Conclusie
1.Inleiding
2.Feiten en procesverloop
Verklaring (her)beoordeling door psychiater
3.Bespreking van het cassatiemiddel
zijn bevindingen vermeldt inzake de actuele gezondheidstoestand van betrokkene, de noodzakelijk geachte vormen van verplichte zorg, en of de situatie bedoeld in het eerste lid zich voordoet”. Het onderdeel betoogt verder (onder b) dat de brief van [psychiater 2] niet kan gelden als een ondertekening door een onafhankelijk psychiater van de medische verklaring van [psychiater 1] . Volgens het onderdeel is het enkele bericht van onafhankelijk [psychiater 2] dat deze instemt met de medische verklaring van niet-onafhankelijk [psychiater 1] rechtens ontoereikend, net zoals in HR 10 september 2021, ECLI:NL:HR:2021:1232 is geoordeeld ten aanzien van een geval waarin een geneesheer-directeur heeft verklaard dat de medische verklaring afkomstig was van een niet bij de behandeling betrokken psychiater.
in accordance with a procedure prescribed by law” als bedoeld in art. 5 EVRM Pro, en heeft beslist met schending van het in art. 6 lid 1 EVRM Pro neergelegde beginsel van “
equality of arms”. Als de onafhankelijke psychiater in het kader van het medisch onderzoek zelf geen medische verklaring heeft opgesteld en ondertekend, is niet voldaan is aan alle vereisten voor een ‘
objective medical expertise’ onder art. 5 lid 1 onder Pro e EVRM. Dat in het kader van het medisch onderzoek door een onafhankelijk psychiater niet aan de wettelijke eisen is voldaan, leidt tot een schending van het door art. 6 lid 1 EVRM Pro gewaarborgde beginsel van “
equality of arms”, aldus het onderdeel.
objective medical expertise” wordt vastgesteld dat sprake is van een “
true mental disorder”. [12] In het Varbanov-arrest heeft het EHRM deze vereisten nader uitgewerkt:
de rechter (…) een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling slechts mag verlenen na te hebben kennisgenomen van een schriftelijke - dan wel ter zitting mondeling afgelegde en in het proces-verbaal van de zitting te vermelden - verklaring van een niet behandelend psychiater die persoonlijk de betrokkene na diens inbewaringstelling heeft onderzocht.” [18] Hieruit volgde dat de geneeskundige verklaring die niet voldoet aan de op grond van art. 5 EVRM Pro te stellen eisen, in het kader van een verzoek tot verlening van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling, kon worden aangevuld of vervangen door een nieuwe verklaring. [19]
ten blijke van zijn instemming met en verantwoordelijkheid voor de inhoud van de verklaring”. [20]