Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Syrische nationaliteit, diende op 27 november 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder weigerde deze in behandeling te nemen omdat Bulgarije, op grond van de Dublinverordening, verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Dit werd bevestigd door een terugnameverzoek dat Bulgarije op 3 februari 2023 accepteerde.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Bulgarije niet langer geldt vanwege vermeende structurele tekortkomingen zoals pushbacks, slechte opvangvoorzieningen en beperkte rechtsbijstand. De rechtbank oordeelde echter dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat deze tekortkomingen in zijn geval gelden en dat het bijzonder hoge bewijsniveau niet is gehaald.
De rechtbank volgde de recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin werd bevestigd dat Dublinclaimanten in Bulgarije geen reëel risico lopen op schendingen zoals pushbacks en dat de opvang en rechtsbijstand adequaat zijn. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij na overdracht aan Bulgarije geen opvang zal ontvangen of dat hij onherstelbare schendingen zal ondervinden.
De rechtbank wees erop dat eiser tijdens zijn eerdere verblijf in Bulgarije opvang heeft genoten zonder dat daaruit ernstige tekortkomingen blijken. Ook is het aan eiser om klachten over schendingen bij de Bulgaarse autoriteiten in te dienen, waarvoor geen onmogelijkheid of zinloosheid is aangetoond. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.