Conclusie
3. Een proces-verbaal van aangifte van 26 augustus 2021, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar (…).
Zaak B feiten 1 en 2
“Ik ben geslagen en geschopt, ik ben het slachtoffer. Zij waren alle vier dronken. Zij vielen mij aan, ik weet ook niet waarom. Ik heb met mijn tasje gezwaaid uit zelfverdediging. Ik probeerde weg te komen.”Ik stel dat de gedraging – zwiepende bewegingen maken met het kleine schoudertasje – reeds een defensieve houding in zich houdt, namelijk het op afstand willen houden van de vier studenten. Ingeval client, mede gelet op zijn postuur, wilde aanvallen of de confrontatie wilde opzoeken dan is het zeer wel aannemelijk dat hij andere gedragingen had begaan.
“Ze waren mij aan het opjagen. Met zijn vieren.Aangevers hebben niet het achterste van hun tong laten zien en dat maakt dat de verklaring van client niet zo maar terzijde kan worden geschoven als onaannemelijk te meer de verklaring van client op belangrijke onderdelen steun vindt in getuige [betrokkene 1] .