Conclusie
1.Inleiding
2.De zaak
3.Het eerste middel
Ten aanzien van de feiten 1 primair en 2 primair
allebewezenverklaarde feiten, zeker niet indien slechts is gecommuniceerd met “het bedrijf”, telefonisch en/of via de mail.”
[betrokkene 3] :
blankehuidskleur en donkerkleurige ogen. Hij sprak perfect Nederlands zonder accent en had een tattoo van een kruis op zijn borst. Ook bij de R-C herhaalt hij dat het ging om een blanke man.
[betrokkene 3]een fotoconfrontatie gehouden. Hij had immers eerder verklaard dat hij zelf alleen dingen heeft uitgevoerd in opdracht van [alias] . Hij was zijn baas en [betrokkene 3] was de inkoper en voerde alleen zijn opdrachten uit (pag. 2782). Ook gaf hij aan dat hij wel een foto wil zien van [alias] omdat hij dan kan zeggen dat hij het is (pag. 2793).
een laptop metharddisk is aangetroffen, volgt inderdaad niet uit de bewijsmiddelen. Omdat het onderscheid tussen een ‘laptop met een harddisk’ en een ‘harddisk’ mij onder de gegeven omstandigheden niet relevant lijkt voor de redenering van het hof, kan dit deel van de klacht echter niet tot cassatie leiden.
general managerwas. Het hof heeft daarnaast overwogen dat ‘ [alias] ’ [betrokkene 3] heeft aangenomen als inkoper en uit de bewijsmiddelen blijkt dat [betrokkene 3] heeft verklaard dat het enige wat hij heeft gedaan is “besteld in opdracht van [alias] ”. Het hof heeft verder uit de bewijsmiddelen afgeleid dat de verdachte en ‘ [alias] ’ één en dezelfde persoon zijn. Uit de overwegingen van het hof volgt tot slot dat [betrokkene 5] formeel bestuurder was van [B] B.V. , maar dat hij een katvanger was en, kort gezegd, feitelijk op geen enkele manier bij de B.V. was betrokken.
4.Het tweede middel
5.Het derde middel
6.Het vierde middel
Schade