Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [nummer] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatsecretaris
Inleiding
Het beroep van eiser
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen de ongewenstverklaring ongegrond;
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen de beëindiging van het verblijfsrecht niet-ontvankelijk.
Bijlage: Juridisch kader
(opmerking: er kan ook rekening worden gehouden met goed gedrag in de gevangenis en met een eventuele voorwaardelijke vrijlating).
(met inbegrip van de andere familieleden die het recht zouden hebben in het gastland te blijven);
(verwanten, bezoeken, talenkennis)– of het ontbreken van bindingen – met de lidstaat van herkomst en met het gastland
(de betrokkene is bijvoorbeeld geboren in het gastland of heeft er van jongs af gewoond);
(de situatie van een toerist verschilt van die van iemand die vele jaren in het gastland heeft gewoond);
- Onderdanen van de EU;
- Onderdanen van Zwitserland;
- Onderdanen van de EER;
- Familieleden van onderdanen van de EU/EER en Zwitserland; of
- Turkse werknemers en hun gezinsleden die een verblijfsrecht ontlenen aan Besluit 1/80.
- de burger van de Unie of diens familielid heeft van rechtswege niet langer rechtmatig verblijf;
- de burger van de Unie of diens familielid moet Nederland binnen vier weken uit eigen beweging verlaten, bij gebreke waarvan hij kan worden uitgezet;
- het instellen van bezwaar heeft opschortende werking tenzij artikel 8.24, derde lid, Vb van toepassing is; en
- het instellen van beroep heeft geen opschortende werking.
- het persoonlijk gedrag van de burger van de Unie of diens familielid een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt als bedoeld in artikel 8.22 Vb; of
- sprake is van rechtsmisbruik of fraude, als bedoeld in artikel 8.25 Vb.