ECLI:NL:RBDHA:2023:1685
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering behandeling asielaanvraag op grond van Dublinverordening afgewezen
Eiser, een bekende christelijke Pakistaanse advocaat, vreesde vervolging in Italië en stelde dat de Italiaanse autoriteiten hun internationale verplichtingen niet nakomen vanwege opvangproblemen. Verweerder had de asielaanvraag niet in behandeling genomen omdat Italië verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening en het interstatelijk vertrouwensbeginsel.
De rechtbank constateerde een motiveringsgebrek in het besluit van verweerder, omdat onvoldoende was ingegaan op de individuele situatie van eiser. Dit gebrek werd echter gepasseerd omdat verweerder in het verweerschrift en tijdens de zitting wel op de situatie van eiser was ingegaan en eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij bij overdracht aan Italië een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat de tijdelijke opschorting van overdrachten aan Italië vanwege opvangproblemen niet leidt tot het niet kunnen toepassen van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Ook waren er geen bijzondere individuele omstandigheden die een overdracht van eiser aan Italië onevenredig hard zouden maken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en verweerder werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering tot behandeling van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en verweerder is veroordeeld tot betaling van proceskosten.