ECLI:NL:RBDHA:2025:16561
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen plaatsing in HTL en vrijheidsbeperkende maatregel ongegrond verklaard
Eiser maakte bezwaar tegen zijn plaatsing in de Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) en tegen een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) en de minister van Asiel en Migratie. De plaatsing volgde op een incident waarbij eiser een baksteen door een ruit gooide, wat volgens het COa een herhaald en doelbewust patroon van vernieling betrof.
Eiser stelde dat het plaatsingsbesluit onbetrouwbaar was omdat het met behulp van een generatieve AI-tool zou zijn opgesteld, wat de juistheid van de feiten zou ondermijnen. De rechtbank oordeelde echter dat het COa slechts een taalhulpmodel gebruikte voor redactie en dat de feitelijke beschrijvingen werden bevestigd door stukken die zonder AI waren opgesteld. De ontkenning van eiser werd niet concreet onderbouwd en kon de verslaglegging niet weerleggen.
Verder betwistte eiser de rechtmatigheid van de vrijheidsbeperkende maatregel, stellende dat deze niet rechtsgeldig aan hem was uitgereikt. De rechtbank stelde vast dat het uitreikingsblad juist was ingevuld en dat eiser voor ontvangst had getekend, waardoor de maatregel rechtsgeldig was.
De rechtbank concludeerde dat het COa terecht had gehandeld conform het Maatregelenbeleid en dat de vrijheidsbeperkende maatregel niet onrechtmatig was. De beroepen werden ongegrond verklaard, het verzoek om schadevergoeding afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen het plaatsingsbesluit en de vrijheidsbeperkende maatregel worden ongegrond verklaard en de besluiten blijven in stand.