ECLI:NL:RBDHA:2021:11242
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsom wegens niet-naleving last onder dwangsom woningwet
Eiser is eigenaar van percelen met panden in slechte staat en kreeg een last onder dwangsom opgelegd om binnen een termijn de overtredingen te beëindigen. Na controle bleek eiser niet volledig aan de last te hebben voldaan, waarna de dwangsom van € 75.000,- werd ingevorderd.
Eiser voerde aan dat de last onduidelijk was, de termijn te kort, en dat hij gedeeltelijk aan de last had voldaan. Ook stelde hij dat het financieel onmogelijk was de dwangsom te betalen en dat de situatie niet goed was betrokken bij het besluit. De rechtbank oordeelde dat deze gronden in de invorderingsprocedure niet aan de orde kunnen komen omdat zij al in eerdere procedures beoordeeld zijn.
De rechtbank benadrukte het belang van invordering van dwangsommen voor effectieve handhaving en vond geen bijzondere omstandigheden om van invordering af te zien. De financiële draagkracht van eiser werd niet voldoende aangetoond om invordering te weigeren. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit tot invordering bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de invordering van de dwangsom wordt ongegrond verklaard en het besluit tot invordering bevestigd.