondersteunt’ veronderstelt ‘dat de betrokkene het plegen van misdrijven als door de organisatie beoogd bevordert, in die zin dat het gevaar van verwezenlijking van die misdrijven wordt vergroot’. [101] Voor zover die eis van ‘bevordering’ (ook in deze context) geldt, is daar naar het mij voorkomt in de onderhavige zaak aan voldaan: door deel te nemen aan besluitvorming inzake deze beslissingen, die de basis vormden voor de daaropvolgende (strafbare) gedragingen jegens [getuige 3] en [getuige 6] , heeft de verdachte het gevaar van verwezenlijking vergroot. Keijzer wees in verband met de uit de bewijsvoering blijkende gedragingen van de verdachte op het proefschrift van De Vries-Leemans, die schreef: ‘Zo zal bijvoorbeeld het spreken op vergaderingen alleen dan strafbare deelneming kunnen opleveren indien met het betoog ook daadwerkelijk een bijdrage wordt geleverd aan de verwezenlijking van het oogmerk, bijvoorbeeld door het opruien van de toehoorders tot het plegen van de beoogde misdrijven of door het bewust verschaffen van informatie welke op het plegen van die misdrijven betrekking heeft.’ [102] Deze passage illustreert dat het mede van het tenlastegelegde delict en de (andere) omstandigheden van het geval afhangt, of en zo ja welke gedragingen van de verdachte op een bijeenkomst als deelneming in de zin van art. 140 Sr Pro kunnen gelden. Als opruien één van de door de organisatie beoogde misdrijven is, kan het verspreiden van (opruiende) geschriften op een bijeenkomst deelneming opleveren. Het kan dat ook zijn als de opruiing ertoe strekt de door de organisatie beoogde misdrijven door derden (die daartoe opgeruid worden) te laten verwezenlijken. In de context van de onderhavige zaak, waarin door negen leden van de Hells Angels wordt besloten over jegens [getuige 3] en [getuige 6] te plegen strafbare feiten, heeft het hof kunnen oordelen dat het mogelijk maken en deelnemen aan die besluitvorming deelneming in de zin van art. 140, eerste lid, Sr oplevert.
61. Ik merk ten slotte op dat in hoger beroep niet is aangevoerd dat de verdachte tegen heeft gestemd of nadien de uitvoering van de genomen besluiten heeft getracht te verhinderen. Daarvan blijkt ook niets uit de bewijsvoering van het hof. De raadsman heeft in hoger beroep aangevoerd dat het door [getuige 3] moeten afstaan van zijn motor geen clubbesluit is geweest en dat [getuige 6] is afgeperst door [betrokkene 1] . [103]
62. De derde subklacht faalt.
63. De steller van het middel voert verder aan dat uit de bewijsmiddelen niet zou volgen dat de verdachte actief heeft deelgenomen aan de vergadering waarin werd gesproken over de werving van nieuwe leden. Aanwezigheid bij die vergadering zou worden ‘opgewaardeerd’ naar betrokkenheid bij gesprekken over werving van nieuwe leden en verhulling en afdekking verband houdende met het criminele oogmerk.
64. De onderwerpen die op de vergadering van de Hells Angels Haarlem van 16 september 2016 aan de orde kwamen, hadden een ander karakter dan de besluitvorming over de motor van [getuige 3] en de boete van [getuige 6] . Het ging blijkens de bewijsvoering van het hof over de relatie met andere motorclubs, de koers/toekomst van de organisatie zelf (in verband met het werven van nieuwe leden) en het verhullen en afdekken van gedragingen die met de verwezenlijking van dat oogmerk verband houden. Deze onderwerpen staan alle drie in verband met de koers van de organisatie. Het bepalen van de koers kan gezien worden als een gedraging die rechtstreeks verband houdt met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. Ik neem daarbij in aanmerking dat art. 140, vierde lid, Sr bepaalt dat de gevangenisstraffen ten aanzien van de leiders met een derde kunnen worden verhoogd. Deze formulering maakt duidelijk dat ook de leider wordt gezien als iemand die aan de organisatie deelneemt. Uit de parlementaire behandeling van een wijziging van art. 140 Sr Pro waardoor dit begrip in de strafverzwaringsgrond werd ingevoegd, kan worden afgeleid dat voor het zijn van ‘leider’ doorslaggevend is het hebben van een bepaalde macht, dan wel gezag, en dat in dat verband van belang is of de betrokkene dwingende aanwijzingen kan geven. [104] Die macht en dat gezag en de bevoegdheid om dwingende aanwijzingen te geven, lagen bij de Hells Angels Haarlem in belangrijke mate bij de vergadering waar alle leden aan deelnamen. Tegen die achtergrond heeft het hof ook het deelnemen aan een vergadering waar de koers van het chapter aan de orde was kunnen aanmerken als het hebben van een aandeel in (dan wel ondersteunen van) gedragingen die (strekken tot of) rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. Daaraan doet niet af dat uit de bewijsmiddelen niet volgt dat de verdachte aldaar het woord heeft gevoerd.
65. De vierde subklacht faalt.
66. De steller van het middel voert voorts aan dat uit de bewijsmiddelen niet kan volgen dat de verdachte met het uitkijken naar leden van de motorclub Mongols in Zandvoort een bijdrage zou hebben geleverd aan een voorgenomen gewelddadige confrontatie. Dat de verdachte wetenschap zou hebben gehad van een voorgenomen gewelddadige confrontatie zou niet uit de bewijsmiddelen volgen.
67. Het hof heeft uit een in de auto opgenomen gesprek van 9 juni 2016 afgeleid dat de verdachte samen met [betrokkene 3] , [betrokkene 2] en twee niet-leden van het charter Hells Angels Haarlem in Zandvoort op zoek is gegaan naar leden van de Mongols die daar rondreden. Dat werd niet getolereerd want Zandvoort was het territorium van de Hells Angels Haarlem. Ook uit de verdere context van het gesprek blijkt volgens het hof dat men uit was op een gewelddadige confrontatie. Het hof wijst erop dat uit het gesprek volgt dat de telefoons niet meegingen en dat kennelijk ook een vuurwapen in de auto aanwezig was. Dat sluit aan bij uitlatingen van [betrokkene 2] : ‘
Zou mooi zijn op de Zeeweg pik. Als ze weggaan. Taktaktak’.
68. Het hof heeft het deelnemen door de verdachte aan de zoektocht naar leden van de Mongols kunnen aanmerken als het hebben van een aandeel in (dan wel ondersteunen van) gedragingen die strekten tot (of rechtstreeks verband hielden met) de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie. Dat de verdachte wist met welk doel hij daar rondreed ligt naar het mij voorkomt in het geheel van de bewijsvoering besloten. Ik wijs in dat verband in het bijzonder op de uitlatingen van [betrokkene 1] bij de vergadering van 16 september 2016 (drie maanden later) over de vijandige houding van de Hells Angels Haarlem richting andere motorclubs: ‘
ik vind dat we alle recht van spreken hebben omdat we met heel veel dingen het voortouw hebben genomen en als enigste stad kunnen zeggen dat wij die kankerhonden hier niet hebben en dat komt alleen maar door onze eigen houding’. Deze opmerking draagt waar het de eigen houding betreft een constaterend karakter. Ik wijs er ook op dat [betrokkene 1] tijdens die vergadering refereert aan een eerdere vechtpartij met de Mongols op 7 april 2016, twee maanden voor het rondrijden in Zandvoort.
69. De vijfde subklacht faalt.
70. De steller van het middel voert ten slotte aan dat wat betreft het wachtlopen door de verdachte uit de bewijsvoering niet meer volgt dan dat dit ‘een incidenteel karakter’ had. En uit de bewijsvoering zou niet kunnen volgen dat de verdachte wetenschap zou hebben gehad van het feit dat kennelijk op enig moment een vuurwapen in het clubhuis aanwezig is geweest of dat hij het voornemen had een vuurwapen te gebruiken bij de wacht.
71. Met betrekking tot het doel van het wachtlopen citeert het hof een passage uit een gesprek tussen de medeverdachten [betrokkene 1] en [betrokkene 2] van 4 januari 2016. Daarin wordt in relatie tot de club gesproken over een vuurwapen. Het hof citeert voorts een passage uit een gesprek dat later die dag tussen de medeverdachten [betrokkene 1] en [betrokkene 4] is gevoerd. Daarin wordt gesproken over het gebruiken van ‘dat ding’ als iemand voor de deur staat. Vervolgens citeert het hof een passage uit een gesprek tussen de medeverdachten [betrokkene 2] , [betrokkene 3] en [betrokkene 1] van 30 november 2015 waarin [betrokkene 2] aangeeft dat met de Kerst en Oud en Nieuw wachtgelopen zal moeten worden, en een passage uit een gesprek tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] van 18 december 2015, de dag na de mishandeling van No Surrender-lid [getuige 10] , waarin [betrokkene 1] aangeeft dat het ‘ons’ goed leek om die avond ‘bemand’ te zijn ‘hier’.
72. Het hof heeft uit deze gesprekken in combinatie met het criminele oogmerk van de organisatie afgeleid dat het doel van het wachtlopen de beveiliging van het clubhuis is. Het hof heeft daarbij in de eerste plaats gewezen op de aanwezigheid ‘op enig moment’ van een vuurwapen in het clubhuis, dat gebruikt kan worden in geval van eventuele indringers, in de tweede plaats op het wachtlopen met Kerst en Oud en Nieuw, ‘dagen waarop het onwaarschijnlijk is dat een buitenlands member spontaan zou langskomen’ en in de derde plaats op de ‘extra’ beveiliging na de mishandeling van een lid van No Surrender. Het hof heeft het wachtlopen, in het licht van deze doelstelling, kunnen aanmerken als het hebben van een aandeel in (of ondersteuning van) gedragingen die (strekken tot of) rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het criminele oogmerk van de organisatie. Het zijn de misdrijven waarvan de organisatie het plegen tot oogmerk heeft die het wachtlopen ter beveiliging noodzakelijk maken.
73. Uit de vaststellingen van het hof volgt voorts dat het wachtlopen volgens een rooster verdeeld werd. Dat brengt mee dat het wachtlopen niet een ‘incidenteel karakter’ had. [105] Aan de begrijpelijkheid van de bewijsvoering doet voorts niet af dat het hof in dit kader niet heeft vastgesteld dat de verdachte wist van de aanwezigheid van het vuurwapen in het clubhuis, of dat hij het voornemen zou hebben gehad het wapen tijdens de wacht te gebruiken.
74. De zesde subklacht faalt.
75. Al met al heeft het hof ook de bewezenverklaarde ‘deelneming’ aan een criminele organisatie uit de bewijsmiddelen kunnen afleiden en is de bewezenverklaring in zoverre eveneens toereikend met redenen omkleed. ’s Hofs oordeel getuigt voorts niet van een onjuiste rechtsopvatting.
76. Het middel faalt.
77. Het middel kan in beginsel worden afgedaan met de aan art. 81, eerste lid, RO ontleende formulering. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
78. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG

Voetnoten

1.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 5] d.d. 11 mei 2017, p. H199.
2.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 6] d.d. 9 juli 2014, p. F0429.
3.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 8] d.d. 9 september 2014, p. F0592-0593 en proces-verbaal gesprek [getuige 2] van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 5] d.d. 22 mei 2017, p. H213-214.
4.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 9] d.d. 22 augustus 2015, p. F1162-1163.
5.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] d.d. 5 januari 2016, p. F1199-1200.
6.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 11] d.d. 7 juni 2017, p. F2429.
7.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 12] en [verbalisant 6] d.d. 16 februari 2017, p. H175-178.
8.De verklaring van getuige [getuige 1] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 12 november 2020, p. 65-66.
9.De verklaring van getuige [getuige 5] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 12 november 2020, p. 61-65.
10.De verklaring van getuige [getuige 6] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 19 november 2020, p. 111.
11.De verklaring van getuige [getuige 7] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 10 november 2020, p. 55-56.
12.Proces-verbaal terechtzitting in hoger beroep van 2 november 2020, p. 19.
13.De verklaring van getuige [getuige 3] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 17 november 2020, p. 92.
14.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 13] d.d. 7 maart 2017, p. H186.
15.De verklaring van getuige [getuige 8] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 9 november 2020, p 45-46.
16.Proces-verbaal bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/197.
17.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Brandaris van verbalisanten [verbalisant 8] en [verbalisant 15], p. K2.7/105, 106 en 111.
18.Proces-verbaal van bevindingen spoedtaps n.a.v. krantenbericht van verbalisant [verbalisant 3] d.d. 13 mei 2015, p F0006.
19.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 16] d.d. 7 juni 2017, F2414-2415.
20.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 17] d.d. 22 mei 2017, p. F2356.
21.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 17] d.d. 22 mei 2017, p. F2363.
22.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p C-27/66.
23.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] d.d. 22 april 2016, p. L1.2/771-772.
24.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Arrestantenbus van verbalisanten [verbalisant 15] en [verbalisant 18] d.d. 20 februari 2018, p. K2.10/004.
25.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC VW Golf van verbalisanten [verbalisant 8] en [verbalisant 19] d.d. 10 november 2015, p. K2.3/0038.
26.De verklaring van getuige [betrokkene 2] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 2 november 2020, p. 12.
27.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/176.
28.Proces-verbaal van bevindingen bolhamers van verbalisant [verbalisant 13] d.d. 28 maart 2017, p. F1976 en 1981.
29.Proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 22 maart 2017, p. P/A en proces-verbaal van bevindingen bolhamers van verbalisant [verbalisant 13] d.d. 28 maart 2017, p. F1978-1980.
30.Proces-verbaal van bevindingen toezicht [a-straat] Haarlem van verbalisant J. Meijer d.d. 2 augustus 2016, p. F0207.
31.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/196.
32.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/199.
33.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] d.d. 3 april 2017, p. F1950.
34.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p. C-27/66.
35.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Arrestantenbus van verbalisanten [verbalisant 15] en [verbalisant 18] d.d. 20 februari 2017, p. K2.10/012.
36.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/201-202.
37.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/082 en proces-verbaal van bevindingen aanvulling OVC Clubhuis van verbalisant R. Raspoort d.d. 1 mei 2017, p. K2.6/230-231.
38.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [medeverdachte 4] en [betrokkene 21] d.d. 14 januari 2017, p. L1.2/699-700 en proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 16] d.d. 28 februari 2017, p. F1854-1855.
39.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p. C-27/5 en 6.
40.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC VW Golf van verbalisanten [verbalisant 19], [verbalisant 20] en [verbalisant 21] d.d. 15 juli 2016, p. K2.3/1290-1300.
41.De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting in hoger beroep van 18 en 21 januari 2021, p. 14-15.
42.De verklaring van getuige [medeverdachte 4] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 40.
43.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC VW Golf van verbalisant [verbalisant 19] d.d. 12 juni 2016, p. K2.3/1323.
44.De verklaring van getuige [medeverdachte 5] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 55.
45.De verklaring van getuige [medeverdachte 1] ter terechtzitting in hoger beroep van 18 januari 2021, p. 24.
46.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 22] d.d. 22 november 2016, p. F0331 en de verklaring van getuige [getuige 8] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 9 november 2020, p. 43, 46 en 47.
47.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p. C-27/10.
48.De verklaring van getuige [getuige 11] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 19 november 2020, p. 104.
49.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 3] en [betrokkene 1] d.d. 9 augustus 2015, p. L1.2/653-654.
50.Zie de uitwerking van de bewijsmiddelen in de bewijsmiddelenbijlage onder zaaksdossier C14 Uitkijk.
51.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 4] d.d. 30 juni 2015, p. L1.1/027-028.
52.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren PI Zwaag van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 23] d.d. 24 juli 2015, p. K2.1/041-042.
53.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 1] en [betrokkene 3] d.d. 13 augustus 2015, p. I.1.2/455.
54.Zie de uitwerking van de bewijsmiddelen in de bewijsmiddelenbijlage onder zaaksdossier C17 Millennium.
55.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Seat van verbalisant [verbalisant 24] d.d. 17 juli 2017, p. K 2.4/608-609.
56.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/170-204.
57.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p. C-27/180.
58.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 13] d.d. 13 december 2016, p. F0253-0261.
59.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6//171.
60.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016 p. K2.6/186.
61.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/183 en 185.
62.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/196.
63.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/197.
64.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/198.
65.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/199.
66.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/201-202.
67.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 17] d.d. 22 mei 2017, p. F2352.
68.De verklaring van getuige [medeverdachte 5] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 56.
69.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [verdachte] en [betrokkene 2] d.d. 26 december 2015, p. L1.2/593.
70.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Mercedes van verbalisanten [verbalisant 25] en [verbalisant 26] d.d. 14 oktober 2016, p. K2.2/506-507.
71.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren OVC Mercedes van verbalisanten [verbalisant 25] en [verbalisant 26] d.d. 14 oktober 2016, p. K2.2/509.
72.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 3] en [betrokkene 2] d.d. 30 november 2015, p. L1.2/583.
73.Een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 4] en [betrokkene 1] d.d. 18 december 2015, p. L1.2/545.
74.De verklaring van getuige [medeverdachte 2] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 52.
75.Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 17] d.d. 22 mei 2017, p. F2358.
76.Proces-verbaal van bevindingen uitluisteren Clubhuis van verbalisanten [verbalisant 14] en [verbalisant 5] d.d. 6 december 2016, p. K2.6/196.
77.Zaaksrelaas C-27 Criminele Organisatie van Politie Eenheid Noord-Holland d.d. 1 augustus 2017, p. C-27/94.
78.De verklaring van verdachte [verdachte] ter terechtzitting in hoger beroep van 18 januari 2021, p. 14.
79.De verklaring van getuige [medeverdachte 5] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 54.
80.De verklaring van getuige [medeverdachte 2] ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021, p. 45.
81.Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 15 december 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:10406. Zie de conclusie van A-G Assink van 25 maart 2022, ECLI:NL:PHR:2022:296.
82.Zie Gerechtshof Amsterdam 10 maart 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:636, 637, 639, 644, 645, 646 en Rechtbank Noord-Holland 18 juli 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:6115, 6181, 6188, 6251, 6252, 6260, 6266, 6268, 6273, 6277, 6280.
83.Rechtbank Limburg 9 juli 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:5442, 5443, 5458, 5465, 5484, 5488, 5489, 5490, 5491, 5492, 5505, 5512, 5524, 5525, 5533, 5544, 5546, 5570, 5571, 5572 (Bandidos); Rechtbank Noord Nederland 13 november 2020, ECLI:RBNNE:2020:3888, 3889, 3892, 3893 (No Surrender); Rechtbank Limburg 22 februari 2019, ECLI:RBLIM:2019:1676 (Satudarah).
84.HR 22 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB7134,
85.HR 26 februari 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC8741,
86.De bewezenverklaring spreekt van het charter Haarlem; het hof en de stellers van de middelen gebruiken ook de term chapter. Ik zal in deze conclusie ook beide termen gebruiken.
87.HR 22 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB7134,
89.Vgl. onder meer HR 18 november 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZD0858,
90.Vgl. HR 10 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:264. Het hof leidde het vereiste opzet af uit het bewust een bedrijfscultuur laten ontstaan en voortbestaan waarin de regels omtrent het melden van ongebruikelijke transacties structureel niet werden nageleefd.
91.Vgl. HR 16 oktober 1990,
92.Conclusie voor HR 24 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:448, randnummer 86. Zie in verband met de reikwijdte van het begrip deelneming ook zijn conclusie voor HR 5 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:835, randnummer 12. Vgl. voor een weergave van opvattingen over de betekenis van het bestanddeel ‘deelneming’ in de literatuur A.N. Kesteloo,
93.Dat volgt ook niet uit HR 15 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:406, waar de steller van het middel in dit verband op wijst. Uw Raad overwoog daarin (onder meer) dat uit de bewijsvoering niet kon volgen ‘dat de verdachte behoorde tot een op de handel in hennep en hasjiesj gericht samenwerkingsverband’. De gerichtheid van het samenwerkingsverband wordt hier gebruikt als vertaling van het ‘oogmerk’ van het samenwerkingsverband.
94.Deze begripsbepaling is als vierde lid aan art, 140 Sr toegevoegd door de Wet terroristische misdrijven,
95.Zie HR 14 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:416,
96.Het hof verwijst naar het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 22] d.d. 22 november 2016, p. F0331 en de verklaring van getuige [getuige 8] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 9 november 2020, p. 43, 46 en 47; de verklaring van getuige [getuige 11] , afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 19 november 2020, p. 104 en een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek tussen [betrokkene 3] en [betrokkene 1] d.d. 9 augustus 2015, p. L1.2/653-654.
97.Ik attendeer in verband met de afpersing van [getuige 3] ook nog op drie andere in de aanvulling opgenomen bewijsmiddelen. In een tapgesprek met NNvrouw 6927 zegt [getuige 3] dat [medeverdachte 5] en [verdachte] er ‘een stokkie voor hadden kunnen steken’ maar dat niet hebben gedaan (bewijsmiddel 15). In een ander tapgesprek zegt [getuige 3] dat ‘die ouderen allemaal (…) hadden moeten ingrijpen’ (bewijsmiddel 16). Kennelijk gaat ook [getuige 3] ervanuit dat andere leden dan [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] het moeten afstaan van zijn motor hadden kunnen tegenhouden. [getuige 8] heeft op 4 oktober 2016 verklaard dat hij medio september 2014 uit de club is gegooid en dat hij zijn motor moest inleveren (bewijsmiddel 6). De behandeling die [getuige 3] ten deel viel stond kennelijk niet op zichzelf.
98.HR 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:733,
99.J. de Hullu,
100.HR 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW5178,
101.Vgl. in die zin ook A-G Bleichrodt in de conclusie voor HR 12 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1741, randnummer 16. Zie ook De Hullu, a.w., p. 426.
102.Vgl. M.J.H.J. de Vries-Leemans,
103.Randnummer 14. Zie voorts de verklaring die de verdachte op 18 januari 2021 tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep als getuige heeft afgelegd. Daarin verklaart hij ten aanzien van het inleveren van de motor door [getuige 3] dat daar niet over is gesproken in een vergadering (p. 18). [getuige 6] kent hij niet (p. 19). Op de zitting van 21 januari 2021 heeft de verdachte verklaard dat deze verklaring ook geldt als verklaring in zijn eigen strafzaak (p. 84).
105.Uit de verklaring van de verdachte zoals hij die als getuige ter terechtzitting in hoger beroep van 19 januari 2021 heeft afgelegd volgt wat dat betreft ook anders (p. 15).