ECLI:NL:RBDHA:2020:5784
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking Nederlanderschap en ongewenstverklaring wegens aansluiting bij terroristische organisatie
Eiseres, met dubbele nationaliteit, is het Nederlanderschap ontnomen en tot ongewenst vreemdeling verklaard omdat zij zich heeft aangesloten bij de terroristische organisatie ISIS en een leidinggevende rol vervulde in een onderdeel van deze organisatie. De besluiten zijn gebaseerd op een ambtsbericht van de AIVD dat voldoende overtuigend is bevonden door de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de intrekking van het Nederlanderschap gerechtvaardigd is op grond van artikel 14, vierde lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, waarbij is voldaan aan de motiveringsplicht en geen tegenbewijs is geleverd. De procedurele bezwaren van eiseres, waaronder het niet kunnen inzien van onderliggende stukken van het ambtsbericht, leiden niet tot een andere uitkomst.
Verder is geoordeeld dat de intrekking niet in strijd is met het verbod van discriminatie, omdat de maatregel gedragsgericht is en niet op grond van ras of nationaliteit. Ook is de maatregel proportioneel en noodzakelijk in het belang van de nationale veiligheid, en is rekening gehouden met de gevolgen voor het Unierechtelijk burgerschap van eiseres.
De ongewenstverklaring is eveneens gegrond verklaard, mede omdat eiseres geen familie- of gezinsleven meer in Nederland uitoefent en de maatregel proportioneel is in het licht van de nationale veiligheid. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van het Nederlanderschap en de ongewenstverklaring van eiseres wegens aansluiting bij ISIS.