Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 maart 2026 in de zaak tussen
[eiser] , v-nummer: [nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting en leeswijzer
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Achtergrond van de aanvraag
Het bestreden besluit
Is er tussen eiser en zijn dochter sprake van een afhankelijkheidsverhouding?
De pedagogische betekenis van vaders’.De minister stelt zich daarover echter terecht op standpunt dat deze omstandigheid op zichzelf niet maakt dat eiser daarom aanspraak maakt op een verblijfsvergunning. De rechtbank legt dat hieronder uit.
- nog geen zes maanden feitelijk hebben samengewoond; en
- gedurende tenminste zes maanden een duurzame relatie onderhouden.
- de duur van de gezamenlijke huishouding;
- het dragen van zorg voor elkaar;
- het hebben van een gezamenlijk kind en daar de gezamenlijke zorg voor dragen;
- het hebben van gezamenlijke financiële verplichtingen of banden (hypotheek, gezamenlijke schulden of gezamenlijke bankrekeningen) of gezamenlijk grote aankopen of eigendommen;
- samenwoning in het verleden (in Nederland of in het buitenland); en/of
- de frequentie van het contact en elkaar zien.