Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 februari 2018 in de zaak tussen
[naam] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Rechtbank Den Haag
Eisers, beiden Iraanse staatsburgers, hebben asiel aangevraagd op grond van hun gestelde bekering van de islam tot het christendom en de daaruit voortvloeiende problemen in Iran.
De rechtbank heeft het standpunt van verweerder gevolgd dat de bekering ongeloofwaardig is, mede omdat eisers onvoldoende concreet en persoonlijk hun motieven en het proces van bekering hebben toegelicht. Diverse verklaringen van kerken en eigen documenten werden meegewogen, maar konden het gebrek aan overtuiging niet wegnemen.
Eisers hebben verzocht om aanvullend horen vanwege een intensivering van hun geloofsbeleving in Nederland, maar dit werd afgewezen omdat dit tijdig bij het nader gehoor had kunnen worden aangegeven.
De rechtbank oordeelt dat er geen reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bestaat, mede omdat de geloofsuitingen van eisers in Nederland niet bekend zijn bij Iraanse autoriteiten.
De beroepen worden ongegrond verklaard en de asielaanvragen afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de asielberoepen af wegens ongeloofwaardige bekering tot het christendom.