Conclusie
1.Inleiding
hof) dat [verweerder] voor eigen relaties, die zij tijdens de samenwerking heeft geworven, andere tussenpersonen dan Autogeld mocht inschakelen en dat partijen akkoord waren met de tussentijdse beëindiging van de overeenkomst.
2.Feiten
bestreden arrest) naar r.o. 2.1-2.5 van het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland (hierna: de
rechtbank) van 14 juni 2023 [2] (hierna: het
vonnis). Het hof heeft in diezelfde rechtsoverweging een bezwaar tegen de feitenvaststelling van de rechtbank behandeld. Hierna ga ik daarom uit van de in het vonnis vermelde feiten met de door het hof gegeven aanvulling daarop. Ik laat r.o. 2.5 van het vonnis hier buiten beschouwing, omdat het slechts een samenvatting van de standpunten van partijen in eerste aanleg bevat.
Autogeld) en [verweerster 1] B.V. (hierna:
[verweerster 1]) drijven allebei een onderneming binnen de autobranche. Zij bemiddelen (los van elkaar) bij de totstandkoming van leaseovereenkomsten voor auto’s. Zij vormen de schakel tussen enerzijds bedrijven of consumenten die een auto willen leasen en anderzijds de financiële instellingen die het krediet verstrekken voor de leaseauto. Autogeld en [verweerster 1] ontvangen van de financiële instelling een provisie als een leaseovereenkomst tot stand komt na het verrichten van de bemiddelingswerkzaamheden. [eiser 2] is de indirect aandeelhouder en bestuurder van Autogeld. [verweerder 2] is de indirect aandeelhouder en bestuurder van [verweerster 1] .
overeenkomst). [betrokkene 1] (hierna:
[betrokkene 1]) en zijn onderneming Autogeld Financieringen B.V. (hierna samen:
[betrokkenen 1]) zijn ook partij bij die overeenkomst. Partijen hebben op 22 juni 2020 een vier pagina’s tellend document geparafeerd en ondertekend dat bestaat uit een e-mail van 27 mei 2020 (pagina 1 en 2) en een ongedateerde e-mail die volgens Autogeld c.s. van 3 juni 2020 dateert (pagina 3 en 4). [3] Een Excel-bestand met een overzicht van de dealers waarmee partijen al voor het aangaan van de samenwerking zelf mee samenwerkten alsmede dealers waarmee partijen tijdens de samenwerking zelf mee zijn gaan samenwerken en een overzicht van dealers die partijen tijdens de samenwerking wilden gaan acquireren maakt onderdeel uit van de afspraken tussen partijen. [4] In de overeenkomst is onder meer een concurrentie- en relatiebeding en een geheimhoudingsbeding opgenomen.
3.Procesverloop
Eerste aanleg
Uitleg overeenkomst, algemeen
Samenwerkingsafspraken in de Overeenkomst
Beide partijen houden huidige dealers en relaties
Huidige dealers en contracten beide partijen’: ‘
Huidige dealers blijven bij jouw en doe je de aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze. Huidige dealers komen op een lijst en kunnen Wij niet benaderen en andersom. Relatie beding met boete 50K’.
Nieuwe Samenwerking’vermeld: ‘
Warme dealers via autogeld gaan we taart brengen voor het 1e contract. [verweerder 2][ [verweerder 2] , toev. hof]
gaat de dealers benaderen bezoeken, [betrokkene 1][ [betrokkene 1] , toev. hof]
rijdt de contracten uit indien mogelijk, [eiser 2][ [eiser 2] , toev. hof]
verwerkt de administratie en Doet de kantoor afspraken voor deze unit. In meax zullen we dit administreren onder accountmanager [verweerder 2] . Na 3 jaar gaan we kijken of deze unit een aparte BV moet krijgen. Dealers blijven Van autogeld en niemand kan deze afzonderlijk benaderen. Relatiebeding met boete 50K. opbrengsten gedeeld door 3 en kosten worden ook door 3 gedeeld. De formule is heel simpel waar we Samenwerken en waar we samen verdienen wordt verdeeld. Dit is ook de Insteek op de gemaakte provisie afspraken.’
Aanvullingen’vermeld: ‘
Donderdag aanvullingen bespreken. Dan kunnen we deze erbij plaatsen’.
Geen aanvragen via een andere tussenpersoon zonder toestemming, boete 25K per gebeurtenis
Concurrentie en relatiebeding 25K per gebeurtenis bij overtreding
Geheimhoudingsplicht voor alle activiteiten van de samenwerking, 25K per gebeurtenis
Aanvragen vanuit [verweerster 1] die wij moeten bewerken is 50/50 en indien wij ze moeten uitrijden is het 1/3. pp
Concurrentie en relatie beding 3 jaar na beëindiging van de overeenkomst
Relaties die we samen bewerken blijven eigendom van Autogeld Lease B.V.
[verweerder 2] zelf verantwoordelijk voor administratie contracten [verweerster 1]
[verweerder 2] heeft toegang tot meax en de infobox van autogeld lease
Bijlage dealer lijst [verweerster 1] en Autogeld Lease
(…)
De dealer lijsten zijn in excel aangeleverd
Dealerlijst voor acquisitie is ook bijgevoegd in excel.”
De [A] aanvragen
Geen aanvragen via een andere tussenpersoon zonder toestemming, boete 25K per gebeurtenis.’ Bij dit bulletpoint is verder geen context of uitleg gegeven. Autogeld c.s. stelt zich op het standpunt dat het verbod niet alleen geldt voor de partijen die volgens Autogeld c.s. haar klanten zijn, maar ook voor de overige (klanten via de) eigen relaties van [verweerder]
Huidige dealers en contracten beide partijen’ die inhoudt: ‘
huidige dealers blijven bij jouw en doe je de aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze.’”
Eigen relaties [verweerster 1]
Trouwens ff wat anders volgens mij mogen we voor onze samenwerking niet met andere tp’s zaken doen en staat daar boete op’, maar uit het antwoord van [verweerder 2] blijkt juist niét dat hij dat uit de Overeenkomst ook had begrepen. In tegendeel, hij antwoordt: ‘
Huh?? Jullie wel met mij maar niet nog extra tussenpersoon??’. Na het bericht ‘
Oh hahahaha Je hebt het over bd Lease zeker’ stuurt [eiser 2] ‘
Ja Iedereen heeft hetzelfde contract’. Op de vervolgvraag van [verweerder 2] ‘
wat is de boete?’ schrijft [eiser 2] : ‘
Moet ik contract ff pakken Doe ik later ff’, waarna [verweerder 2] kennelijk bij wijze van grap, te zien aan de emoji die erbij is geplaatst– antwoordt: ‘
Is goed Ik bel m’n advocaat alvast’.
Ik bel m’n advocaat alvast’) als volgt verder:
Nee ik zou deze gewoon aftikken is goedkoper denk ik’ ( [eiser 2] )
Hahaha Klootzak Maar was je serieus?’ (
[verweerder 2])
Voor de afspraak wel die hebben we volgens mij wel gemaakt dat zal ik ff checken Maar verder niet’ (
[eiser 2]).
Zal ook even kijken’, om 17:39u: ‘
ja staat erin’ en om 1740u: ‘
Idd goed punt om er wel in te hebben staan
Zeker eh zijn ook voor mij dezelfde afspraken we zitten net als de Ndrangetha aan elkaar verbonden’ en ‘
Zal je matsen dit keer koop maar leuk cadeau voor [betrokkene 2] in september’ sluit de conversatie af met het bericht van [verweerder 2] :
Bd Lease was natuurlijk ook een grapje dat snap je nu zelf ook’.
huidige dealers en relaties’ ook ‘
gezamenlijke relaties’ bestaan, ten aanzien waarvan is bepaald dat die ‘
van de BV’ blijven en door niemand afzonderlijk voor eigen rekening kunnen worden benaderd. De beide categorieën zijn verder uitgewerkt op pagina 3 van de Overeenkomst. Onder het kopje ‘
Nieuwe Samenwerking’ is uitdrukkelijk bepaald ‘
Dealers blijven Van autogeld en niemand kan deze afzonderlijk benaderen.’ Uit de verdere bepalingen met betrekking tot deze categorie blijkt geen keuzevrijheid bij het inschakelen van tussenpersonen. Als [verweerder] dus voor deze gezamenlijke relaties zonder toestemming andere tussenpersonen heeft ingeschakeld, betekent dit dat [verweerder] het verbod heeft overtreden.
Uitgangspunt van de samenwerking was wat er nu (destijds) is, is er en blijft voor [verweerder 2]. Daarnaast gaan wij gezamenlijk nieuwe relaties bewerken en hier allemaal profijt uithalen. Conclusie is, dat dit niet is gebeurd zoals staat omschreven in het samenwerkingsdocument. Dit was het hoofddoel van de samenwerking.’
van de BV’ zoals op pagina 2 en 3 van de Overeenkomst is bepaald. Autogeld c.s. stelt zich op het standpunt dat ook is afgesproken dat klanten voor wie gedurende de samenwerking al eens een lease- of financieringsovereenkomst via Autogeld c.s. is afgesloten, daarna klant van Autogeld c.s. blijven, ook als deze voortkomen uit de eigen relaties van [verweerder] Deze klanten staan volgens Autogeld c.s. in haar systeem en behoren tot een klantenportefeuille die juridisch en economisch haar eigendom is.
:’
Relaties die we samen bewerken blijven eigendom van Autogeld Lease B.V.’. Volgens Autogeld c.s. is ook bij aanvragen voor klanten uit het netwerk van [verweerder] intensief samengewerkt.
Beide partijen houden huidige dealers en relaties’. Als met de bulletpointbepaling werkelijk was bedoeld daarop alsnog een ingrijpende beperking aan te brengen, had het op de weg van Autogeld c.s. gelegen om dit voldoende duidelijk in de tekst van de Overeenkomst te vermelden. Nu dat niet is gebeurd, behoefde [verweerder] niet te begrijpen dat het zesde bulletpoint op pagina 4 van de Overeenkomst niet alleen naar de gezamenlijke relaties uit de Nieuwe Samenwerking verwees, maar ook op zijn eigen relaties zou slaan zodra een klant eenmaal via Autogeld c.s. had gecontracteerd.
Dit verbod gold slechts niet voor de klanten die [verweerder 2] reeds voor de samenwerking had en dus reeds via Fair.nu of een andere tussenpersoon had bediend.’ Zonder nadere uitleg is niet goed te begrijpen waarom, als van het gestelde branchegebruik wordt uitgegaan, klanten die al via Fair.nu waren bediend niet bij Fair.nu zijn gebleven toen de samenwerking eindigde, maar kennelijk bij [verweerder 2] bleven. Die uitleg heeft Autogeld c.s. niet gegeven.
Ontbinding/beëindiging Overeenkomst (vorderingen Autogeld c.s. sub iii en iv)
Periode van samenwerking:
De overeenkomst kan ontbonden worden na akkoord van alle partijen. Alle bepalingen blijven dan van kracht mits anders is besloten.’
[eiser 2] geeft aan dat er 2 mogelijkheden zijn Autogeld of [verweerster 1] . Iedereen mag zijn eigen keuze maken. Dit is puur zakelijke pro forma meeting en een weergave van alle keuzemogelijkheden met daarbij horende feiten.
Gezamenlijk spreken wij af dat [verweerder 2] het allemaal even laat bezinken en er maandag 17-02-2022 op terugkomt met zijn uiteindelijke keuze. Autogeld of [verweerster 1] zonder nog enige verdere invulling’.
In het gesprek van 14 januari jl. waarin met name de samenwerking tussen Autogeld BV en [verweerster 1] BV ter tafel is gekomen, lieten jullie weten dat jullie de voorwaarden van deze samenwerking zouden willen herzien. Ik kan daar echter niet mee akkoord gaan en zou graag onze huidige overeenkomst willen continueren. Mocht dat voor jullie geen optie zijn, is een beëindiging van de samenwerking het enige alternatief’. [verweerder 2] heeft daarbij een afwikkelingsvoorstel gedaan, onder andere met betrekking tot de nog lopende aanvragen.
Hoe is er gereageerd op de vraag van [verweerder 2] of de huidige samenwerking voortgezet kon worden?’ heeft [eiser 2] namelijk geantwoord: ‘
Dat er een afwikkeling moest komen.’ Weliswaar heeft Autogeld c.s. in hoger beroep deze verklaring willen nuanceren door te spreken over miscommunicatie, maar deze uitleg van de verklaringen van [eiser 2] overtuigt niet. Dat klemt temeer nu de advocaat van [eiser 2] in een tweetal brieven aan de rechtbank van 16 en 22 juni 2023 op verschillende punten kritiek op het proces-verbaal heeft geuit, maar deze miscommunicatie niet aan de orde heeft gesteld. Het hof gaat er dus van uit dat de mail van Autogeld c.s. van 27 januari 2022 wel degelijk op afwikkeling van de samenwerking gericht was.
daarnaast blijft het feit dat het huidige contract nog steeds actief is. dit betreft de afspraken en ook de clausules’. Daaruit kan echter niet voldoende duidelijk worden begrepen dat [eiser 2] bedoelde terug te komen op zijn eerdere boodschap van 14 januari 2022, die kort gezegd inhield dat het voortzetten van de lopende overeenkomst geen optie was. Als [eiser 2] hiermee werkelijk duidelijk wilde maken dat hij – bij nader inzien – de huidige Overeenkomst wilde voortzetten, en niet alleen zijn uitgangspunt bij de afwikkeling van de samenwerking wilde benadrukken, had hij dat duidelijker moeten opschrijven.
Alle bepalingen blijven van kracht mits anders is besloten’ aan het voorgaande ook niet af. De bepaling is letterlijk genomen zonder een logische betekenis. Als daarin in plaats van het woord ‘
mits’ het (tegenovergestelde) woord ‘
tenzij’ wordt gelezen, laat de bepaling onverlet dat partijen uit elkaars gedragingen hebben kunnen afleiden dat daadwerkelijk anders was besloten.
4.Bespreking van het cassatiemiddel
Haviltex-maatstaf. Die maatstaf houdt in dat het bij die uitleg aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de gesloten overeenkomst mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. [6] De rechter hoeft slechts in te gaan op de stellingen en verklaringen die van belang zijn voor de uitleg van een overeenkomst. [7]
[eiser 2] en [betrokkene 1] (hierna: [betrokkene 1] ) zijn respectievelijk 23 en 25 jaar actief in financieringsbemiddeling binnen de autobranche. [eiser 2] is meer dan tien jaar bevriend geweest met [verweerder 2] . [verweerder 2] was als zelfstandige aangesloten bij Fair Financieringsadvies B.V. tot hij daar begin 2020 een zakelijk geschil mee kreeg, hetgeen ertoe leidde dat die samenwerking werd beëindigd. [verweerder 2] vroeg zijn vriend [eiser 2] hem te helpen in de onderhandelingen over de afwikkeling van de samenwerking met Fair Financieringsadvies B.V.”
Gedurende die periode wilde [verweerder 2] zijn werk als tussenpersoon voortzetten en daarom vroeg hij [eiser 2] om zijn ( [verweerder 2] ) nieuwe klanten voorlopig onder het agentschap van Autogeld te plaatsen. Autogeld zou dus de tussenpersoon worden die die klanten zou bedienen. [verweerder 2] zou daarvoor een factuur aan Autogeld sturen die Autogeld zou betalen. Een klein deel van de provisie betreffende die klanten, te weten (gemiddeld) ca. 10%, zou aan [eiser 2] en [betrokkene 1] toekomen doordat die provisie binnen Autogeld zou blijven.”
In de periode april-juni 2020 lukt het [verweerder 2] niet om een eigen aanstelling/agentschap bij een financiële instelling te verkrijgen, vanwege de kleine omvang van zijn productie (klanten). Een tweede complicatie is dat bij het aanvangen van een nieuwe aanstelling de provisies veel lager zijn als de productie laag is. In deze branche werkt het volgens de wet van de grote aantallen: indien je als tussenpersoon veel ‘obligo’ (= in te zetten leasebedragen) kunt realiseren, krijg je betere provisieafspraken.”
[…] Dus wordt er gekeken naar een andere vorm van samenwerking waarbij het de nadrukkelijke wens van [verweerder 2] is om een samenwerking met een commitment van alle partijen voor de lange termijn aan te gaan, waarbij [verweerder 2] als een volwaardig lid van het team zou opereren, opdat hij door derden niet als een buitenstaander gezien zou worden. Daarom werd gekeken naar een samenwerking waarbij partijen gedurende drie jaar intensief zouden samenwerken en gedurende die periode ook toe zouden werken naar het oprichten van een gezamenlijke entiteit, opdat daarmee feitelijk tegemoet werd gekomen aan de wens van [verweerder 2] om als aandeelhouder samen te werken met [eiser 2] en ( [betrokkene 1] ). […]”
Door de samenwerking met [eiser 2] en [betrokkene 1] is [verweerder 2] onderdeel geworden van een team dat alles op orde had op het gebied van o.a. netwerk, infrastructuur en reputatie en een A-status had op het gebied van commerciële en financiële afspraken met financieringsmaatschappijen. Vóór de samenwerking leverde het dealernetwerk van [verweerder 2] ca. € 4.000 per maand aan provisie op. Na slechts achttien maanden samenwerking met [eiser 2] en [betrokkene 1] was deze provisie op basis van hetzelfde dealernetwerk gestegen naar circa € 33.000, waarvan slechts circa € 3.000 (10%) afgestaan werd aan Autogeld. Daarnaast liep [verweerder 2] geen enkel risico, omdat al het werk vanuit en op naam Autogeld uitgevoerd werd.”
Haviltex-maatstaf toepassen en uit r.o. 3.5 blijkt dat het hof die maatstaf voorop heeft geplaatst. In zoverre is van een onjuiste rechtsopvatting dan ook geen sprake. Voor het overige probeert het subonderdeel in essentie motiveringsklachten in de jas van een rechtsklacht te steken. Uit de motivering door het hof, die hierna en bij de bespreking van de onderdelen 2 en 3 nog uitvoerig aan de orde zal komen, blijkt volgens mij genoegzaam dat het hof niet slechts (en ook niet vooral) is uitgegaan van een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van de overeenkomst, maar dat het hof juist, mede aan de hand van de tekst van de overeenkomst, de bedoelingen van partijen heeft onderzocht. Waarom dat niet het geval zou zijn, licht onderdeel 1 in ieder geval onvoldoende concreet toe.
stelling (vii)betrekken en bij de bespreking van onderdeel 3
stelling (viii).
Geen aanvragen via een andere tussenpersoon zonder toestemming, boete 25K per gebeurtenis” en de bepaling “
huidige dealers blijven bij jouw en doe je de aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze.” Het subonderdeel verwijst naar randnummers 2.11, 2.21 en 2.22 van de memorie van grieven en doet een beroep op de stellingen van Autolease c.s. dat:
huidige dealers blijven bij jouw en doe je de aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze.” zo moet worden uitgelegd dat [verweerder] de keuze had om klanten die zij al voor het aangaan van de overeenkomst had verkregen ofwel via Autogeld ofwel via een ander agentschap te bedienen;
Relaties die we samen bewerken blijven eigendom van Autogeld Lease B.V.”).
huidige dealers blijven bij jouw en doe je aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze.” gaat over de
huidige dealersen dus niet overbodig is. Ik verwijs hierna naar deze stelling als stelling g.
huidige dealers blijven bij jouw en doe je de aanvragen zelf voor. Deze mag je indienen via autogeld of via eigen agentschap. De keuze is reuze.” heeft het hof geoordeeld dat Autogeld c.s. onvoldoende heeft onderbouwd waarom [verweerder] ook voor eigen relaties geen andere tussenpersonen mocht inschakelen (r.o. 3.14). Gelet op de verdere motivering van het hof is dit oordeel niet onbegrijpelijk. Bovendien lees ik stelling a eerder als een herhaling van de door Autogeld c.s. bepleite uitleg van de overeenkomst dan als een daadwerkelijke onderbouwing van die uitleg.
bullet pointsmaar het gehele document in één keer hebben ondertekend en iedere pagina, waaronder die met de eerder geformuleerde afspraken, afzonderlijk hebben geparafeerd (r.o. 3.14). Het hof heeft vervolgens overwogen dat als het de bedoeling van Autogeld c.s. was geweest om de
bullet pointssteeds voor te laten gaan op de eerder overeengekomen bepalingen, het op haar weg had gelegen om dat uitdrukkelijk in de overeenkomst op te nemen, temeer omdat er aan overtredingen van de bepalingen in de
bullet pointsforse boetes zijn verbonden (r.o. 3.14). Tegen deze achtergrond is het oordeel van het hof dat Autogeld c.s. onvoldoende heeft onderbouwd waarom [verweerder] tijdens de samenwerking voor eigen relaties geen andere tussenpersoon dan Autogeld mocht inschakelen, niet onbegrijpelijk.
stelling daan dat alle klanten voor wie [verweerder] Autogeld als tussenpersoon heeft ingeschakeld klant zijn geworden van Autogeld c.s. Deze stelling gaat niet in op de vraag of [verweerder] ook voor klanten die zij
tijdensde samenwerking
voor zichzelfhad geworven een andere tussenpersoon dan Autogeld mocht inschakelen en dus ook niet op het met dit subonderdeel bestreden oordeel in r.o. 3.14 en faalt daarom wegens gebrek aan belang. Zie in dit kader ook mijn bespreking van de in het kader van subonderdeel 1.1 aangevoerde stellingen (ix)-(xii) in randnummer 4.12. Bovendien heeft het hof stelling d in r.o. 3.21-3.28 in overweging genomen. Het hof heeft geoordeeld dat als Autogeld c.s. de bedoeling had om de bepaling “
Relaties die we samen bewerken blijven eigendom van Autogeld Lease B.V.” de bepaling “
Beiden partijen houden huidige dealers en relaties” te laten beperken, het op haar weg had gelegen om dit uitdrukkelijk in de overeenkomst op te nemen (r.o. 3.22). In dat oordeel ligt besloten dat de klanten die [verweerder] voor
zichzelfhad geworven,
voorof
gedurendede samenwerking, en via Autogeld heeft bediend, niet klant van Autogeld c.s. zijn geworden.
tijdensde samenwerking
voor zichzelfhad geworven een andere tussenpersoon dan Autogeld mocht inschakelen. Ook stelling e gaat dan ook niet in op het met dit subonderdeel bestreden oordeel in r.o. 3.14 en faalt daarom wegens gebrek aan belang. Bovendien heeft het hof stelling e in r.o. 3.21-3.22 in overweging genomen. Het hof heeft overwogen dat Autogeld c.s. heeft nagelaten om in de overeenkomst uitdrukkelijk op te nemen dat de bepaling “
Relaties die we samen bewerken blijven eigendom van Autogeld Lease B.V.” een beperking is van de bepaling “
Beiden partijen houden huidige dealers en relaties”. Als gevolg daarvan heeft [verweerder] volgens het hof niet hoeven begrijpen dat de eerste bepaling niet alleen op de gezamenlijke relaties uit de nieuwe samenwerking ziet, maar ook op de eigen relaties die zij via Autogeld heeft bediend (r.o. 3.22).
stelling vii(hiervoor onder 4.21 herhaald) gereageerd.
stelling (viii)te behandelen. Voor het leesgemak herhaal ik de stelling:
om een samenwerking voor drie jaar af te spreken, met de mogelijkheid van tussentijdse beëindiging als alle partijen daarmee instemmen”. Tussen partijen bestaat geen discussie over de mogelijkheid om de overeenkomst tussentijds te beëindigen. R.o. 3.38-3.46 draaien om de realisatie van deze mogelijkheid. Tegen deze achtergrond treft stelling (viii) in het kader van onderdeel 3 geen doel.
Mocht dat voor jullie geen optie zijn, is een beëindiging van de samenwerking het enige alternatief”. Oftewel: als [eiser 2] en [betrokkene 1] de huidige samenwerking niet willen voortzetten, wat blijkens de notulen van de bespreking van 14 januari 2022 het geval is, dan is beëindiging van de samenwerking het enige alternatief. [verweerder 2] heeft met zijn e-mail van 21 januari 2022 het aanbod van [eiser 2] en [betrokkene 1] aanvaard.