Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
6. In de zaak van eiser geldt dat de aanvraag op 15 augustus 2023 is ingediend en op 1 februari 2024 werd Nederland verantwoordelijk voor de asielaanvraag, gedurende de geldigheid van het BVM Soedan. Het BVM Soedan is op 9 juli 2024 beëindigd en de beslistermijn is op die datum gaan lopen. De wettelijke beslistermijn is geëindigd op 9 januari 2025. Eiser heeft na deze datum de minister gevraagd om alsnog binnen 14 dagen een beslissing te nemen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;
- draagt de minister op om binnen acht weken na de dag van het bekendmaken van deze uitspraak alsnog een besluit op de aanvraag bekend te maken;
- bepaalt dat de minister aan eiser een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 453,50.