ECLI:NL:RBDHA:2024:938
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
De rechtbank Den Haag heeft op 24 januari 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag. De staatssecretaris had de aanvraag afgewezen omdat Polen volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eiser stelde dat hij bij overdracht aan Polen risico loopt op pushbacks en direct of indirect refoulement, mede vanwege zijn moslimachtergrond en bekendheid in Turkmenistan. De rechtbank oordeelde dat deze vrees niet aannemelijk is gemaakt. Polen heeft via het claimakkoord garanties gegeven de aanvraag conform Europese richtlijnen te behandelen en eiser kon geen concrete aanwijzingen leveren dat dit niet zou gebeuren.
Ook het argument dat er een fundamenteel verschil in beschermingsbeleid tussen Nederland en Polen bestaat, werd verworpen omdat eiser dit niet met voldoende bewijs onderbouwde. De rechtbank zag geen reden om het beroep aan te houden in afwachting van prejudiciële vragen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.