AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Toepassing correctiefactoren in koerslijst EurotaxGlass’s bij bpm-heffing na disclaimer
In deze zaak staat centraal of de correctiefactoren 'bijstelling marktsituatie' en 'bijstelling dealersituatie' uit de koerslijst EurotaxGlass’s nog zonder nadere onderbouwing mogen worden toegepast na opname van een disclaimer per 4 oktober 2021, waarin de aanbieder aangeeft deze factoren niet langer relevant te achten.
Belanghebbende deed op 6 juni 2018 bpm-aangifte voor een gebruikte auto en baseerde de waardebepaling op de taxatiemethode met gebruik van koerslijsten. Na controledocumenten en bezwaarprocedures oordeelde het Hof dat de correctiefactoren niet zonder individuele onderbouwing konden worden toegepast vanwege de disclaimer, terwijl belanghebbende stelde dat het arrest van de Hoge Raad van 15 november 2019 dit toestond zonder bewijs.
De Advocaat-Generaal concludeert dat belanghebbende, mits de aangifte vóór 4 oktober 2021 is gedaan en de koerslijstmethode wordt toegepast, de correctiefactoren mag hanteren zonder nadere bewijslevering. Ook kan de inspecteur deze correcties uit eigen beweging toepassen als hij beschikt over een koerslijstuitdraai van vóór die datum. Het Hof heeft ten onrechte een bewijsverplichting opgelegd die niet strookt met het geldende recht ten tijde van de aangifte.
De Hoge Raad wordt geadviseerd het beroep in cassatie gegrond te verklaren en de naheffingsaanslag te verminderen met € 393 tot € 3.613, conform de toepassing van de correctiefactoren op de handelsinkoopwaarde. Hiermee wordt bevestigd dat het toepassingsmoment van de koerslijst en de methode bepalend zijn, niet de latere wijzigingen en disclaimers van de koerslijstaanbieder.
Uitkomst: De naheffingsaanslag wordt verminderd met € 393 tot € 3.613 door toepassing van de correctiefactoren uit de koerslijst EurotaxGlass’s.
Voetnoten
2.Rechtbank Den Haag 28 oktober 2021, SGR 20/5746, niet gepubliceerd op rechtspraak.nl.
3.De Rechtbank vermeldt in punt 14 dat belanghebbende heeft aangevoerd dat de waarde van de auto in onbeschadigde staat moet worden verminderd op basis van de koerslijst Eurotax XchangeNet. De koerslijst Eurotax XchangeNet is een andere benaming voor de koerslijst EurotaxGlass’s, zodat deze benamingen voor zover hier van belang inwisselbaar zijn. Vanuit het oogpunt van consistentie noem ik de koerslijst in deze conclusie: EurotaxGlass’s, onder meer omdat dit het opschrift is van de koerslijstuitdraai die als bijlage is opgenomen bij het DRZ-rapport.
7.Toelichting op de wijziging van enige fiscale uitvoeringsregelingen en van enige overige uitvoeringsregeling, Stcrt. 2012, nr. 26349. Belanghebbende citeert de toelichting bij art. IX, onderdeel D, op p. 36-37.
12.Kennisgroep auto van 18 maart 2020, 200130185, Waardeverminderende factoren in de koerslijst EurotaxGlass’s; Kennisgroep auto van 24 november 2022, KG:013:2022:6, Toepassing koerslijst EurotaxGlass’s en de daarin opgenomen schuifjes ‘marktsituatie handelaar’ en ‘marktsituatie’; Kennisgroep auto van 26 mei 2023, KG:013:2023:5, Toepassing schuifjes EurotaxGlass’s bij wijzigen afschrijvingsmethode.
13.Zie onderdeel 2 van de gemeenschappelijke bijlage voor een uitgebreide bespreking van het wettelijke systeem van de afschrijvingsmethoden.
14.De forfaitaire afschrijvingstabel van art. 10(6) Wet BPM laat ik hier buiten beschouwing.
15.Zie onderdeel 4.8 en 4.9 van de gemeenschappelijke bijlage.
17.Zie onderdeel 4.10 van de gemeenschappelijke bijlage.
19.Zie onderdeel 4.11 van de gemeenschappelijke bijlage.
22.Zie ook onderdeel 2.15 van de gemeenschappelijke bijlage.
23.Kamerstukken II 2014/15, 34002, nr. 3, p. 31 en 64; vgl. HR 2 februari 2024, nr. 22/00653, ECLI:NL:HR:2024:147, r.o. 3.2.3. 24.Zie punt 5.5 van de bestreden uitspraak.
28.Zie p. 2 van de conclusie van dupliek.
29.De uitdraai van de koerslijst EurotaxGlass’s die als bijlage bij het DRZ-rapport is opgenomen heeft als datum 22 juni 2018
30.Zie hierover onderdeel 4.12 t/m 4.21 van de gemeenschappelijke bijlage.
31.Het Hof vat het betoog van belanghebbende aldus op dat de handelsinkoopwaarde inclusief correcties uitkomt op € 25.143 (zie punt 5.7 van de bestreden uitspraak). Dit is onjuist, aangezien de door DRZ berekende handelsinkoopwaarde deels bestaat uit een bedrag aan opties (€ 1.805). De correcties dienen te worden toegepast op de handelsinkoopwaarde exclusief opties. Dit leidt tot een handelsinkoopwaarde van € 25.414, namelijk (29.581 – 1.805) * 0,85 + 1.805.
32.De Inspecteur heeft slechts in het algemeen een beroep gedaan op interne compensatie, maar dit betoog wordt door het Hof verworpen in punt 5.11 en in cassatie wordt dit oordeel niet bestreden.