ECLI:NL:HR:2007:AZ7120
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens ontbreken beslissing op verzoek getuigenverhoor
De verdachte werd door het hof Arnhem veroordeeld wegens het niet meewerken aan een ademonderzoek in strijd met artikel 8 Wegenverkeerswet Pro 1994. Tijdens het hoger beroep verklaarde de verdachte dat hij had aangegeven naar het toilet te moeten, hetgeen niet in het proces-verbaal stond. Hij verzocht het hof daarom de politieagenten als getuigen te horen.
Het hof heeft echter geen beslissing genomen op dit verzoek, terwijl artikel 315 jo Pro. 328 en 330 Wetboek van Strafvordering voorschrijven dat op een dergelijk verzoek beslist moet worden, op straffe van nietigheid. De Hoge Raad oordeelt dat de opmerking van de verdachte als een verzoek tot getuigenverhoor moet worden opgevat en dat het ontbreken van een beslissing op dit verzoek de uitspraak niet in stand kan laten.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof Arnhem voor hernieuwde behandeling van het hoger beroep. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een geldboete en ontzegging van de rijbevoegdheid. De Hoge Raad benadrukt het belang van het horen van getuigen in het kader van hoor en wederhoor en een zorgvuldige procesvoering.
Uitkomst: Het arrest van het hof Arnhem wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.