Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.De achtergrond van de zaak
3.Het namens het Openbaar Ministerie voorgestelde middel
NJ2024/223, m.nt. H.D. Wolswijk, geoordeeld dat het misdrijf “diefstal” voldoende verband houdt met het gronddelict “diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en die diefstal gemakkelijk te maken”. Gelet op het voorgaande is het oordeel van het hof dat er geen voldoende verband bestaat tussen het misdrijf waarop het opzet van de verdachte was gericht en de tenlastegelegde diefstal met geweld, zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk gemotiveerd. [3] In de cassatieschriftuur wordt daarover terecht geklaagd.