Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.[de man] ,
[de vrouw] ,
gemachtigde: mr. J.R. van Staveren (USG Legal Professionals).
1.De procedure
- de dagvaarding van 26 juli 2024 van Afnemer;
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van Dexia, tevens
- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie van Afnemer,
- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie van Dexia;
- de conclusie van dupliek in reconventie van Afnemer, tevens houdende akte uitlaten
- de in het geding gebrachte producties.
2.De feiten
- in het incident/voorwaardelijk:
van de ondertekende overeenkomsten aan Afnemer te verstrekken,
- voor recht zal verklaren dat Dexia onrechtmatig heeft gehandeld jegens Afnemer
- voor recht zal verklaren dat Afnemer schade heeft geleden als gevolg van het
- Dexia zal veroordelen tot voldoening aan Afnemer van al datgene dat Afnemer aan
- Dexia zal veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten van Afnemer,
- Dexia zal veroordelen in de proceskosten en de nakosten, met wettelijke rente.
gemachtigde van Afnemer namens Afnemer in deze procedure ingenomen
feitelijke stellingen aan zijn ontleend aan Dexia te verstrekken,
gesloten overeenkomsten met contractnummers 23101131, 23101132, 23101133,
23101134, 39081054 en 39081069 aan al haar verplichtingen heeft voldaan en
derhalve niets meer aan Afnemer verschuldigd is,
4.3. Toepassing van deze jurisprudentie leidt in het onderhavige geval tot de volgende conclusies:
- een kopie van zes overeenkomsten van 8 maart 2001, voorzien van de vermelding:
- een kopie van een prognoseoverzicht van de afgesloten producten, op naam van Afnemer, met de vermelding “Uw adviseur: [naam 1] ”.
- een kopie van een uittreksel van de KvK van de tussenpersoon met als beschrijving van de activiteiten
- een schermafbeelding van de toenmalige website van de tussenpersoon waarop onder andere te lezen is:
€ 135,00