AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Matiging boete wegens overtreding tewerkstellingsverbod door platformbedrijf Uber Eats
De minister legde Uber Portier B.V., exploitant van het platform Uber Eats, een bestuurlijke boete van €32.000 op wegens het laten verrichten van arbeid door vier vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning. De rechtbank bevestigt dat Uber Eats als werkgever in de zin van de Wav moet worden beschouwd, omdat het platform feitelijke bemoeienis heeft met de uitvoering van de werkzaamheden van de koeriers en aan hen servicekosten in rekening brengt.
Uber Eats voerde aan dat zij slechts een platform is en geen werkgever, en dat de koeriers vrij zijn in het accepteren van opdrachten. De rechtbank verwierp dit, stellende dat het ruime werkgeversbegrip in de Wav ook platformbedrijven omvat. De minister heeft voldoende feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit blijkt dat Uber Eats invloed uitoefent op de arbeidsverhoudingen en het betaalproces.
De rechtbank constateert dat de overtredingen plaatsvonden door vier vreemdelingen die geen rechtmatig verblijf of vergunning hadden. Voor één vreemdeling werd de boete door de minister ingetrokken wegens onverwijtbaarheid. Voor de overige drie is sprake van normale verwijtbaarheid, omdat Uber Eats onvoldoende maatregelen had getroffen om vervalste documenten te detecteren.
De rechtbank oordeelt dat de boete evenwel gematigd moet worden wegens overschrijding van de redelijke termijn van ruim drie jaar en matigt de boete met 15%, waardoor het totaalbedrag op €10.200 wordt vastgesteld. De openbaarmaking van inspectiegegevens wordt niet onrechtmatig geacht. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De boete wegens overtreding van het tewerkstellingsverbod wordt gematigd van €32.000 naar €10.200.
Voetnoten
1.Wet arbeid vreemdelingen.
2.Kenmerk: 2000945/30.
3.Op grond van artikel 19a, eerste lid, van de Wav.
4.Op grond van artikel 19g, eerste lid, van de Wav.
5.Dit is de Technologieovereenkomst. Zie hierover verder onder overweging 5.2.
6.Algemene wet bestuursrecht.
7.Zie de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 30 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4367. 8.Restaurants kunnen er ook voor kiezen gebruik te maken van onafhankelijk van eiseres geregelde maaltijdbezorgers. Daarnaast kiest een klein gedeelte van de consumenten er volgens eiseres voor om de maaltijd zelf bij het restaurant op te halen.
9.Eiseres heeft op zitting toegelicht dat het introductieboekje een paar jaar geleden in de tassen zat die de koeriers konden bestellen, maar dat dit een aantal jaar geleden is vervangen door een optionele digitale training.
10.Dit staat in paragraaf 2.4 van de Technologieovereenkomst.
11.Eiseres en Uber Payments B.V. maken beide onderdeel uit van Uber Technologies, Inc.
12.Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 26 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2583. 13.Zie de memorie van toelichting bij de Wav, Kamerstukken II 1993-1994, 23 574, nr. 3.
14.Zie de memorie van antwoord bij de Wav, Kamerstukken II 1993-1994, 23 574, nr. 5.
15.Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
17.Dit staat in paragraaf 4.2 van de Technologieovereenkomst.
18.Dit staat in paragraaf 4.1 van de Technologieovereenkomst.
19.Zie voor de details onder de overwegingen 8.2 en 8.3.
20.Het boetenormbedrag staat in bijlage I van de Beleidsregel boeteoplegging Wet arbeid vreemdelingen 2020 (Beleidsregel).
22.Het gaat om [naam 1] , [naam 2] en [naam 3] .
24.Zie voor een beschrijving van het systeem Ubble overweging 9.2.1.
25.Zie het ‘Overzicht specifieke matigingsgronden bestuurlijke boete Wet arbeid vreemdelingen’ in bijlage II van de Beleidsregel.
26.Zie voetnoot 21.
30.Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
32.Zie de voornoemde uitspraak van de Afdeling van 20 november 2024.
33.College van Beroep voor het bedrijfsleven.
34.Zie onder meer de uitspraak van het CBb van 20 december 2022, ECLI:NL:CBB:2022:810, rechtsoverweging 7.10.3. 35.Per 1 februari 2025 is de Beleidsregel boeteoplegging Wet arbeid vreemdelingen 2025 in werking getreden. Op grond van artikel 5:46, vierde lid, van de Awb, gelezen in samenhang met artikel 1, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, dient de rechtbank dit nieuwe beleid toe te passen indien dit gunstiger voor eiseres is. In dit geval leidt toepassing van het nieuwe beleid naar het oordeel van de rechtbank echter niet tot een lagere boete of een anderszins gunstiger resultaat voor eiseres. De rechtbank zal in deze zaak daarom geen toepassing geven aan dit nieuwe beleid.