ECLI:NL:RBGEL:2019:953
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoeken boetebeschikkingen Wet arbeid vreemdelingen
Eisers hebben bij afzonderlijke verzoeken de herziening van boetebeschikkingen gevraagd die hen waren opgelegd wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Deze verzoeken waren gebaseerd op recente arresten van het Hof van Justitie over de uitleg van het begrip 'leiding en toezicht' in grensoverschrijdende dienstverlening. Eisers stelden dat eerdere bestuursrechtelijke uitspraken onjuist waren geïnterpreteerd en dat de boetes onterecht waren opgelegd.
De rechtbank overwoog dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in eerdere uitspraken geen onjuiste uitleg van het gemeenschapsrecht had gegeven, ook niet in het licht van het arrest Martin Meat. De rechtbank concludeerde dat de feiten en omstandigheden in de zaken niet wezen op een onjuiste toepassing van het criterium 'leiding en toezicht'. Daarnaast voldeed geen van de zaken aan de cumulatieve voorwaarden voor herziening zoals gesteld in het arrest Kühne & Heitz.
De rechtbank wees ook het beroep op het arrest Essent af, omdat dit betrekking had op werknemers uit derde-landen, terwijl in deze zaken uitsluitend werknemers uit lidstaten waren betrokken. Gelet hierop verklaarde de rechtbank de beroepen ongegrond en wees de herzieningsverzoeken af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de herzieningsverzoeken af en verklaart de beroepen ongegrond.