ECLI:NL:RBDHA:2026:7149
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens onvoldoende precisering Woo-verzoek over communicatie PVV-bewindspersonen
Eiser verzocht op grond van de Wet open overheid (Woo) om openbaarmaking van alle communicatie tussen PVV-bewindspersonen, hun politieke assistenten en PVV-fractieleden vanaf 2 juli 2024 tot heden. Verweerder wees het verzoek af omdat het te algemeen was en deels partijpolitieke informatie zou betreffen.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek te algemeen is geformuleerd omdat geen specifieke aangelegenheid is genoemd, waardoor het een onbegrensd aantal onderwerpen omvat. Verweerder heeft onvoldoende inspanningen verricht om eiser te helpen het verzoek te preciseren, wat een verplichting is onder de Woo.
De rechtbank verwerpt het standpunt van verweerder dat het verzoek uitsluitend partijpolitieke informatie betreft, omdat niet alle communicatie daartoe behoort. Verweerder moet een nieuw besluit nemen waarbij het verzoek adequaat wordt gepreciseerd en beoordeeld.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser. De uitspraak benadrukt het belang van een duidelijke reikwijdte van Woo-verzoeken en de bewaarplicht van documenten die onder een Woo-verzoek vallen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen na adequate precisering van het Woo-verzoek.